Tandartsen: ontsmetting is in orde

DEN HAAG, 28 OKT. “Patiënten lopen geen enkele kans om op welke wijze dan ook geïnfecteerd te raken.” Dit zegt een woordvoerder van de Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Tandheelkunde (NMT), A.G.M. Rietmeijer, in reactie op een onderzoek van de Inspectie Gezondheidsbescherming.

Eén op de drie tandartsen gebruikt een verboden desinfectiemiddel om van instrumenten, hulpmiddelen en behandelruimte te reinigen. Tweehonderdvijftig van de in totaal ongeveer 6.000 tandartsen werden thuis bezocht. Het middel is verboden omdat het onvoldoende ontsmet. “Àls er al iemand risico loopt is dat de assistent die de instrumentaria desinfecteert”, aldus Rietmeijer.

Patiënten, assistenten en tandartsen zouden volgens het onderzoek virusinfecties kunnen oplopen. Alle tandartsen zijn voorgelicht over welke desinfectiemiddelen zij mogen gebruiken.

De NMT onderschrijft dat bepaalde desinfectiemiddelen niet gebruikt dienen te worden maar vindt de uitkomst van het onderzoek niet alarmerend. “We doen er alles aan om het gebruik van deze middelen terug te brengen. Uit onze informatie blijkt dat in een jaar tijd het gebruik door tandartsen is gehalveerd.”

Uit het inspectieonderzoek blijkt dat een aantal tandartsen de verkeerde middelen gebruikte omdat fabrikanten alleen op basis van het middel garantie op apparatuur gaven. Rietmeijer verwerpt deze constatering. Hij meent dat de meeste artsen hun voorraad opmaken. “Er mogen alleen nog desinfectantia met een N-nummering op het etiket gebruikt worden. Maar veel tandartsen gebruiken hetzelfde middel uit een vorige zending toen de N nog niet was ingevoerd.”