Links wint in Italië de strijd, centrum-rechts kraakt

ROME, 27 OKT. De nieuwe politieke verhoudingen in Italië liggen besloten in het drie-letterwoord dat premier Lamberto Dini gistermiddag mompelde toen hij werd onderbroken door kamerleden uit het kamp van mediamagnaat Silvio Berlusconi.

“Jullie hebben twee dagen lang gesproken, per favore”, reageerde Dini geïrriteerd. En daarna, zachter maar onfeilbaar geregistreerd door de tv-camera's: cazzo, het Italiaanse mannelijke drie-letterwoord.

Alle bruggen tussen Berlusconi en Dini, die minister van schatkist was in het kabinet-Berlusconi, zijn nu opgeblazen. Nog nooit eerder heeft Dini zo hard uitgehaald naar zijn voormalige politieke vrienden. De 64-jarige premier zet zijn regeringsperiode in het teken van de bemiddeling, van het afdempen van de vaak fel oplaaiende politieke ruzies. Maar met Berlusconi en consorten is er niets meer te bemiddelen.

In de toespraak waarmee Dini zich verdedigde tegen de motie van wantrouwen die door Berlusconi was ingediend, verweet hij de centrum-rechtse alliantie onverantwoordelijk gedrag en waanzin door de begroting op het spel te zetten. En passant spuide hij ook nog wat persoonlijke ergernis. Berlusconi denkt dat hij onfeilbaar is, zei Dini. Hij is behept met “een irritant narcisme”.

Berlusconi luisterde onbewogen, maar zijn gezicht werd steeds donkerder. Zijn aanhangers claimen dat nu duidelijkheid is geschapen. Dini hoort bij links, en rechts kan voluit oppositie voeren zonder het verwijt te krijgen een neutraal zakenkabinet het leven onmogelijk te maken. Maar Berlusconi's lichaamstaal sprak boekdelen. Dit is een zware nederlaag voor hem.

Berlusconi heeft niet kunnen uitleggen waarom hij nu een crisis wilde en wat hij ermee hoopte te bereiken. De motie van wantrouwen tegen het kabinet was een reactie op de individuele motie van wantrouwen waarmee links vorige week minister van justitie Filippo Mancuso uit zijn ambt heeft gezet. Dini maakte gisteren duidelijk dat in zijn ogen ook links gevaarlijk hoog spel heeft gespeeld met die eerste motie tegen Mancuso. Maar links heeft die strijd gewonnen, en de winnaar heeft vaak gelijk in de politiek. Berlusconi moet zich nu verweren tegen de kritiek dat hij nodeloos onrust heeft gezaaid en daarmee de lire heeft laten lijden.

Bovendien is niet helemaal duidelijk wat Berlusconi wilde. In een merkwaardige manoeuvre had hij Dini gevraagd af te treden vóór de stemming over de motie, met als argument dat de premier dan politiek minder beschadigd zou zijn. Hij heeft niet gesproken over verkiezingen. Het leek alsof Berlusconi niet hardop durfde te zeggen dat hij eigenlijk Dini terugwilde als premier, maar dan minder gebonden aan links, om tijd te winnen. Hoewel Berlusconi na de val van zijn kabinet eind vorig jaar een paar maanden heeft geroepen dat er snel opnieuw moet worden gekozen, heeft hij nu minder haast. In januari begint het proces tegen hem op verdenking van corruptie, en bovendien staat zijn positie als leider van centrum-rechts ter discussie. Gianfranco Fini, leider van de Nationale Alliantie, erfgenaam van de neofascisten, en tot nu toe Berlusconi's trouwste bondgenoot, trok in het discussieprogramma Tempo reale gisteravond rare grimassen toen hem werd gevraagd of Berlusconi nog wel te handhaven is. Fini antwoordde ontwijkend, met een tegenvraag over de positie van Romano Prodi, de kandidaat-premier van centrum-links.

Prodi is een ander slachtoffer. Hij was tegen de motie van wantrouwen tegen Mancuso en heeft in het debat over het kabinet geen enkele rol gespeeld. De Democratische Partij van Links en diens leider Massimo D'Alema zijn hun eigen weg gegaan, daarmee nieuw voedsel gevend aan het verwijt dat Prodi niet meer dan een vervangbare stroman is voor de machtige PDS.

“Hij heeft het goed gedaan, misschien wel te goed,” was het wat zure commentaar van Prodi op de toespraak van Dini. Onder zijn ogen zijn de PDS en Dini een flirt begonnen. Niemand durft te voorspellen waar die op uitdraait, maar Prodi en de kleinere partijen in diens Alliantie van de Olijf' volgen met argusogen de loftuitingen over en weer.

Een van de paradoxen van de uitkomst van deze crisis is dat Dini in het zadel is gebleven door de belofte dat hij binnen een paar weken opstapt. De kleine communistische partij viert dat aangekondigde vertrek als haar overwinning, terwijl Dini steeds heeft gezegd dat hij zal opstappen als hij zijn prioriteitenlijstje heeft afgewerkt. Omdat Dini daarbij nooit eerder een datum heeft genoemd, wilden de communisten aanvankelijk meestemmen met Berlusconi. Uiteindelijk zijn ze overstag gegaan door de verwijten van hun aanhang dat ze rechts in de kaart spelen, en door het dreigement van D'Alema dat ze alle electorale akkoorden konden vergeten. Via een snelle rekensom heeft de partij becijferd dat zij in het districtenstelsel op eigen kracht rond de 25 zetels zou kunnen halen, terwijl een niet-aanvalsverdrag met centrum-links tussen de veertig en vijftig zetels zou kunnen opleveren.

De communisten zullen weer een sleutelrol spelen in de begrotingsbehandeling. Als Berlusconi zijn dreigement volhoudt van een frontale oppositie, kan hierbij opnieuw de gelegenheidsalliantie tussen centrum-rechts en de communisten ontstaan. Maar het Berlusconi-blok kraakt. De kleinere centrum-rechtse groepen hebben laten doorschemeren dat zij niets voelen voor de grote financiële risico's van een crisis over de begroting.

Het politieke debat centreert zich nu op de vraag wat er moet gebeuren als Dini aftreedt. Op zichzelf zijn nieuwe verkiezingen wenselijk, want nu het kabinet voornamelijk op de PDS steunt, is de verliezer van de verkiezingen van vorig jaar maart de belangrijkste regeringspartij geworden, zonder inspraak van de kiezers. De rechtvaardiging was dat er, voordat opnieuw wordt gekozen, aanvullende regels moeten komen om te voorkomen dat Berlusconi opnieuw zijn mediamacht misbruikt voor politieke doeleinden. Daar is nog weinig vooruitgang mee geboekt. Vandaar dat Dini voorzichtig suggereerde om na zijn vertrek opnieuw een zakenkabinet te vormen, met een ander prioriteitenlijstje. Dat zou politieke rust moeten garanderen in de zes maanden dat Italië voorzitter is van de Europese ministerraad, in de eerste helft van vorig jaar. Dini heeft daarvoor ook al een kandidaat-premier: zichzelf.

    • Marc Leijendekker