VIDEOOTJE VOOR EN NA HET VOLLEYBAL

Kuipers/Zwolle komt dit seizoen met drie Russen uit in de hoogste afdeling van het Nederlandse volleybal. Onder aanvoering van een Chinese trainer mikken ze op een plaats in de top drie. Drie Russen in Zwolle.

Als Zwolle het imago van een saaie stad heeft, ligt dat in elk geval niet aan Victor Artamonov. “Als je daar op visite gaat, kom je niet weg voordat je een fles wodka op hebt.” Bert Deen, assistent-trainer en manager van eredivisieclub Kuipers/Zwolle, spreekt uit ervaring.

Artamonov, geconfronteerd met de wodka-anecdote: “Dat geldt alleen voor Bert. Als hij geen wodka krijgt, is hij niet tevreden.” De uit Letland afkomstige Rus voelt zich thuis in de provinciestad. Voor volleybal is de Overijsselse hoofdstad immers wat Heerenveen voor schaatsers is. Met tweeduizend toeschouwers is elke thuiswedstrijd een feest, dat traditioneel wordt ingeluid met het zingen van het Zwolse volkslied. Met Artamonov zingen nog twee Russische spelers en de Chinese trainer mee: “Ik ben een Zwollenaar...”

Artamonov, bedeeld met een ondeugende glimlach, is ook binnen de lijnen van het volleybalveld een vrolijke jongen. Een tikkeltje dominant, maar die eigenschap past goed bij zijn rol van spelverdeler en aanvoerder. Serveren doet hij net zo gemakkelijk met links als rechts. In de laatste competitiewedstrijd, vorige week tegen Link/AMVJ in Amstelveen, was hij aan de kant van Kuipers met 1 meter 92 de kleinste speler. “Hij heeft vrij lange armen en is razendsnel”, werpt Deen tegen. Dat maakt veel goed.

Bij Kuipers is Artamonov een van de drie spelers uit de voormalige Sovjet-Unie. De 36-jarige Rus heeft in de tien man sterke selectie gezelschap van zijn landgenoten Alexander 'Sasha' Grigorenko (28), die eerder in Zwolle speelde, en Victor Galatenko (29). Deze uit de Oekraïne afkomstige Rus is al twee jaar aan de club verbonden. Met de Chinese trainer, Wuquaing Pang, maken zij de club tot een bijzondere verschijning in de hoogste afdeling van het Nederlandse herenvolleybal.

De drie Russen zijn van een ander slag dan hun landgenoten die voor hen naar Zwolle werden gehaald. Deen: “Dat waren twee heel jonge jongens uit een Russisch boerendorp. In de supermarkt hier wilden ze alles wegkopen omdat ze bang waren dat al die spullen er de volgende dag niet meer zouden zijn.”

Hoewel ze alle drie buitenlander zijn, geldt Artamonov als een 'volleybal-Nederlander' omdat hij al minstens twee jaar in Nederland speelt. Hij valt daarmee niet onder de regeling die bepaalt dat elk team over maximaal twee buitenlanders mag beschikken. Tot nu toe stonden de drie nog niet samen in het veld - wel gezamenlijk erbuiten. Hoe dat voelde? “Niet goed. Zulke dure spelers, en dan op de bank”, schertst Artamonov. In werkelijkheid verdienen ze een inkomen net boven het minimumloon. “Dat we ernaast stonden, betekent niet dat we niet goed genoeg zijn. We zijn met tien goede spelers. Iedereen kan spelen, heeft de trainer gezegd, dus kan ook iedereen op de bank zitten.”

Grigorenko, Galatenko en Artamonov zijn drie verschillende persoonlijkheden, zegt assistent-coach Deen na de gemakkelijk gewonnen wedstrijd tegen Link/AMJV. In staccato-beschrijvingen zet hij ze neer: “De meest stugge is Galatenko, ik noem hem de Friese Rus. Hij is wat behoudend, weinig emotioneel. Punctueel. In zijn doen en denken een slimme jongen. Een heer.” Een dag later, na afloop van een training en de wekelijkse gezamenlijke maaltijd (macaroni), is Galatenko in de kantine van de club de meest stille van de drie. De introverte Rus is de tegenpool van Artamonov, die afwisselend aan zijn filtersigaret trekt, grappen maakt en lacht.

