Van politieman tot maatschappelijke ceremoniemeester

Aan de rand van mijn woonplaats, tussen het rijtje reclameborden waarmee projectontwikkelaars al jaren dezelfde toplokaties aan ondernemend Nederland proberen te slijten, staat nog niet zo lang een opvallende nieuwkomer.

Telkens als ik dit bord passeer moet ik er weer diep over nadenken. Vooral de laatste weken, nu Van Traa de verbijsterende omvang van het politie-gestuntel in ons land zo koel en droog in beeld brengt, overvalt me een klamme angst als ik de boodschap tot mij door laat dringen. “Dit gebied wordt beveiligd door Regiopolitie Kennemerland en Securop”. De heldere belettering, en de twee fraaie logo's moeten voor een geruststellende uitstraling zorgen, maar in mijn geval werkt dat helaas averechts. Want wat wordt hier in hemelsnaam gecommuniceerd? Wat is hiervan de bedoeling? Welke strategisch concept zit hier achter?

Natuurlijk, met een zekere welwillende ironie is de mededeling te beschouwen als een poging van de politie om haar gebutste imago bij het publiek wat op te poetsen. Mocht de burger het vergeten zijn, dan helpt dit bord hem herinneren dat in Haarlem de politie zijn stad beveiligt. En voor de bezoeker is dat ook prettig om te weten. In dit opzicht is zo'n boodschap aan de stadsgrens een logisch onderdeel van een 'breed pr-beleid', waarin de kerndoelen van de organisatie voortdurend zo duidelijk mogelijk “naar de consument toe worden vertaald”. Ik heb daar als modern burger alle begrip voor, ook al word je er op den duur nogal simpel van.

Maar er moet meer aan de hand zijn. Het bord past namelijk ook in een langlopende ontwikkeling bij de politie (voor de oorzaken daarvan verwijs ik u naar het eindrapport van de commissie Van Traa), die ertoe leidde dat het eigenlijke politiewerk met de jaren steeds symbolischer werd. Daar bedoel ik mee dat het in onze tijd helaas vanzelf spreekt dat agenten louter voor de vorm ergens bij ingeschakeld worden, zonder dat iemand daarvan ook maar enig resultaat verwacht. Of het nu een aanrijding, een drugstransport, een voetbalwedstrijd, een inbraak of een beroving is: de politieman komt, meestal na afloop, kijken en that's it. De gedupeerde wordt geacht de zaak verder zelf af te ronden. In het beste geval krijgt hij nog een kop koffie en, als het leed daarmee niet geleden is, het adres van het plaatselijk Steunpunt Slachtofferhulp.

Deze versmalling in functie tot een soort ceremoniemeester bij maatschappelijke ongelukken heeft bij de agent tot een zeer passieve taakopvatting geleid. Het aanwezig zijn beschouwt de duur opgeleide politieambtenaar meestal als zijn kerntaak, en het valt te begrijpen dat men binnen de organisatie onder druk van bezuinigingen op zoek is gegaan naar goedkopere oplossingen. Eén manier is gewone agenten te vervangen door nep-agenten, die er echt uitzien en heel goed koffie kunnen schenken, maar verder geen deuk in een zak aardappelen kunnen slaan. Deze mensen fungeren als wandelende uniformen die voor het symbolische blauw op straat zorgen. Een nadeel van deze oplossing is dat deze surveillanten toch, ook al komt het uit de pot van Melkert, betaald moeten worden, en dat zij op hun beurt weer gesurveilleerd moeten worden door echte agenten. Dus ligt de volgende stap voor de hand en probeert men de werkelijkheid te vervangen door nog meer fictie: het reclamebord.

Zo beschouwd berust de Haarlemse boodschap dat de politie voor beveiliging zorgt, net als alle andere reclame, op niets anders dan het geloof dat de passerende burger eraan hecht. En dat laatste vormt natuurlijk de achilleshiel van de symbolische politiestrategie. Zeker in de regio Kennemerland, waar op het hoofdbureau miljoenen aan drugsopbrengsten onder de stoelen voorbij stroomden en de dienstdoende ambtenaren alleen maar hun benen optrokken. Dit gebrek aan geloofwaardigheid moet ook de reden zijn voor de geniale toevoeging aan de boodschap: niet alleen het regiokorps zorgt voor de beveiliging, maar ook Securop!

Securop...? Wie is dat? Wat is dat? Op het reclamebord staat alleen dat logo, en in de Gouden Gids vindt men onder het kopje 'Bewaking en Beveiliging' wel tweehonderd integere bewakingsdiensten, maar niet één die zich tooit met deze raadselachtige samentrekking van Securitate en Robocop. Is Securop dan de codenaam voor een nieuwe, wellicht interregionale politieactiviteit? Een soort methode misschien, waarmee, door toepassing van experimentele beveiligingstechnieken en innovatieve bewakingstechnologie de bescherming van de burgerij geoptimaliseerd kan worden? Tot ver in de volgende eeuw, en met blijvend resultaat?

Als eenvoudig burger weet je dat allemaal niet, en ben je overgeleverd aan de suggestie die van de boodschap uitgaat. Wie daarvoor openstaat, zal gesterkt door deze belofte zijn weg vervolgen en, mocht er 's nachts glas rinkelen in de vestibule, met hernieuwd vertrouwen 06-11 draaien.

Maar wie, zoals ik, door de parlementaire enquête beroofd is van de illusie dat de Nederlandse agent tot meer in staat is dan het tijdig optrekken van de voeten, met of zonder Securop, zal zich afvragen of dat bord überhaupt wel door de politie is geplaatst. Landlopers hadden de gewoonte om huizen waar iets te halen viel, voor collega's te merken met een onopvallend kruisje bij de voordeur. Misschien is dit een eigentijdse variant die past bij de zelfbewuste, uitdagende communicatiestijl van crimineel Nederland, gewend als het is aan de natuurlijke voorsprong op welk regiokorps dan ook.

Ik hoop dat de commissie de komende week tijd vind om deze mogelijkheid serieus te bekijken.

    • Jaap Boerdam