Vrijdag 27; Te keurig voor opera

Operahelden zijn nooit gewoon keurige mensen, maar wel doodgewone leugenaars, schuinsmarcheerders, echtbrekers, dieven, valsspelers, baantjesjagers, chanteurs, revolutionairen, tirannen, oorlogshitsers en moordenaars, die bovendien nog eens flink in de problemen raken. Nick Leeson, wiens speculaties de Barings Bank twee miljard kostten zodat hij de beroemdste bankemployé aller tijden werd, past moeiteloos in dat rijtje, vond Philip Parr. De opera die Parr in Londen over Leeson laat maken moet het wel doen zonder de rol van Leeson, omdat hij Leeson geen miljoenen aan rechten kan betalen, zoals interviewer en filmproducer Sir David Frost wel moeiteloos op tafel legt.

Voor de film van Frost, met Hugh Grant als Nick Leeson, is de ondergang van de Barings Banks potentieel een dankbaar gegeven. Maar opera is, afgezien van muziek en zang, ook een heel ander genre, veel meer geconcentreerd op één personage. Is Leeson, zelfs in een opera mèt zijn rol, wel zó interessant? Ten eerste gaat in een goede opera de titelheld dood - anders wordt het al snel een operette die nog goed afloopt. Leeson leeft nog steeds, nu in de gevangenis van Frankfurt en straks in de gevangenis te Singapore. Hij is niet uit het raam gesprongen, zoals velen bij de krach op Wall Street, in 1929. Het laatste dat Leeson zijn werkgever liet weten was een prozaïsche fax met zijn ontslag en verontschuldigingen. Zelfs Barings ging niet dood, dankzij ING.

Nick Leeson, zo bleek al uit het interview met Frost, is gewoon veel te keurig, net als zijn vrouw Lisa Leeson, die nu werkt als serveerster in een tearoom. Er bestaat niet eens een treffende omschrijving voor Leesons witte boordencriminaliteit. Een echte oplichter is hij niet, want hij ging er niet vandoor met de poet. Die was er trouwens niet eens. Hij was in loondienst als speculant en bezorgde zijn bank slechts schulden. Barings zelf gaat door een falende interne controle ook niet vrijuit.

Als er in Japan geen aardbeving was geweest of als Leeson meer geluk had gehad, zou hij zijn bank enorme winsten hebben bezorgd en was Leeson juist de grote man geweest. Zijn fout was dat hij meer verloor dan won. Dat al die winst zou hebben bestaan uit verliezen van anderen, zou niemand hebben gedeerd. Zo is er bij Leeson wel sprake van tragiek, maar niet van dramatiek.

Het geval Leeson, inclusief het feit dat er een film over wordt gemaakt, zou alleen iets zijn voor een inmiddels als passé beschouwde geëngageerde opera, als complement van de Dreigroschenoper van Brecht en Weill. Ik hoor de door een nieuwe Lotte Lenya wrang gezongen epiloog al: “Ja, jullie in de zaal, arme sloebers die nog moesten betalen om hier binnen te komen! De wereld zit vreemd in elkaar. Wie twee miljard verliest, houdt daaraan via films en boeken toch nog miljoenen over. Nicky kan er alle wanden van zijn cel mee behangen, zodat hij voortaan leeft in een wereld van zelf verdiend geld!”

    • Kasper Jansen