Voetballer Bosman tackelt transfersysteem

Lopende zaken, zondag 29 oktober, Ned.3, 20.36-21.11u.

Zijn voetbalcarrière bevindt zich op een dood spoor, z'n huwelijk is stuk gelopen waardoor hij sinds een jaar intrek heeft moeten nemen in de garage van zijn ouders. Financieel zit hij aan de grond. De Belg Jean-Marc Bosman heeft er de afgelopen vijf jaar veel voor over gehad om in een juridisch gevecht vrijheid van arbeid te eisen bij de Belgische voetbalbond (KBVB), de Europese voetbalunie (UEFA) en zijn voormalige werkgever Club Luik. Begin volgend jaar zal het Europese Hof van justitie uitspraak doen in deze zaak die de afschaffing van het transfersysteem tot gevolg kan hebben. Als het internationale rechtscollege tenminste het advies opvolgt van de Duitse advocaat-generaal Carl Otto-Lenz die op 20 september Bosman in het gelijk stelde.

Tot die tijd blijft de voormalige jeugdinternational een martelaar. Het actualiteitenprogramma Lopende Zaken van de VPRO belicht zondag de lijdensweg van Bosman en zijn verbeten strijd tegen de gevestigde orde. Die begon toen hij vijf jaar geleden bij Club Luik na zijn contractperiode genoegen moest nemen met een salarisverlaging van 75 procent. Bosman kon naar Duinkerken in Frankrijk, maar de transfer sprong af op de vergoedingssom die Luik eiste: twaalf miljoen Belgische frank (circa zes miljoen gulden), vier keer zoveel als stadgenoot Standard Luik voor hem had ontvangen. Het Hof van Luik gaf hem in 1991 zijn vrijheid terug. Bosman, bijgestaan door zijn advocaat Jean-Louis Dupont, liet het er niet bij zitten en procedeerde verder. Dat ging ten koste van zijn loopbaan. In België kon hij niet meer aan de slag. Via St. Quentin en een clubje op het Franse gebiedsdeel La Réunion (ten oosten van Madagascar) kwam hij bij het onbeduidende Visé terecht.

Ondertussen begonnen de belangen in het juridische steekspel hoog op te lopen voor alle partijen. Marc Antonini, voorzitter van St. Quentin, vertelt dat hij op sponsoring van de industrieel Marchandise, zijn collega van Club Luik, kon rekenen als hij Bosman niet in dienst nam. De UEFA, die straks maatregelen moet nemen om een economische chaos in het clubvoetbal te voorkomen, zou Bosman een bedrag van 850.000 gulden hebben geboden als hij alsnog van de rechtszaak afziet. Dát aspect behandelt de reportage helaas niet. Ook wordt niet duidelijk gemaakt dat Bosman straks een schadevergoeding kan eisen voor gederfde inkomsten van minimaal anderhalf miljoen gulden. Het is dus niet alleen een principieel gevecht dat hij voert.

Bosman onthult dat hij weinig steun heeft gehad van de voetbalvakbonden in Nederland en Engeland omdat zij “verdienen aan transfers”. Pas toen het er naar uitzag dat hij aan de winnende hand was, kreeg hij uit die hoek enige support. Een twijfelachtige conclusie omdat het internationale overkoepelende orgaan Fifpro hem wel degelijk met raad en daad heeft bijgestaan. In Nederland is de VVCS een groot voorstander van de afschaffing van het transfersysteem. Kennelijk heeft Bosman dat gebrek aan ondersteuning toch zo ervaren.

Er zijn voetballers die twintig miljoen moeten kosten, zoals Dennis Bergkamp, en toch nog goed terecht komen (Arsenal). Voor de schlemiel Bosman liep het anders. Hoe een kleine zaak grote gevolgen kan hebben.

    • Erik Oudshoorn