Deen heeft Grigorenko, de jongste van de drie en net als Artamonov een Rus uit Letland, leren kennen als “een echte vrijbuiter, een levensgenieter, een feestnummer, een gezellig mens”. Dat laatste is ook van toepassing op Artamonov, die van de drie het langst in Nederland verblijft. Zelfs binnen de lijnen is hij een clown. Voor hij naar Zwolle kwam, speelde hij drie jaar in Aalten. “Spreekt en schrijft goed Nederlands, net als zijn vrouw en dochtertje. Dat meisje ontwikkelt zelfs al een Zwols accent. Helemaal geïntegreerd, Nederlands in hun doen en laten.” De drie, allen getrouwd, gaan veel met elkaar om. “Ze trekken naar elkaar toe, zonder zich van de andere jongens te distantiëren”, zegt Deen. Waarom er spelers uit het buitenland zijn gehaald? Deen: “Je probeert de zes beste spelers van het land in je team te krijgen. Als dat niet lukt, kijk je wat verder. Echt nieuw zijn deze jongens ook weer niet. We kennen ze alle drie.”

Galatenko speelt zijn derde seizoen in Zwolle, Artamonov is in zijn vierde jaar in Nederland bezig bij zijn tweede club, Grigorenko keerde na een flirt in Polen ook weer naar Overijssel terug. Wat ze zo leuk vinden in Nederland? “Alles”, antwoorden ze. Op de vraag wat ze in hun vrije tijd doen: “Videobanden kijken”, zegt Artamonov. Niet van volleybalwedstrijden, maar Russisch ondertitelde Amerikaanse films. “Meestal actiefilms.”

Artamonov zoekt ook werk. Als enige van de drie beschikt hij over een werkvergunning die recht geeft op een baan buiten het volleybal. Maar het valt niet mee om een baan te vinden, terwijl dat financieel een welkome aanvulling op zijn bestaan in Zwolle zou zijn. Hoewel de Russen genoeg verdienen om er “fatsoenlijk” van te kunnen leven, is een baan noodzakelijk om hen in de samenleving te integreren, onderstreept technisch directeur Lex Honigh. “Je moet ze meer laten doen dan op bed liggen en naar Eurosport kijken. Je moet ze niet als nomaden laten leven.”

Artamonov studeerde rechten in Litouwen, destijds nog een Baltische staat binnen de Sovjet-Unie. “Ik ben elf jaar geleden afgestudeerd, heb nooit gewerkt, geen juridische praktijk gehad, beheers het Nederlands niet goed genoeg en de wetten zijn veranderd sinds Litouwen onafhankelijk is.” Een waslijst om aan te geven dat het met meester Artamonov nooit iets zal worden.

Hoewel zijn gloriejaren achter hem liggen - in 1983, '84 en '85 kwam hij uit voor het nationale team van de Sovjet-Unie - speelt Artamonov bij Kuipers/Zwolle een cruciale rol. De Rus staat aan de basis van de snelle buitenaanvallen en de vele aanvallen door het midden die het spel typeren. Met dat spel kan hij het team aan de top brengen; met dat doel voor ogen is hij ook naar Zwolle gehaald. Met een klassering als sub-topper wil niemand dit jaar genoegen nemen. Omdat de plaatselijke hoofdsponsor, kantoorfirma Kuipers, extra geld in het team pompte, konden naast Grigorenko en Artamonov ook de Nederlanders Edger Tinkhof en Albert Cristina worden aangetrokken.

Woensdagavond, na de training. De drie Russen gooien hun tassen in een door sponsors beschikbaar gestelde auto. Aandoenlijk tafereel: drie bomen van mannen - 1 meter 91, 1 meter 98 en twee meter lang - wurmen zich in het Corsaatje. Het betreft echter geen standaard-uitvoering; speciaal voor de volleyballers zijn stoelverlengers ingebouwd. Carpoolend rijden ze donker Zwolle in, op weg naar een Russisch ondertitelde actiefilm.

    • Ward op den Brouw