'Peruanen geloven in de economie'

Peru leek enkele jaren geleden economisch nog ten dode opgeschreven. Onder leiding van president Alberto Fujimori en minister van financiën en economische zaken Jorge Camet beleeft het land echter een opmerkelijke ommekeer. De Peruanen geloven weer in de economie. Een gesprek met een bewindsman die zich meer ondernemer dan politicus voelt.

DEN HAAG, 28 OKT. Hij verdiende zijn sporen als ondernemer, maar in 1992 benoemde President Alberto Fujimori hem onverwacht tot minister van economische zaken en financiën van Peru. Jorge Camet (68), in Europa voor gesprekken met donorlanden, beschouwt het “drastisch economisch herstel” van zijn land.

In 1990 leek de economie van Peru ten dode opgeschreven. Het bruto nationaal produkt per hoofd van de bevolking lag op het niveau van begin jaren zestig. Het land had te kampen met een gierende inflatie van 500 procent. De guerrillabeweging Lichtend Pad zaaide dood en verderf en dat was voor buitenlandse investeerders een belangrijke reden het land te mijden.

Vijf jaar later is de situatie veranderd. Met een groei van bijna 13 procent was de Peruaanse economie vorig jaar de snelst expanderende ter wereld. De inflatie is onder controle en komt dit jaar waarschijnlijk rond de 11 procent uit. Het Lichtend Pad is sinds de arrestatie van leider Abimael Guzman in 1992 geen schijn meer van de organisatie die Peru tien jaar lang in de ban hield. Zelfs het grensconflict met Ecuador kon begin dit jaar het enthousiasme van buitenlandse investeerders nauwelijks afremmen.

In de afgelopen jaren heeft Peru grote economische veranderingen doorgemaakt. Wat zijn de belangrijkste maatregelen die hebben gezorgd voor het opmerkelijke herstel?

“De overwinning op het Lichtend Pad is inderdaad van enorm belang geweest. We hebben ze totaal verslagen. Het land is volledig gepacificeerd. Buitenlandse investeerders hebben absoluut niets meer te vrezen. We hebben de economie volledig opengesteld. De restricties op buitenlandse investeringen zijn afgeschaft en volgend jaar ronden we een succesvol privatiseringsprogramma af. De importtarieven zijn teruggebracht van gemiddeld 75 naar gemiddeld 15 procent. Subsidies zijn afgeschaft. Het belastingsysteem is vereenvoudigd. Met een stabiliseringsprogramma hebben we de inflatie teruggebracht. De privatisering van meer dan 50 staatsbedrijven heeft tot op heden ongeveer vier miljard dollar opgebracht.”

Zijn de hervormingen in Chili voor uw land een voorbeeld geweest?

“Op een bepaalde manier gaat de implementatie van de vrije-markteconomie bij ons zelfs verder dan in Chili. Beperkingen op im- en export van kapitaal zijn volledig afgeschaft, de munt kan vrij fluctueren en ook de privatiseringen voeren we consequent door. Vorige week is het energiebedrijf van Lima geprivatiseerd de oliemaatschappijen volgen binnenkort en we eindigen met de banken die nu nog in handen zijn van de staat. Volgend jaar zal het privatiseringsprogramma zijn afgerond.”

Net als Mexico vorig jaar combineert Peru een snel groeiende economie met een relatief groot tekort op de lopende rekening van de betalingsbalans. Is een crisis als in Mexico eind vorig jaar denkbaar in Peru?

“De politieke onrust in Mexico was een belangrijke reden voor de crisis. Op het moment dat de spanning in de Mexicaanse deelstaat Chiapas een hoogtepunt bereikte kwamen wij de problemen te boven. Er zijn belangrijke verschillen tussen beide landen. Mexico heeft een enorme schuld in geïndexeerde obligaties. Peru heeft geen interne schulden. Het tekort op de lopende rekening wordt gefinancierd met langlopende schulden. Zestig procent van onze importen betreft kapitaalgoederen, waarmee op termijn weer een hogere export kan worden gerealiseerd. Buitenlandse mijnbouwbedrijven hebben zich vastgelegd de komende jaren zo'n acht miljard dollar in Peru te investeren. Dat zijn langlopende investeringen, dat geld kan Peru niet plotseling weer uitstromen. Ik ben overigens wel van mening dat de groei in 1994 erg hoog was. Door onder meer de overheidsbestedingen terug te brengen streven we dit jaar naar een groei van 7,5 procent.”

Samen met de visvangst genereert de mijnbouw ongeveer 60 procent van de buitenlandse deviezen die Peru jaarlijks ontvangt. Maakt de sterke oriëntering van Peru op de mijnbouw de economie niet erg kwetsbaar?

