Turks vonnis valt slecht bij Europarlementariër

BRUSSEL / ANKARA, 27 OKT. Een vooraanstaand lid van het Europees Parlement heeft gisteren gewaarschuwd dat de bevestiging door een Turks hof van beroep van de gevangenisstraffen tegen vier Koerdische ex-parlementariërs de kansen voor de douane-unie met de Europese Unie “bepaald niet heeft verbeterd”.

De vonnissen tegen nog eens twee ex-parlementariërs werden gisteren vernietigd. De twee mannen, Ahmet Turk en Sedat Yurtdas, moeten te zijner tijd opnieuw worden berecht, maar werden vandaag in afwachting daarvan in vrijheid gesteld. Zij noemden de uitspraak “misleiding, bedoeld voor de Europese Unie”.

Het Europees Parlement heeft eerder dit jaar scherpe voorwaarden gesteld voor ratificering van de douane-unie met Turkije, die begin december op het programma staat. Onder andere is de vrijlating van alle Koerdische ex-parlementariërs geëist, samen met demcoratische hervormingen, met name wijziging van artikel 8 in de antiterreurwet, die de vrijheid van meningsuiting inperkt.

De leider van de socialistiche groep in het Europarlement, de Britse Pauline Green, toonde zich gisteren “bitter teleurgesteld door de bevestiging van de gevangenisstraffen”. “We gaan nu precies bestuderen wat de uitspraak is, en dat wordt een zeer centraal punt bij onze besluitvorming over de douane-unie”, zei ze. Haar fractiegenoot Piet Dankert was gematigder in zijn uitlatingen. Hij wil Turkije pas beoordelen als het Europees Parlement besluit over de douane-unie. De christen-democraat Arie Oostlander (CDA) noemde de vrijlating een positief signaal. (Reuter, ANP) Onze correspondent in Ankara voegt hieraan toe: Turkije gaat definitief op 24 december naar de stembus. Een overweldigende meerderheid van het parlement stemde vannacht zowel in met die datum als met een nieuwe kieswet, die de grootste partij niet langer onevenredig voordeel biedt wat betreft de zetelverdeling.

De verwachting is dat, nu de hervorming van de kieswet door het parlement is, er voor de sociaal-democratische Republikeinse Volkspartij van Deniz Baykal nauwelijks nog obstakels zijn om de breuk in de regeringscoalitie definitief te lijmen. Premier Tansu Çiller en Baykal bereikten daarover vorige week al een principe-akkoord, maar de sociaal-democraten eisten eerst duidelijkheid of Çiller zich aan haar afspraken zou houden wat betreft vervroegde verkiezingen en democratische hervormingen.

Çiller kwam gisteren tot een vergelijk met de arbeiders van de staatsondernemingen die staakten voor hogere lonen. Eerder deze week diende ze al een wetsvoorstel bij het parlement in voor een versoepeling van artikel 8 van de antiterreurwet.