Eigenbelang leek drijfveer Limburgs woningbouwbedrijf

GELEEN, 28 OKT. Als de huisvesting van zoveel gezinnen niet in het geding was geweest, was de stichting Woningbeheer Limburg (WBL), met 7.000 woningen in Limburg en 500 in Noord-Brabant, al lang failliet verklaard. De woningbouwcorporatie, die ontstond uit een fusie van drie bestaande corporaties, heeft in haar driejarig bestaan een negatief vermogen opgebouwd van 175 miljoen gulden. En als er niet was ingegrepen zou het tekort over tien jaar drie keer zo hoog zijn geweest.

Zes weken geleden, een jaar nadat een grondige inspectie door het ministerie van huisvesting was uitgevoerd, greep staatssecretaris Tommel in om nog meer ellende te voorkomen. Hij benoemde de voormalige voorzitter van de Nationale Woningraad, drs. B. Kempen, tot bewindvoerder. Er valt niets meer te redden, heeft Kempen inmiddels geconcludeerd. De hele woningvoorraad moet zo snel mogelijk worden verkocht en de WBL moet worden ontbonden.

Een werkgroep van kamerleden kwam donderdag met een verdeeld advies over de wenselijkheid van een parlementair onderzoek naar de oorzaken van het debâcle. Maar de kans dat het onderzoek er komt lijkt groter dan de kans dat de zaak met een diepe zucht wordt afgedaan. Waarschijnlijk wil een kamermeerderheid weten wie aansprakelijk kan worden gesteld: de huidige staatssecretaris van Volkshuisvesting Tommel, diens vooorganger Heerma of het bestuur van de Limburgse stichting met zijn CDA-prominenten.

Eigenbelang lijkt bij de Limburgse bestuurders in elk geval de voornaamste drijfveer te zijn geweest. Dat blijkt vooral uit de rol die de voorzitter van het bestuur, de Geleense ex-wethouder en ereburger W. Schepers, heeft gespeeld in het débâcle. Zijn rol en die van de burgemeester van Beek, A. van Goethem, zijn door rechercheurs van het ministerie aan een nadere beschouwing onderworpen omdat er aanwijzingen zijn van onrechtmatige betalingen en zelfs van het uitkeren van steekpenningen. Van Goethem werd vrijgepleit, hoewel er bedenkingen bleven tegen de ruime vergoedingen die hij eerst als bestuurslid en later als adviseur toucheerde.

Schepers heeft meer uit te leggen. De onderkoning van Geleen, zoals hij in zijn woonplaats wordt genoemd, zou een slaapkamerameublement en een Perzisch tapijt van een bevriende aannemer hebben gekregen. Zijn zoon B. Schepers, een fysiotherapeut, kreeg van dezelfde aannemer een fitnessuitrusting voor zijn praktijk. De kosten van bijna dertigduizend gulden voor de aannemer werden gecompenseerd met een bouwopdracht van acht miljoen gulden voor het nieuwe hoofdkantoor van WBL. Het veel te grote kantoor had ook voor zes miljoen gebouwd kunnen worden, rekenden de inspecteurs van het ministerie uit. Overigens waren vader en zoon Schepers vorig jaar al in het nieuws gekomen nadat het chemieconcern DSM tegen hen aangifte had gedaan van de diefstal van warm water. DSM was er achter gekomen dat de twee de warmwaterleiding die achter door hun tuin liep, jarenlang hadden afgetapt. De vader verwarmde er zijn huis mee, de zoon het zwembad van zijn praktijk.

De stichting WBL was was bij de oprichting al in problemen. Door de fusie van drie corporaties - HBL, Het Zuiden en SBDI - was de corporatie opgezadeld met enkele notoire verliesposten. Vooral de vierduizend woningen van SBDI drukten zwaar op de begroting. Daaronder waren ondermeer duizend huizen die in 1982 met overheidssubsidie waren overgenomen van Limburgs grootste projectontwikkelaar en makelaar Gerrit Ruijters, alias drs. Ruijters. Die transactie werd later onderzocht door de recherche, die tot de slotsom kwam dat er ongeoorloofde banden bestonden tussen Ruijters en de SBDI.

Bij de fusie in 1992 was afgesproken dat de nieuwe corporatie onverwijld moest worden gesaneerd. Staatsscretaris Heerma had daar zelfs dertig miljoen gulden beschikbaar voor gesteld. Maar in plaats daarvan bleef de administratie veel te groot, werd een duur kantoor gebouwd en werd een grootscheeps renovatieprogramma opgesteld. Toen het bestuur vervolgens aanklopte bij het Centraal Fonds voor de Volkshuisvesting, het stroppenfonds voor de sociale huursector, met een verzoek om 112 miljoen bij te passen, was het al te laat.

    • Jacques Herraets