Dure uitstroom

Nederlandse personeelsfunctionarissen moeten steeds creatiever worden. Vergaderde men vroeger op de afdeling human resources urenlang over het juiste wervingsbeleid en over de meest motiverende promotiestructuur, nu buigen deze functionarissen zich in werktijd vooral over de vormgeving van het 'uitstroombeleid'. Vooral bij grote ondernemingen zoals Shell, ABN Amro en Philips leidt de reorganisatiedrift tot steeds omvangrijkere groepen overtollige werknemers. Oplossingen hiervoor zijn moeilijker te vinden, nu de WAO en de ouderenregelingen als vluchtwegen worden afgesloten.

Reorganiseren op kosten van de maatschappij is al sinds de vroege jaren tachtig een populaire methode in het Nederlandse bedrijfsleven. Daarbij leggen de ondernemingen veelal een ongekende inventiviteit aan de dag. Zo werd de WAO - in samenspraak met de vakbeweging - jarenlang gebruikt om werknemers op leeftijd, met of zonder lichamelijk of geestelijk mankement, een rustige oude dag te bezorgen. De onderneming profiteerde daarvan, omdat de arbeidsproduktiviteit omhoog kon worden geschroefd en arbeidsonrust bij reorganisaties uitbleef, terwijl de kosten anoniem over alle burgers werden omgeslagen.

Na de parlementaire equête over de sociale zekerheid in Nederland sloot de politiek de WAO-vluchtweg vrijwel volledig af. Het bedrijfsleven had echter niet lang nodig om andere routes te vinden. Voor individuele ontslaggevallen klopt men sindsdien steeds vaker bij de kantonrechter aan, waar werknemers in ruil voor een schadevergoeding meteen hun ontslagbrief meekrijgen. Voor grotere groepen overtollige werknemers ontdekte men een nieuwe oplossing: de ouderenregeling.

Bij ouderenregelingen krijgen werknemers van boven de 50 of 55 jaar die door een reorganisatie werden getroffen, door hun werkgever een aanvulling op hun WW-uitkering aangeboden. In ruil daarvoor beloven deze werknemers vrijwillig te vertrekken, al moesten ze voor hun WW-uitkering natuurlijk formeel wel verzet aantekenen.

Met deze regeling was iedereen tevreden: de oudere werknemers omdat zij zich rustig aan hun hobby's konden wijden en de jonge werknemers omdat zij zo hun baan konden behouden. In onderhandelingen met vakbonden over CAO's of sociale plannen werd de ouderenregelingen daarom bijna standaard opgenomen. De rekening lag toch grotendeels elders.

Het creatieve gebruik van WW-gelden werd niet in alle bedrijven toegepast. Zo had Shell bijvoorbeeld tot begin jaren negentig een vertrekregeling voor oudere werknemers die volledig door het bedrijf zelf werd betaald. Maar tijdens de voorbereiding op de grote reorganisatie in 1992 op de vestigingen Pernis en Moerdijk, waarbij honderden mensen tegelijk het bedrijf zouden moeten verlaten, besloot Shell de regeling om te bouwen tot een WW-uitkering plus aanvulling.

Shell kon zich daarbij beroepen op respectabele voorgangers, zoals de grote banken in Nederland en het Philips-concern. Intern bleef de weerstand tegen de nieuwe regeling echter groot: Shell-werknemers willen trots zijn op hun bedrijf, ook als ze niet meer in dienst zijn. Dat hun Koninklijke werknemers met een WW-uitkering wegstuurde, vonden de werknemers Shell-onwaardig, ook al maakte het voor hun uiteindelijke uitkering niets uit.

Tegelijkertijd ontdekte Shell dit jaar tot zijn grote schrik dat ook de politiek en de vakbonden zich tegen onnodig gebruik van de WW-fondsen begonnen te keren. Dat kwam voor Shell slecht uit, omdat het concern net voor een ingrijpende reorganisatie op de hoofdkantoren staat, waarbij opnieuw honderden werknemers moeten verdwijnen. Extra negatieve publiciteit is daarbij ongewenst, zeker omdat Shell met de recente affaire rond het afzinken van de Brent Spar daar toch al de buik van vol heeft.

Anders dan bij de Brent Spar, toen Shell heel lang bleef volhouden dat de gekozen oplossing de minst slechte was, heeft de oliemultinational op het gebied van de ouderenregeling snel het roer omgegooid. Shell betaalt nu weer zelf de uitkering voor oudere werknemers die op straat komen te staan als gevolg van de reorganisatie op het hoofdkantoor. Dat de reorganisatie daardoor vele miljoenen guldens duurder uitpakt, zal het concern (jaarwinst 12 miljard) niet deren. Naar verluidt is bestuursvoorzitter Cor Herkströter, die als controller gevoelig is voor onnodige uitgaven, zelfs persoonlijk de drijvende kracht geweest achter de koerswijziging. Het wachten is nu op de trendvolgers.

    • Marcella Breedeveld