Oratorische marathon van een verdeelde wereld; 'Zo gauw ze naar huis teruggaan, zullen ze, helaas, hun koers voortzetten.'

NEW YORK, 25 OKT. Met meer dan 180 koningen, sjeiks, prinsen, presidenten, premiers, ministers en hun stand-ins was de zaal van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties de afgelopen drie dagen een extravaganza van macht. Alleen aan jetset ontbrak het nog op deze grootste wereldtop in de geschiedenis, ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan van de VN.

Maar daar bracht de negende spreker op de slotdag gisterochtend verandering in. Prins Rainier III van Monaco had twee van zijn kinderen meegenomen: Caroline en Albert, de laatste voor deze gelegenheid zonder Karen Mulder, Carla Bruni of een van zijn andere escortes uit de modellenwereld. Heel kort - ook Rainier kreeg slechts vijf minuten spreektijd, net als zijn Chinese voorganger - was de grote vergaderzaal op de bezoekerstribune voorzien van een vleugje glamour.

Niet dat veel wereldleiders het tafereeltje zagen, want op de derde dag was het soms angstig leeg in de zaal. Aanbeland in de middenmoot van het sprekersschema gebruikten velen hun tijd voor een bilaterale ontmoeting, een toespraak voor zakenmensen of om te winkelen.

Premier Kok voerde gesprekken met de Indonesische leider Soeharto en de Bosnische president Izetbegovic en opende tussendoor het Dutch Design Cafe, een door Nederlandse industriële kunstenaars ingerichte koffiekamer van het Museum of Modern Art. President Clinton sprak met twee Balkanleiders en zijn Chinese ambtgenoot Jiang Zemin. Had Henry Kissinger, oud-minister van buitenlandse zaken van de VS, niet eens gezegd dat hij in één week bij de Algemene Vergadering van de VN meer zaken deed dan wanneer hij drie maanden de wereld rondvloog?

Wie op een van de avenues in Manhattan liep, hoorde voortdurend motorkonvooien met jankende sirenes, als dreigende voorbode van alweer een diplomatieke autocolonne die het straatleven minutenlang lamlegde. De gemotoriseerde karavaan van de Amerikaanse president, met Clinton telefonerend op de achterbank, deed daarbij nog het meeste denken aan een op drift geraakt wielerpeloton, dat langs de duizenden toeschouwers achter de afzettingen voorbijsuisde. “I saw the prez!”, riepen veel New Yorkers de afgelopen dagen opgewonden uit; anderen gromden over de files.

Buiten voor het Waldorf-Astoria hotel, waar 22 delegaties verbleven, leek het alsof er permanent een openingsceremonie van de Olympische Spelen voor veiligheidsmensen aan de gang was. Elders kregen New-Yorkers een caleidoscoop van het internationale activisme voorgehouden, waarin hongerstakende of briesende demonstranten vooral de Cubaanse leider Castro en de Chinees Jiang Zemin op de korrel namen.

Was er eerder in de vergaderzaal van het VN-hoofdkwartier al veel gezegd over de specifieke rol en hervormingen van de VN, de Chinese president Jiang Zemin zocht gisteren in zijn rede vooral de raakpunten met de Chinese buitenlandse politiek op. Hij betoogde dat geen enkele natie het excuus van “vrijheid, democratie en mensenrechten” mag gebruiken om zich te bemoeien met de interne zaken van andere landen. Hij zei dat China, een permanent mikpunt van kritiek wegens de omgang met de mensenrechten, wil samenwerken met anderen om een meer gelijkwaardige internationale orde te bouwen. Maar geen enkel land moet Beijing vertellen hoe het moet handelen, zei hij. Jiang Zemin haalde daarmee rechtstreeks uit naar Amerika, een paar uur voor zijn ontmoeting met president Clinton, zonder het land overigens concreet te noemen.

De Bosnische president, Alija Izetbegovic, sneed eveneens een thema van eigen bodem aan: hij zei dat Bosnië, hoewel het hoopvol is over de vredesbesprekingen van volgende week, elke uitkomst zal verwerpen die neerkomt op een verdeling van zijn land. “De Bosnische regering en het leger zullen de verdeling en de desintegratie van ons land niet accepteren, in welk pakket het ook wordt opgediend”, zei hij. “De verdeling van Bosnië zal leiden tot voortzetting van de oorlog, onmiddellijk of later.”

De Israelische premier, Yitzhak Rabin, hield een hartstochtelijk pleidooi om het terrorisme te bestrijden en riep andere leiders op hieraan mee te werken. “Terrorisme is 's werelds kanker”, zei hij. “Houdt u zelf niet voor de gek; zelfs als u terreur negeert, kan het uw huizen binnenkomen. Terreur moet worden verslagen. Vrede moet winnen. Dit is een strijd waarvan we ons niet kunnen veroorloven die te verliezen.”

Tijdens de oratorische marathon van drie dagen is gebleken hoe verdeeld de wereld is over de toekomstige rol en de hervormingen van de noodlijdende VN in de volgende vijftig jaar. Uit Washington, Londen en enkele andere hoofdsteden zijn suggesties gekomen voor een minimalistische VN, de opheffing van VN-bureaus en de inkrimping van de staf van de volkerenorganisatie, die volgens sommigen te zeer verspreid is.

De ontwikkelingslanden propageerden juist een actievere VN. Afrikaanse leiders als de Ghanese president Jerry Rawlins vrezen alleen nog maar minder financiële armslag voor de VN. Zij onderstreepten dat de VN wel vijf miljoen dollar per dag over hebben voor de vredesoperatie in Bosnië, maar een fractie van dat bedrag voor een operatie in Liberia al te veel vinden. Zij willen ook een representatievere afspiegeling van de wereld in de vijftienkoppige Veiligheidsraad, waarin de vijf permanente leden, de Verenigde Staten, Rusland, Groot-Brittannië, Frankrijk en China, met hun vetorecht de macht delen. Dit laatste alleen al is een uitzichtloos debat, waarvoor ook de betrekkelijk vage slotverklaring van gisteren geen oplossing biedt.

“Laat ons luisteren naar wat ze zeggen, maar laat ons hun vragen wat ze doen”, zei president Izetbegovic gisteren over zijn collega-leiders. “Zo gauw ze naar huis teruggaan, zullen ze, helaas, hun koers voortzetten. Het is aan ons om hen tegen te houden.” Zijn Tsjechische collega, Václav Havel, zei dat hij een visioen heeft dat de Algemene Vergadering van de VN eens het “parlement van de wereld” zal zijn en dat de VN een eigen strijdmacht zullen installeren om “agressors te stoppen”.

Maar gegeven de huidige politieke verhoudingen is het zeer de vraag of Havel zelf dat visioen nog bewaarheid zal zien. Toen gisteravond omstreeks tien uur de gezamenlijke verklaring staand en applaudisserend werd aangenomen, waren de bankjes van de meeste delegaties nog wel bezet, oordeelde een ambassadeur alsof het een godswonder betrof. Maar veel leiders zaten alweer lang en breed in het vliegtuig terug naar huis.

    • Robert van de Roer