Dertig weken wachten op een toiletstoel

Ze organiseren geen demonstraties noch zullen zij overgaan tot de bezetting van het stadhuis. Toch staat veel gehandicapten en 65-plussers in Amsterdam het water na aan de lippen sinds op 1 april vorig jaar de Wet Voorzieningen Gehandicapten (WVG) in werking trad. Vanaf dat moment werden gemeenten verantwoordelijk voor de uitvoering van voorzieningen voor 65-plussers en gehandicapten. En vanaf dat moment regende het bij de Amsterdamse ombudsman klachten over langs elkaar heen werkende instanties, onheuse bejegening door keuringsartsen en het te lang moeten wachten op een gevraagde voorziening.

De gemeente Amsterdam besloot vorig jaar de stichting 'Tot en Met' in het leven te roepen die de aanvragen voor speciale voorzieningen van het begin tot het einde moet begeleiden. Een speciale afdeling van de sociale dienst en de stedelijke woningdienst nemen de uiteindelijke beslissing. De N.V. Zorgvoorzieningen Nederland verzorgt in opdracht van de gemeente de herkeuringen van mensen die eerder op grond van de AAW een voorziening ontvingen.

De goede bedoelingen pakten anders uit. Zo bleek dat de stichting Tot en Met in een aantal gevallen niet in staat was snel en adequaat aanvragers van relatief simpele voorzieningen te helpen.

Dat merkte een inwoonster van Amsterdam die begin januari een aanvraag indiende voor een simpele toiletstoel. Een adviseur van de stichting komt op 30 maart langs en deelt mee dat de afhandeling van de aanvraag wel zestien weken kan duren. Begin april wordt een positief advies over de aanvraag uitgebracht waarna het dossier naar de Stedelijke Woningdienst wordt gestuurd. Na twee maanden is er nog steeds geen stoel geleverd. Wel heeft de vrouw van de woningdienst een brief ontvangen dat een bouwkundig medewerker zich over de aanvraag heeft gebogen en dat een prijsopgave wordt gemaakt. Maar ze heeft helemaal niet om een bouwkundige voorziening gevraagd - alleen om een simpele toiletstoel. Omdat ze bang is dat een verkeerde stoel wordt geleverd, belt de vrouw met de woningdienst. Daar heeft men voor haar een in hoogte verstelbare toiletstoel in petto. Maar die wil ze helemaal niet. Waarop de bouwkundige haar verzekert dat als er een verkeerde stoel wordt geleverd, ze die net zolang kan ruilen tot de goede is gearriveerd. Dat gebeurt uiteindelijk na dertig weken.

Ook het gehandicaptenvervoer is sinds de invoering van de WVG veranderd. De vergoeding voor taxikosten is verminderd. Mensen met een inkomen van 40.000 gulden ontvangen niets meer, minima krijgen 1.000 gulden per jaar, rolstoelgebruikers jaarlijks 1.700 gulden. “Vroeger was een jaarlijkse vergoeding van 3.000 gulden reëel”, aldus M. Dolman van de Stichting Gehandicapten Overleg Amsterdam (SGOA). Gehandicapten zijn nu vooral aangewezen op Stadsmobiel, een oproepbus waarin zeker rolstoelgebruikers zich niet op hun gemak voelen omdat het in- en uitrolsysteem onveilig wordt gevonden. De telefonische bejegening (“Wij zijn vol, wij zijn geen taxi”) liet ook te wensen over, maar sinds enige tijd is een trainer in de telefooncentrale aangesteld om medewerkers te leren hoe ze op een fatsoenlijke manier de zwakkeren in de samenleving te woord moeten staan. Morgen wordt een aparte lijn geopend waar gebruikers van WVG-voorzieningen met hun klachten terecht kunnen (55.24.100). Gehandicapt zijn in Amsterdam is bijna een dubbele handicap.