De 'Witte Vos' Sjevardnadze is nog nooit zo sterk geweest

Georgië betaalt de prijs voor hervormingen en diverse oorlogen in de vorm van chaos, extreme schaarste en verpaupering. President EDOEARD SJEVARDNADZE is niettemin optimistisch: binnen vijf jaar schept hij één miljoen banen.

TBILISI, 28 OKT. Edoeard Sjevardnadze, president van Georgië, ziet er ontspannen uit. Zijn gezicht vertoont geen sporen meer van de snijwonden die rondvliegende glasscherven bij de recente moordaanslag hebben veroorzaakt. Niets doet meer denken aan de man die toen, op 29 augustus, voor het oog van de wereld hulpeloos in zijn hemd in de televisiecamera's keek. Alleen de talloze soldaten die, het geweer losjes in de hand, van het presidentiële paleis in het centrum van Tbilisi een ware vesting maken, herinneren aan de aanslag.

“De situatie in Georgië is veel stabieler dan drie jaar geleden werd verwacht. Het land heeft het ergste achter de rug. Het proces van stabilisering is ook na de aanslag op mijn leven doorgegaan”, zegt Sjevardnadze, nadat hij de Nederlandse minister Zalm (financiën) en een delegatie van ambtenaren en zakenlieden heeft ontvangen. Sjevardnadze is vol vertrouwen over de uitslag van de verkiezingen in november voor het presidentsschap (voor vijf jaar) en het parlement (vier jaar). “Zonder enige twijfel ben ik straks de president”, zegt Sjevardnadze. “De verkiezingen zelf veroorzaken wel even een grote beroering. Dit land kent 55 partijen die aan de verkiezingen meedoen en dat is kernmerkend voor de politieke situatie nu. Veel van die partijen zullen de kiesdrempel van vijf procent echter niet halen.”

De positie van Sjevardnadze is volgens politieke waarnemers sinds zijn aantreden als president in 1992 nog nooit zo sterk geweest als nu. De 'Witte Vos', zoals hij wordt genoemd, heeft de aanslag gebruikt om zijn belangrijke tegenstanders uit te schakelen. Dzjaba Joseliani, leider van de paramilitaire Mchedrioni (Ridders), gold lange tijd als zijn belangrijkste concurrent. Sinds Sjevardnadze na de aanslag honderd van diens aanhangers in de gevangenis heeft gestopt op verdenking van drugshandel en verboden wapenbezit, is hij vleugellam.

Igor Georgadze, zijn impopulaire minister van veiligheid die wordt verdacht van banden met de Russische geheime dienst, moest meteen na de aanslag aftreden. Tengiz Kitovani, ooit minister van defensie, zit in de gevangenis sinds hij begin dit jaar met zijn paramilitaire aanhang een mars hield op de afgescheiden republiek Abchazië. “De criminele bendes zitten nu in de gevangenis,” is alles wat Sjevardnadze daarover kwijt wil.

Sjevardnadze werd in 1992 door Joseliani en Kitovani tijdens een bloedige burgeroorlog in het zadel geholpen, nadat zijn voorganger Gamsachoerdia was afgezet als president. Zijn terugkeer naar de “heksenketel” Georgië, waarvan hij in de tijd van de Sovjet-Unie al eens twintig jaar leider was geweest, heeft hij eens als “zelfmoord” omschreven. Nu zegt Sjevardnadze: “Twee, drie jaar geleden bestond in dit land de staat niet. Nu begint de staat beetje voor beetje te ontstaan.” Het heeft zijn tol geëist. Sjevardnadze oogt minder energiek dan in zijn tijd als minister van buitenlandse zaken van de Sovjet-Unie.

De elegante straten van Tbilisi, met de herfstige platanen en de sierlijke balkons, tonen vooral de vergane glorie van de stad en het verval van Georgië. In de hoofdstraat Roestaveli tonen de kogelgaten in het marmer en pleisterwerk van de negentiende-eeuwse panden de sporen van de burgeroorlog. Door de glasloze kozijnen van een voormalig hotel is de helderblauwe lucht te zien. Het Museum voor de Middeleeuwen met unieke manuscripten is verdwenen. Georgië was in de voormalige Sovjet-Unie een rijke republiek en een geliefd vakantieland. Van oudsher is Georgië een land met een rijke traditie in film en poëzie, vermaard om de wijn en de unieke polyfone muziek.

