Kok naar Parijs voor diplomatie over drugs

DEN HAAG, 26 OKT. Premier Kok en minister van buitenlandse zaken Van Mierlo gaan vanavond in Parijs “stille diplomatie” bedrijven, althans “zo stil mogelijk”, zei Van Mierlo gisteren in de Tweede Kamer. Een dag nadat de Centrale Recherche Informatiedienst (CRI) bekendmaakte dat Nederland de grootste Europese producent is van xtc-pillen, moet vanavond “uiterst behoedzame en weloverwogen” drugsdiplomatie - de woorden zijn ditmaal van de woordvoerder van premier Kok - voor détente zorgen tussen Parijs en Den Haag.

Gisteren bleek enige ongerustheid te bestaan in de Tweede Kamer, met name bij het CDA, over de vraag of de diplomatie van Kok en Van Mierlo wel even 'stil' en 'behoedzaam' zal zijn als bijvoorbeeld die rond de NAVO-kandidatuur van oud-premier Lubbers. Immers, minister Van Mierlo bleek “geen enkel bezwaar” te hebben tegen het interview van collega Sorgdrager met het Franse dagblad Le Figaro, vorige week zaterdag. Daarin had Sorgdrager opgemerkt dat het Franse verbod op drugs de criminaliteit in de hand werkte en dat Marseille net zo goed als Rotterdam een doorvoerhaven voor drugs kon zijn. Bovendien had ze Nederlandse nederwiet aangeprezen boven Marokkaanse of Pakistaanse, wat de CDA'er Koekkoek de vraag ontlokte of Sorgdrager zulke uitspraken niet beter kan overlaten aan haar collega van exportbevordering, staatssecretaris Van Dok.

Op de dag dat Sorgdrager met Le Figaro sprak, wijdde een ander Frans dagblad, Le Monde, een paginagroot artikel aan het Nederlandse drugsbeleid. Daarin droeg CDA-senator en oud-minister Hirsch Ballin zijn eigen steentje bij aan de verbetering van de Nederlands-Franse verhoudingen. Hij merkte op dat één op de tien guldens die in Nederland worden verdiend een criminele herkomst heeft. In hetzelfde artikel in Le Monde voorspelde een Italiaanse onderzoeksrechter mafia-achtige toestanden in Nederland.

Hoewel Van Mierlo gisteren in de Tweede Kamer pal achter zijn collega en partijgenoot Sorgdrager ging staan moest hij erkennen dat er wat betreft het Figaro-interview geen coördinatie tussen Justitie en Buitenlandse Zaken had plaatsgevonden. Maar dat was niet erg, zo voegde hij eraan toe. In meer algemene zin was immers in het kabinet afgesproken dat het goed zou zijn als het Nederlandse standpunt wat meer voor het voetlicht zou komen in onder meer de Franse pers, die immers vrijwel uitsluitend negatief over de drugspraktijk en het drugsbeleid in Nederland schreef.

Pagina 3: Sorgdrager geeft pers 'geïnspireerde uitleg'

De afgelopen weken is Sorgdrager voortdurend het publicitaire pad op geweest. “I do what I can”, zo sloot zij enige weken geleden een vraaggesprek met het Amerikaans/Britse televisiestation NBC Super Channel over haar drugsbeleid af. Ook was ze te horen op de Zwitserse radio en gaf ze volgens haar woordvoerder een interview aan het enigszins noodlijdende Franse katholieke dagblad La Croix. Overigens blijkt dit 'interview' neer te komen op één uitspraak van Sorgdrager, namelijk dat ze toegeeft dat de Nederlandse politie expres drugs doorlaat, maar dat dit in een strategie past om de hogere drugsbazen te achterhalen.

Het vraaggesprek met de in rechtse kring veel gelezen Le Figaro was bedoeld als een “geïnspireerde uitleg” van het Nederlandse drugsbeleid, aldus Sorgdragers woordvoerder. Ze had anderhalf uur uitgetrokken voor het interview waarin best wat geloof in de eigen beleidsuitgangspunten mocht doorklinken. Maar dat was juist waar gisteren een deel van de Tweede Kamer, CDA en VVD, aanstoot aan nam. Zij vermoedden dat Sorgdrager via Franse media binnenlandse politiek aan het bedrijven was in plaats van aan betere betrekkingen met Parijs te werken. Aan dat politieke spel wilden CDA en VVD best meedoen.

De christen-democraat M. Verhagen mocht als leerling van CDA-buitenlandwoordvoerder J. de Hoop Scheffer gisteren proberen de politieke winst voor de oppositie in de wacht te slepen. Verhagen had vernomen, zo zei hij richting van Van Mierlo, dat de uitspraken van Sorgdrager in Parijs ergernis hadden gewekt. Welke bronnen had Verhagen daarvoor, vroegen Van Mierlo en D66-woordvoerder Van den Bos verbaasd. Van Mierlo had juist van de Nederlandse ambassadeur in Parijs begrepen dat het interview “geen bijzondere aandacht” had getrokken. De liberaal Weisglas gebruikte deze uitspraak om terug te komen op zijn eerdere kritiek op het vraaggesprek in Le Figaro omdat Sorgdrager daarmee de Fransen onnodig voor het hoofd zou hebben gestoten. “Het was een oefening in de Franse taal voor mevrouw Sorgdrager, die geen aandacht heeft gekregen in Frankrijk. En dat is maar goed ook”, aldus Weisglas.

Onder hoongelach van de regeringsfracties deelde de christen-democraat Verhagen ten slotte aan de Tweede Kamer mee dat hij zijn Franse bronnen “buiten de vergaderzaal” aan D66-buitenlandwoordvoerder Van den Bos kenbaar zou maken. Teleurgesteld deelde Van den Bos vanmorgen mee dat hij nog steeds niets van zijn CDA-collega had vernomen.