Onvervulde verlangens in verlaten restaurant

Voorstelling: De moed der wanhoop, door Diederik van Vleuten en Arie van der Wulp. Decor: Jan Boiten. Regie: Pieter Bouwman. Gezien: 23/10 in De Purmaryn, Purmerend. Tournee t/m 2/5.

Het is altijd vol en altijd gezellig in Het Wapen van Noord-Holland, begint Diederik van Vleuten in horeca-smoking zijn verkooppraatje. Maar wat we zien, is de leegte van een restaurant waar nooit iemand meer komt sinds aan de overkant een ander restaurant is geopend, met een valk op het dak - of is het een toekan? Hier houden ze alleen de schijn nog maar op; Arie van der Wulp loopt in ober-hemdsmouwen redderend heen en weer, maar méér dan elkaar hebben deze twee mannen niet.

Van Vleuten en Van der Wulp, alletwee voormalig cabaret-begeleider, traden anderhalf jaar geleden als duo aan met het programma Andermans eiland - een licht getoonzette verzameling invallen en binnenpretjes die mij (en velen met mij) danig amuseerde. Nu liggen hun ambities kennelijk hoger. Ze spelen twee broers in een leeg restaurant, die niet alleen komische herinneringen ophalen aan hun schooltijd, hun suffe dorp en de figuren uit hun kinderjaren, maar ook ontroering trachten op te roepen over onvervulde verlangens en de zelfmoord van iemand die hen dierbaar was.

Dat eerste lukt wat mij betreft aanzienlijk beter dan het laatste. Van Vleuten, die vaker als solist fungeert dan Van der Wulp, beschikt niet over voldoende aplomb om aandacht af te dwingen voor elke ademtocht en bovendien zijn die verstild bedoelde momenten te gratuit om veel indruk te maken. De korte, vaak ietwat kribbige dialogen en de geestige typeringen van dorps- en andere types zijn mij liever. Zo speelt Van Vleuten een mooi geactualiseerde persiflage op Toon Hermans en een hilarische uitval naar de scat-zang van Edwin Rutten, terwijl Van der Wulp een verrassend goed getroffen parodie op Youp van 't Hek bijdraagt. En samen vertellen ze een unisono voorgedragen verhaal van twee oude verzets-opscheppers: “Dat wisten wij. Maar dat wisten de Duiters niet.” Die scènes zijn mij beter bijgebleven dan de langzaam groeiende verbroedering in de leegte van een desolaat restaurant.

    • Henk van Gelder