Het wegvallen van de staatssubsidies, de burgeroorlog en de strijd om Abchazië hebben het land aan de bedelstaf gebracht. Ambtenaren verdienen 5 lari per maand (een lari is ongeveer 1,25 gulden), werknemers in het bedrijfsleven het tienvoudige, maar nog altijd te weinig om rond te komen. Turkmenistan draaide wegens onbetaalde rekeningen (nog 400 miljoen dollar) al lang geleden de gaskraan dicht, waardoor de stad van de warme bronnen (tbili betekent warm) 's nachts koud is. Overheidsgebouwen blijven onverwarmd en mensen trachten hun huizen te verwarmen met petroleumkachels. 's Avonds zijn de straten en de trappenhuizen aardeduister. De telefoon werkt vaak niet, evenmin als de waterpompen, waardoor de inwoners vaak zonder water zitten.

De bestrijding van dit economisch verval is voor Sjevardnadze het belangrijkste thema van zijn presidentschap. “Mijn doel als president is om de levensstandaard van de bevolking te verhogen. De komende vijf jaar voorzie ik het ontstaan van een miljoen banen”, is de optimistische verwachting van Sjevardnadze. Hoe dat moet gebeuren geeft hij niet aan, wel dat hij daarbij vooral veel verwacht van buitenlandse investeerders.

In het centrum van Tbilisi staan de voormalige Intourist-hotels Iveria en Ajara als stille getuigen van de oorlog met Abchazië, dat zich bijna twee jaar geleden afscheidde. In de hotels die vol hangen met wasgoed, zitten Georgische vluchtelingen uit Abchazië. Van de 225.000 vluchtelingen wonen er 80.000 in Tbilisi en enkele keren per maand demonstreren zij om de regering op te roepen Abchazië te heroveren.

Een leraar aan de filmacademie, die met zijn studenten de Georgische troepen voorzag van wapens en voedsel, verwacht dat de herovering niet lang op zich zal laten wachten. “De Abchaziërs staan er alleen voor, nu de Russen, de Tsjetsjenen en de Armeniërs zich hebben teruggetrokken. Het Georgische leger is sterker van ooit en heeft de bergen in Abchazië al onder controle.”

President Sjevardnadze ziet een herovering van Abchazië als een “extreme methode” die hij liever zegt te vermijden. “We moeten door middel van een dialoog met onderhandelingen tot een oplossing komen. Als vreedzame middelen niets opleveren, dan is het duidelijk dat de Georgiërs niet blijvend een volledig onafhankelijk Abchazië zullen accepteren.” De oplossing ligt volgens Sjevardnadze in een verregaande vorm van autonomie. “Met een eigen wetgevend parlement, een eigen hooggerechtshof en een eigen grondwet. Alleen de nationale veiligheid en het buitenlands beleid vallen onder de centrale regering in Tbilisi.”

De oorlog in Abchazië heeft pijnlijk duidelijk gemaakt, dat Georgië niet zonder Rusland kan. De Russen stookten eerst het Abchazische vuurtje op en bewapenden de Abchaziërs. Toen Abchazië verloren was, moest Sjevardnadze een knieval maken door Georgië onder te brengen bij het door Rusland gedomineerde Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS). Vervolgens keerden de Russen zich tegen de Abchaziërs, die ze eerst hadden gesteund. Een faustiaans pact: overleving van Georgië in ruil voor Russische invloed, zo geen overheersing.

Sjevardnadze praat liever niet over de verhouding met Rusland. “De betrekkingen zijn normaal.” Hij houdt zich ook op de vlakte bij de vraag of de trotse Georgiërs een Russische dominantie lang zullen dulden: “De Georgiërs zijn al eeuwen gewoon te leven met Rusland.” Liever mijmert Sjevardnadze nog wat over de economische toekomst van zijn land: “Het potentieel is enorm door de havens aan de Zwarte Zee en het feit dat heel veel vracht door Georgië heen moet, evenals de olie. Georgië ligt strategisch tussen enerzijds het Westen en anderzijds landen als Iran en Azerbajdzjan.” Onlangs is besloten een oliepijplijn aan te leggen van de Kaspische Zee naar de Zwarte Zee via Georgië, maar zolang Abchazië niet onder controle van Tbilisi staat is de toegang tot de Zwarte Zee beperkt.

In Tbilisi brandt 's avonds een enkele lamp. “Voor ons is het alsof de zon schijnt, want vorige week was er helemaal geen licht. Net als Sjevardnadze blijven we optimistisch”, zegt een inwoonster van Tbilisi. Het optimisme moet het land door de winter helpen, die na de verkiezingen echt begint en wellicht even lang en koud wordt als de afgelopen winter, die de ergste was in jaren. De vrouw memoreert een oude Georgische grap: “Een man valt van de negende verdieping en overleeft dat maar net. Als hij is opgestaan zegt hij: 'En toch gaat alles goed.' Dat is het optimisme hier.”

    • Karel Berkhout