Radicale hervormers treden toe tot de coalitieregering; Estse crisis al weer snel voorbij

Estland maakt snel en geruisloos een eind aan zijn eerste regeringscrisis sinds de uitroeping van de onafhankelijkheid. Premier Tiit Vähi, midden deze maand afgetreden na een afluisterschandaal, dat al snel als 'Ests Watergate' bekend kwam te staan, en binnen enkele dagen door president Lennart Meri herbenoemd, legt de laatste hand aan een nieuwe regering. Het belangrijkste verschil met de vorige is de opname van de radicale Hervormingspartij in de regering. En dat is, waar het de economische en politieke stabiliteit van Estland betreft, zowel een belofte als een gevaar.

De regeringscrisis in Estland brak uit op 11 oktober, toen Vähi de tweede man van de regering, minister van binnenlandse zaken Edgar Savisaar, ontsloeg. Savisaars positie was onhoudbaar geworden nadat was onthuld dat hij (of een van zijn medewerkers) geheime bandopnamen had gemaakt van besprekingen met Vähi, andere prominente politici en zakenlieden tijdens de vorming van Vähi's vorige regering, afgelopen lente.

De onthulling leide tot een crisis binnen de regeringscoalitie. De KMÜ, het tweepartijenblok dat wordt gevormd door Vähi's Coalitiepartij en de Boerenunie van ex-president Rüutel, brak met Savisaars Centrumpartij wegens haar weigering Savisaar vrijwillig uit de regering terug te trekken. President Meri oordeelde dat sprake was van meer dan zomaar een schandaal: “Dit is de crisis van de democratische staat.” Vähi diende daarop het ontslag van zijn kabinet in.

Daarmee werd de weg geopend voor een nieuwe coalitie, waarin de KMÜ niet langer samenwerkt met de Centrumpartij, maar die partner inwisselt voor de belangrijkste oppositiepartij, de Hervormingspartij van Siim Kallas. Deze nieuwe coalitie kreeg donderdag de steun van het Estse parlement.

Daarmee heeft Vähi's tweede regering een andere signatuur dan de eerste, dat geen prominente hervormers telde en zich de afgelopen maanden sterk heeft gemaakt voor wat Vähi noemde een “sociaal georiënteerde markteconomie”. Vähi's Coalitiepartij bestaat uit voormalige nomenklatoeristen en Rüutels Boerenunie uit links georiënteerde vertegenwoordigers van boeren en gepensioneerden. Beide groepen verzetten zich tegen al te drastische hervormingen. Dat geldt vooral voor de Boerenunie, die de Estse boeren met subsidiëring van de landbouw en hoge tariefmuren wil beschermen tegen de import van goedkope voedselprodukten en die een vangnet voor de hard door de hervormingen getroffen bejaarden eist.

De toetreding van Siim Kallas' Hervormingspartij brengt een koerswijziging: Kallas, de 'vader van de Estse kroon', zowel minister van buitenlandse zaken als vice-premier in het nieuwe kabinet, is een compromisloze hervormer, die weinig water in de wijn zal willen doen op het gebied van de sanering van de landbouw, open grenzen en de volgende fase van het privatiseringsproces. Estland heeft van alle voormalige Sovjet-republieken het snelst, het meest effectief en het meest succesvol hervormd, maar op het gebied van de privatisering staat de belangrijkste krachtproef, de privatisering van de grote staatsbedrijven, nog voor de deur.

Enerzijds zal de nieuwe regering van Vähi dus duidelijker hervormen dan de vorige, anderzijds zal ze voortdurend onder de spanning staan die voortvloeit uit de inherente tegenstelling tussen de Boerenunie en de Hervormingspartij: hoe de laissez-faire-economie die Kallas voorstaat te verenigen is met de bescherming die de Boerenpartij de sociaal zwakste groepen wil blijven bieden, is niet duidelijk. De Boerenunie heeft al laten weten een 'apart blok' te gaan vormen binnen de KMÜ om zonodig tegen hervormingen te opponeren. Dat is een serieus gevaar voor de stabiliteit van de nieuwe regering. Vähi kan rekenen op 60 van de 101 zetels in het parlement. De Boerenunie met haar 'aparte blok' telt 23 zetels en kan aldus cruciale hervormingsvoorstellen tegenhouden.

De nieuwe coalitiepartners zijn het vorige week eens geworden over de instelling van een kwaliteitscontrole op importprodukten, in plaats van de hoge tariefmuren voor landbouwprodukten. Tevens is afgesproken het privatiserings- en het decentralisatieproces voort te zetten en de munt, de kroon, te beschermen. Estland zal blijven streven naar volledige integratie in Europa, in zowel de EU als de NAVO.

De Centrumpartij is na de crisis naar de oppositiebanken verwezen en het politieke lot van Edgar Savisaar is bezegeld. Die val is diep en tragisch, want de voormalige premier kan worden bestempeld als de locomotief achter het Estse onafhankelijkheidsstreven van 1988-1990, als de nestor van de jonge Estse politiek en - hoewel pas 45 jaar oud - als de vader van een hele politieke klasse in Estland. Zijn rol is uitgespeeld: de Centrumpartij heeft inmiddels op een buitengewoon congres een nieuwe leider gekozen, Andra Veidemann. Edgar Savisaar woonde dat congres niet eens meer bij.

    • Peter Michielsen