Nog nooit vertoond: de Rana pyrenaica

Een fonkelnieuwe kikker: Rana pyrenaica. Hij is aan de Spaanse kant van de westelijke Pyreneeën gevonden door Jordi Serra-Cobo van het Instituto Pirenaico de Ecología in Jaca.

Inmiddels heeft het dier een bescheiden entree gemaakt in de vakliteratuur. Henk Strijbosch, herpetoloog aan de Katholieke Universiteit Nijmegen, is er onmiddellijk op af gegaan. Tot de dag van vandaag is hij wel zeker de enige in Nederland die hem heeft gezien (en aangeraakt en gefotografeerd).

Het nieuwe kikkertje leeft zomer en winter boven de 1.200 meter in kleine beekjes met een ruig verloop, wat garant staat voor zuurstofrijk water.

Op het eerste gezicht is het een klein uitgevallen bruine kikker - maar vier tot vijf centimeter groot, ongeveer het boomkikkerformaat. In vergelijking met de bruine kikker ontbreken bovendien de chocoladebruine slaapvlekken. De vrijwel volledige afwezigheid van trommelvellen doet een zekere doofheid vermoeden, wat in een luidruchtige omgeving eerder een voordeel dan een handicap zal zijn.

De huid ziet er glazig uit, net of hij doorzichtig is, en voelt glad aan. De neusgaten zitten opvallend hoog op de snuit, wat een beetje een nijlpaardachtige indruk maakt.

Over verspreiding en biologie van de pyreneeënkikker is uiteraard nog weinig bekend. Het is de eerste nieuwe kikker in Europa sinds bijna twintig jaar geleden in een lastige bergwand op Mallorca de balearen-pad werd aangetroffen, een soort waarvan tot op dat moment alleen fossiele vondsten waren gedaan.

Strijbosch: “Het heeft iets bewonderenswaardigs, zo'n klein dier dat zo'n hard leven verkiest en zich zo lang voor mensen verborgen heeft weten te houden.”

    • Koos van Zomeren