“De Peruaanse economie is meer dan mijnbouw alleen. De visserijsector wordt gemoderniseerd. Door modernisering in de visverwerking kunnen we 20 tot 25 procent meer produceren zonder meer te vangen. Het Peruaanse klimaat biedt enorme mogelijkheden voor de ontwikkeling van de landbouw. Nu al verdienen we jaarlijks 80 miljoen dollar met de export van asperges. Dat kan ook met andere landbouwprodukten. Ook de toeristenindustrie is enorm belangrijk. Het aantal toeristen dat ons land zal in vergelijking met vorig jaar verdubbelen tot vijfhonderdduizend. The country is moving.”

“We onderhandelen met Shell over olieproduktie in de omgeving van Cuzco. In december verwachten we een contract af te sluiten voor dit nieuwe project met Shell als belangrijkste partij en Mobil als partner. We onderhandelen nog over het investeringsbedrag. Inclusief pijpleidingen voor gas en olie zijn daarvoor investeringen nodig van zo'n vier miljard dollar.”

Ofschoon de macro-economische gegevens van Peru elke functionaris van het Internationaal Monetair Fonds als muziek in de oren moeten klinken leeft de helft van de 23 miljoen Peruvianen onder de armoedegrens. Bezuinigingen op het ambtenarenapparaat hebben velen hun baan gekost. Hoe bestrijdt de regering de armoede en werkloosheid?

“Binnen vijf jaar zijn achthonderdduizend nieuwe banen gecreëerd. Dat zijn geen cijfers van de regering, maar van de Wereldbank. Mensen die hun baan als ambtenaar verloren hebben van de regering geld meegekregen. Daarmee zijn ze een nieuw bestaan begonnen. Bijvoorbeeld als taxi-chauffeur of in het informele circuit.”

Op welke manier heeft de bevolking van het macro-economisch succes van Peru geprofiteerd?

“De bevolking heeft een zware tijd achter de rug, maar de Peruanen passen zich aan. President Fujimori heeft de belangrijkste vijand van het volk - de inflatie - beteugeld. Mensen durven een eigen bedrijf te beginnen. Ze geloven in de economie. Ze zijn bereid om hard te werken, omdat ze weten dat ze een toekomst kunnen opbouwen.”

U was voorzitter van een grote ondernemersvereniging. Beïnvloedt uw ondernemersbloed uw functioneren als minister?

“Ik ben geen politicus. Ik ben een ondernemer, een investeerder en daar ben ik trots op. Zo denkt Fujimori ook. Hij begrijpt het idee van vooruitgang. Hij is natuurlijk president, maar gedraagt zich als een general manager. Hij houdt van efficiëntie en concurrentie. Hij is intelligent en een enorm harde werker. Tachtig procent van de bevolking steunt nog steeds zijn beleid terwijl hij zware en pijnlijke maatregelen heeft genomen.”

“Fujimori onderhoudt het contact met de bevolking. Hij bezoekt de arme zonen van het land om te voelen wat ze nodig hebben. Er zijn op het platteland problemen die met een kleine investering kunnen worden opgelost. Voor de bevolking is het belangrijk dat hun president niet alleen de inflatie bestrijdt, maar dat hij zich ook om de mensen bekommert.”

Ondanks de economische groei is Peru het enige land in Zuid-Amerika dat nog niet met commerciële banken tot overeenstemming is gekomen over een regeling tot schuldverlichting. Volgens een plan dat de Amerikaanse minister van financiën in Nicholas Brady in 1989 lanceerde, gaan de banken akkoord met een vermindering van de uitstaande vorderingen als schuldenlanden de afbetalingen hervatten. Peru betaalt sinds 1983 geen rente of aflossing meer. Waarom heeft Peru nog steeds geen Brady-akkoord afgesloten?

Camet: “Minder dan de helft van de schuldenlast van 19 miljard dollar die Peru torst is verschuldigd aan de commerciële banken. We hebben prioriteiten moeten stellen. Onze eerste prioriteit was het IMF, daarvan zijn we pas in maart 1993 lid geworden. Onze tweede prioriteit was de Wereldbank. Met de club van Parijs (van crediteurenlanden; red.) hopen we volgend jaar opnieuw tot een nieuwe herstructurering van de schulden te komen. Het was onmogelijk voor iedereen tegelijk tevreden te stellen. Ik verwacht echter dat Peru voor het einde van dit jaar met de banken tot overeenstemming kan komen.”

Na deze woorden onderbreekt eén van Camet's medewerkers het gesprek. De minister moet diezelfde avond nog naar Bonn en dan naar Tokio, voordat hij naar Peru terugkeert. “Nederland is een prachtig land”, zegt hij. “Zo modern en zo efficiënt.”

    • Michiel van Nieuwstadt