Tappende grijsaard steelt show in Carré

Voorstelling: Black & Blue, met Maxine Weldon, Byrdie Green, Melba Joyce, Bunny Briggs, Dominique Kelley, e.a. Muziek o.l.v. Sy Johnson. Regie: Claudio Segovia. Gezien: 26/10 in theater Carré, Amsterdam. Aldaar t/m 11/11. Chassé Theater, Breda, 9 t/m 19/1.

Zeven meiden en zeven jongens, allemaal even jeugdig en energiek, vormen het middelpunt van de Amerikaanse show Black & Blue. Voortreffelijke dansers zijn het, die een onvervaard tap-nummer even goed aankunnen als een ontspannen ogende shuffle of één van die strakke, geometrische patronen uit de Hollywood-musicals uit de jaren dertig en veertig. Ze gaan bovendien vergezeld van vijf doorgewinterde tap-solisten (de zogenaamde hoofers), vier zangeressen van formaat en een tienmans-orkest met Fats Waller, Duke Ellington, Jerry Roll Morton en W.C. Handy op het repertoire.

Hoe kan een voorstelling met zoveel swing-potentie dan toch zo looiig en levenloos zijn als wat ik gisteravond te zien kreeg? Afgezien van de trage scènewisselingen, waar wellicht in de komende voorstellingen wat meer tempo in komt, moet dat in de eerste plaats aan de enscenering liggen. De produktie die de Argentijnse theatermaker Claudio Segovia - bekend van de ook hier vertoonde Tango Argentino - van al dat prachtige materiaal heeft gemaakt, bestaat uit een saaie opeenvolging van losse nummers die niet de kans krijgen elkaar aan te steken.

Zang, dans en muziek blijven van elkaar gescheiden door een overvloed aan neerdalende en opstijgende gordijnen, grijze achterdoeken en kleurloze zetstukken. Bijna alle zangsoli spelen zich statisch af op een leeg toneel. Het grappig-dubbelzinnige If I can't sell it I'll keep sittin' on it, dat is gemáákt voor interactie tussen zangeres en publiek, wordt zelfs helemaal achterop het toneel gezongen. En het orkest is alleen in beeld bij twee instrumentale nummers, waarbij hun plateau tijdens de muziek hinderlijk naar voren en weer naar achteren schuift - als om te laten zien hoe metersdiep de toneelvloer is.

Een grote attractie van Black & Blue vormt de 74-jarige Bunny Briggs, een icoon in de tap-geschiedenis die met deze povere revue zijn laatste tournee maakt. Hij draagt zijn leeftijd met gratie; zijn solo is een toonbeeld van elegante charme en distinctie. Tegenover hem staat het 13-jarige wonderkind Dominique Kelley die met de losse enkels van een volleerd tapper de traditie voortzet. Hoe spijtig dat in de stalles van Carré, door de opstaande toneelrand, geen voeten te zien zijn!

Maar spijtiger is de fantasieloze enscenering, waarin zoveel talent niet wordt gebruikt om de voorstelling tot één fonkelend feest te maken.

    • Henk van Gelder