Promovendus: steeds meer discipline in alcoholgebruik

UTRECHT, 26 OKT. Mensen gaan steeds gedisciplineerder met alcohol om. Steeds minder alcoholverslaafden hebben hulp nodig. Dit is geen direct gevolg van effectievere hulpverlening, maar heeft te maken met maatschappelijke veranderingen. Dit schrijft onderzoeker J. van der Stel in zijn proefschrift 'Drinken, drank en dronkenschap' waarop hij 3 november hoopt te promoveren. Van der Stel onderzocht de geschiedenis van de drankbestrijding en het ontstaan en verloop van alcoholhulpverlening in Nederland. Zijn onderzoek beslaat vijf eeuwen, van 1500 tot nu.

De promovendus onderscheidt in de geschiedenis golfbewegingen in de manier waarop de samenleving reageert op drankmisbruik en de manier waarop de samenleving met alcoholisten omgaat. Hij toont aan dat in de loop van de tijd de eisen die aan het gedrag van mensen worden gesteld steeds sterker gericht zijn op zelfbeheersing.

In de zestiende eeuw staat de middeleeuwse drinkgewoonte voor het eerst aan kritiek bloot. De kritiek komt uit humanistische en calvinistische hoek. Pas aan het einde van de achttiende eeuw worden veel van de maatschappelijke problemen rechtstreeks in verband gebracht met sterke drank. Geneeskundigen zijn de eersten die een poging doen om op een systematische manier de gevolgen van drankmisbruik samen te vatten. Zij geven de aanzet tot het ontwikkelen van nieuwe begrippen zoals verslaving, drankzucht en alcoholisme. Drankbestrijders, daarbij gesteund door medici, richtten een eeuw geleden de eerste sanatoria en consultatiebureaus op om drankzuchtigen te genezen. (ANP)