Leider SPD kritisch over de Europese muntunie

BONN, 30 OKT. De Duitse regering krijgt het moeilijker met haar politiek ten aanzien van de invoering van de Europese Monetaire Unie (EMU) in 1999 en daarmee ook met de voorgenomen invoering van één Europese munt, nu de SPD zich als grootste oppositiepartij kritisch begint op te stellen. Afgelopen weekeinde heeft zowel SPD-voorzitter Rudolf Scharping als diens tegenvoeter in de partij Gerhard Schröder, de premier van Nedersaksen, zich kritisch uitgelaten over de EMU-afspraken.

Volgens Scharping, wiens SPD zwaar aangeslagen is door de maandenlange strijd in de partijtop - de zware klap die zij vorige week kreeg in de verkiezingen in Berlijn was daarvan een illustratie - moet de D-mark niet worden opgegeven voor “het een of andere idee dat uiteindelijk geen monetaire stabiliteit brengt”.

Schröder, die geldt als concurrent van Scharping voor de kanselierskandidatuur in 1998, waarschuwde ervoor dat in Duitsland “nog steeds grote angst bestaat voor inflatie”. In een toespraak in Hamburg voegde hij daaraan toe: “Het debat over de EMU moet met economische argumenten worden gevoerd, en met niets anders”. Die laatste opmerking lijkt vooral bestemd voor kanselier Helmut Kohl, die zich bereid heeft getoond met de EMU een prijs te betalen voor de “onherroepelijke” politieke integratie van Duitsland in Europa (door Scharping nu omschreven als “het ene of andere idee”).

In 1998 wachten weer Bondsdagverkiezingen, waarvan Kohls regeringscoalitie hoopt dat zij de EMU en het verdwijnen van de D-mark niet als centrale thema's zullen krijgen. Voor die hoop leek tot dusver wel reden, want de SPD had tot nu toe inzake de Europese integratie steeds vastgehouden aan de “nationale consensus” met de CDU/CSU en de FDP en in de Bondsdag unaniem steun gegeven aan het Verdrag van Maastricht en zijn vervolgafspraken.

Pagina 4: SPD ontdekt muntunie als onderwerp

De groeiende kritiek in Duitsland op de EMU, vooral op het verdwijnen van de D-mark, die voor veel Duitsers méér is dan zomaar een betaalmiddel, bleef zodoende voorshands nog zonder zichtbare politieke consequenties. Maar nu is gebeurd wat Kohls c.s. vreesden en wat Duitse kranten vanmorgen signaleren als: “De SPD ontdekt het Eurogeld als verkiezingsthema” (General Anzeiger), “Kanselier Kohl in zijn ruggemerg treffen, de SPD ontdekt de stabiliteit van de D-mark als campagnethema voor 1998” (Süddeutsche Zeitung) en “SPD-leiding mobiliseert (de kiezers) tegen Europa” (Frankfurter Allgemeine Zeitung). In een interview met het weekblad Der Spiegel zegt Schröder (“Er komt een geweldige controverse aan”) vandaag trouwens met zoveel woorden waar het om begonnen is: “(..) Eindelijk hebben wij sociaal-democraten weer een nationaal thema.”

Wat heeft men straks aan een monetaire unie als daartoe aanvankelijk alleen Duitsland, Frankrijk en Luxemburg kunnen behoren omdat landen met een zwakke munt als Groot-Brittanië, Spanje en Italië niet aan de toetredingseisen voldoen en dan in het vizier van internationale valutaspeculanten blijven?, aldus Schröder. Dat er op dit stuk ook binnen Kohl regeringscoalitie steeds meer meningsverschillen rijzen, bleek afgelopen weekeinde uit waarschuwingen van de Beierse premier Edmund Stoiber (CSU). In een gesprek met het persbureau DPA zei Stoiber namelijk dat “zorgvuldig bestudeerd moet worden” of straks de splitsing tussen wèl en niet tot de EMU toegelaten landen niet kan leiden tot “geweldige spanningen” in Europa.

Dat de in nood geraakte SPD, die over twee weken in Mannheim een congres houdt waar Scharping herkozen moet worden, ook op andere terreinen nieuwe politieke posities overweegt, bleek afgelopen weekeinde in Berlijn. Daar sprak een meerderheid van het regionale SPD-bestuur met een meerderheid van twee derden uit dat pas in januari een besluit valt over de vraag of de partij in de Duitse hoofdstad met de CDU verder regeert of niet. Tot die tijd moet met de Groenen/Bündnis '90 én de CDU worden onderhandeld over de vraag of, en zo ja: met wie, een coalitie-akkoord kan worden gesloten, danwel of de SPD in de oppositie moet gaan. Daarbij geldt dat de SPD in Berlijn alleen met de Groenen kan regeren of althans dan alleen een meerderheid heeft als de PDS meedoet of “gedoogsteun” geeft. Het SPD-bestuur in Bonn heeft sinds grote kritiek losbarstte nadat zij zomer 1994 een minderheidscoalitie met de Groenen met gedoogsteun van de PDS aanvaardde in de deelstaat Saksen-Anhalt, steeds verklaard niet meer direct of indirect met de PDS te willen samenwerken.

    • J.M. Bik