Grenshospitium is fel gekant tegen fusie met huis van bewaring

AMSTERDAM, 24 OKT. Onder het personeel van het grenshospitium in Amsterdam is grote onrust ontstaan over een mogelijke fusie met het huis van bewaring aan de Havenstraat in Amsterdam. Hierdoor zou het grenshospitium niet langer alleen onderdak bieden aan kansloze asielzoekers, maar ook aan gedetineerden. Het ministerie van justitie heeft de directeuren van beide instellingen vorige maand opdracht gegeven de mogelijkheid van een fusie te onderzoeken.

Hoewel het onderzoek nog niet is afgerond, is voorzitter A. van Dijke van de dienstcommissie niet gerust op de uitkomst. “Het personeel is niet opgeleid om gedetineerden te bewaken, maar om met vreemdelingen te werken.” Ook wijst Van Dijke op de negatieve publiciteit die het huis van bewaring aan de Havenstraat de laatste tijd treft. Zo werd afgelopen zaterdag bekend dat het drank- en softdrugsgebruik onder inrichtingswerkers en -bewakers er een voordurend punt van discussie is. De directies van beide instellingen waren vanochtend niet bereikbaar voor commentaar.

Het grenshospitium kreeg al eerder de status van huis van bewaring. Die status zou echter tijdelijk zijn. Tijdens het zogenoemde paasoffensief van de Amsterdamse politie werden illegalen voor relatief lichte vergrijpen als diefstal en tasjesroof opgepakt en opgesloten in het grenshospitium.

Op dit moment bevinden zich 96 illegalen in het grenshospitium. Wanneer alle stapelbedden worden bezet, kunnen ruim 180 mensen worden gehuisvest. Maar meer dan 140 mensen hebben er nooit gezeten, aldus Van Dijke. Er werken 40 vreemdelingenbegeleiders die zich uitdrukkelijk geen penitentiaire-inrichtingswerkers (PIW'ers) noemen, zegt vreemdelingenbegeleider C. Schepping. “Wij gaan opener om met de mensen die hier vastzitten. De aard van hun vergrijpen is minder ernstig dan van gedetineerden in een Huis van Bewaring. Wij hebben hier te maken met illegalen die zich hebben schuldig gemaakt aan tasjesroven of zakkenrollerij, niet met verkrachters of leden van een drugsbende.”

Het merendeel van de illegalen komt uiteindelijk toch op straat te staan. Omdat velen geen papieren bij zich hebben en niet zeggen uit welk land ze afkomstig zijn, kan Justitie hen niet terugsturen. Wel krijgen ze van het departement te horen dat ze Nederland binnen 48 uur moeten verlaten. Sommigen worden vervolgens weer opgepakt en belanden opnieuw in het grenshospitium. “Na een paar keer hebben ze daar genoeg van, vertellen ze uit welk land ze komen en worden ze teruggestuurd”, aldus Van Dijke. Ruim 40 procent wordt uitgezet naar het land van herkomst, met name Marokko en Algerije.

Het ministerie van justitie heeft plannen om op het oude terrein van het NAVO-depot in Ter Apel (Groningen) een speciaal huis van bewaring voor uitgeprocedeerde asielzoekers te openen, het eerste in Nederland. Asielzoekers die om uiteenlopende redenen niet direct het land kunnen worden uitgezet, zouden daar maximaal drie maanden kunnen worden vastgehouden.