Triumviraat van het spoor zoekt zijn bestemming

In het jaar 2007 “zal worden gevochten om de aandelen van NS”, voorspelde Rob den Besten, voorzitter van de raad van bestuur, begin 1994 in zijn nieuwjaarsrede voor het personeel. En: “Na de fusie met de Deense, de Duitse en de Belgische spoorwegen zullen we als gevolg van de forse koersstijgingen nog meer in trek zijn”. Een half jaar later lag zijn bedrijf plat. Machinisten en conducteurs staakten in juni vorig jaar vier dagen achtereen. De boodschap was duidelijk overgekomen. Het spoorwegbedrijf wordt opgedeeld in commerciële eenheden en moet naar de beurs. Den Besten, benoemd om het karwei te klaren, wil met minder personeel een hoger rendement halen. Niet de eerder aangekondigde 3.500, maar 4.800 arbeidsplaatsen verdwijnen.

Onlangs dreigde een herhaling van de zomer van 1994. De spoorwegpolitie staakte twee dagen, lokettisten in Limburg en rijdend personeel in de Randstad morden over de slechte dienstverlening aan de reizigers door vertragingen een tekort aan personeel. De bonden noemden de situatie explosief. Ze drongen aan op snel overleg.

De raad van bestuur reageerde met de ongebruikelijke uitnodiging aan de bonden om samen enkele weken te overleggen over de wijze waarop de reorganisatie nu verder wordt uitgevoerd. Is het driemanschap van NS voldoende toegerust om de riskante operatie tot een goed eind te brengen?

Een portret van de leiding, geschetst door Harm van den Berg en Gretha Pama.

De grote opschudder

ROB DEN BESTEN (54). Sinds april 1992 de hoogste baas en zoals iedereen bij het bedrijf weet licht ontvlambaar. Sommigen vinden zijn manier van doen verfrissend, een voormalig medewerker noemt hem “een gifkikker”, die door zijn confronterende optreden het personeel van zich vervreemdt. Den Besten gaat af op een eerste indruk. Mag hij iemand niet, dan komt het niet snel weer goed. Dus ben je bij NS 'voor' of 'tegen' Den Besten. De sympathisanten vinden hem “gevoelig voor argumenten”, volgens het andere kamp “duldt hij geen tegenspraak”. Er zijn directeuren die met lood in de schoenen zijn kantoor betreden.

Den Besten studeerde economie in Rotterdam. Hij werkte bij het Openbaar Lichaam Rijnmond en bij Hoogovens. Achtereenvolgens was hij daarna directeur van het Rotterdamse vervoersbedrijf RET, secretaris-generaal van het ministerie van verkeer en waterstaat en president-directeur van Schiphol. Toen Den Besten overstapte naar NS, waarschuwden critici ervoor dat de springerige president-directeur weliswaar een aantal reorganisaties in gang had gezet, maar er zelf nog nooit één had afgerond.

Zeker is dat Den Besten het spoorwegbedrijf behoorlijk heeft 'opgeschud'. Daarbij lijkt hij zijn temperament te gebruiken voor het opsporen van talent. Mensen die zich bij het eerste het beste verwijt uit het veld laten slaan, moeten plaatsmaken voor enthousiaste lefgozers. “Het is zijn manier om te prikkelen. Hij spreekt mensen aan op hun verantwoordelijkheid.” Op veel kaderplaatsen zijn nieuwe, jongere mensen benoemd. Het heeft de relatie met de echte 'spoorman' bemoeilijkt. Conducteurs, machinisten en met het bedrijf vergroeide kadermedewerkers klagen erover dat de nieuwelingen “geen voeling” met het spoorwegbedrijf hebben.

Den Besten begon in 1992 met wat nu de 'zeepkist-bijeenkomsten' van Amersfoort worden genoemd. Hij wilde iedereen persoonlijk toespreken. “Hallo, ik ben Rob den Besten.” De performance was indrukwekkend, maar wie goed luisterde, begreep meteen dat op het met blauw laken bespannen podium iemand stond die weinig geduld met sub-optimaal presterend personeel zou hebben. Geen man die nog eens napraat over hoe-het-nou-precies-fout-ging en wat-we-daar-in-het-vervolg-aan-kunnen-doen. Na 'Amersfoort' volgde een groot aantal werkbezoeken. Daarna werd het stil. Want, vond Den Besten, nu moeten de directeuren hun verantwoordelijkheid nemen, te beginnen met die van NS Reizigers, het belangrijkste bedrijfsonderdeel, dat dan ook in Den Bestens portefeuille zit.

Dat is tot nu toe niet gelukt. NS Reizigers heeft inmiddels zijn derde directeur. Er zijn er die vinden dat Den Besten als aanjager weer “meer op de voorgrond moet treden”. Anderen menen dat hij “juist niks uit handen kan geven”, waarbij als voorbeeld soms de gang van zaken rond de staking van vorig jaar wordt aangehaald. Den Besten nam toen het roer over van de directeur van NS Reizigers, terwijl deze volgens de theorie van de decentralisatie zijn eigen verantwoordelijkheid had moeten houden.

De vraag is nu of Den Besten het bedrijf dat hij overhoop heeft gehaald, ook weer op orde kan krijgen. Want: “Het is een conceptueel mens. Een denker, geen voeler. Voor de effecten van zijn handelen heeft hij weinig oog.” In ieder geval zal hij niet langer alleen te werk kunnen gaan als de econoom en liberaal die het bedrijf klaarmaakt voor de markt.