KINGSLEY AMIS 1922-1995; Vlotte persoonlijkheid

De schrijver van Lucky Jim is overleden. Dat de naam van Kingsley Amis, geboren in 1922, meteen aan de titel van zijn eerste roman doet denken, betekent niet dat hij sinds 1956 geen aandacht meer heeft getrokken. Hij is nooit meer zo'n verrassing geweest als toen hij met één sprong de bovenste plank van de publiciteit bereikte, maar hij heeft zich ook als oude bekende opmerkelijk gehandhaafd.

Na zijn debuut gold hij als een van de 'angry young men', die de Engelse literatuur en omgangsvormen wilden democratiseren. Van een afstand leek het alsof er een groep van zulke jongeren bestond; in werkelijkheid hadden de veronderstelde leden weinig met elkaar te maken en deelden zij niet de linkse politieke gezindheid die hun als rebellen werd toegeschreven. Amis voelde zich een tijd lang Labour-aanhanger, zonder complete overtuiging. Op het punt van onderwijs was ik in de jaren vijftig al reactionair gezind, schreef hij in 1967 in een artikel Why Lucky Jim turned right. Later werd hij behalve met zijn eerste romantitel geassocieerd met de formule 'more means worse': hoe ruimer de toelating van studenten, hoe lager het niveau. Hij ging daarna door voor een rechtse rakker, hoewel hij nooit een politiek programma aanvaard zou hebben dat niet door hem zelf opgesteld was.

Intussen schreef hij boeken, bij de beoordeling van de meeste schrijvers het enige wat telt. Amis hoort tot de minderheid waarvan de persoonlijkheid evenveel aandacht heeft gekregen, ook in zijn romans waar zijn eigen gezindheid vaak duidelijk te horen is. Als die romans door de eeuwen heen geen stand houden, of alleen als historische curiosa, zou het begrijpelijk zijn. Het kan meevallen, maar er zijn in zijn eigen tijd al veel aanmerkingen gemaakt op de stijl, de karakterisering en de constructie ervan. Soms werd hij des te harder aangepakt omdat hij zijn critici tegen de haren in streek, de laatste tijd vooral wanneer hij het over vrouwen en hun ergerlijke eigenschappen had. Vaak moest toegegeven worden dat hij zich te vlot liet meeslepen door zijn satirische talent dat grappigheid, maar te weinig scherpte gaf aan zijn maatschappijkritiek.

Als persoonlijkheid zal hij niet gauw uit het zicht raken. Vorig jaar heeft een vriend van hem, de Amerikaanse essayist en criticus Paul Fussell, een boek over hem gepubliceerd, The anti-egotist, met als ondertitel Kingsley Amis, man of letters. Daar wordt hij besproken niet als romancier, maar in andere van zijn kwaliteiten zoals docent, criticus, stilist, gastronoom, bloemlezer en dichter. Hij is duidelijker te onderscheiden nu die rollen bij elkaar staan. Veel van de ware Amis komt er in uit.

Hiermee is niet gezegd dat Lucky Jim vergeetbaar is geworden. Het blijft onderhoudend en het blijft het tegenspreken waard, wat een van de genoegens is die Amis zijn lezer geregeld gunt. Van de andere romans laat Take a girl like you (1960) zich nog welgemoed lezen, met als merkwaardigheid erbij het vervolg van 28 jaar later: dezelfde personen op middelbare leeftijd in Difficulties with girls. Daarna komen in aanmerking One fat Englishman van 1963 met een vergetelijke onaangename man als hoofdpersoon, en Stanley and the women (1984) om te zien wat Amis tegen vrouwen in kon brengen.

Wie zich de tijd niet gunt voor de romans kan in Amis' gedichten zijn geluid bijna even goed horen, bijvoorbeeld in zijn terugblik op Oxford, nostalgisch en afwijzend:

Do girls still throng the chequered lawn all bosom and bright hair, as they did then and laugh and dance and chatter until dawn with peacock-minded, donkey-voiced young men?