De slag om de tijger; Het stropen van exotische dieren op de taiga

In het oosten van Rusland dreigen sinds de hervormingen steeds meer zeldzame diersoorten te worden uitgeroeid. Want ze leveren veel geld op. Zelfs de procureur-generaal stroopt mee. Het nieuwe anti-stropers team, gefinancierd door het Westen, staat vrijwel machteloos. Vier klieren van een antilope leveren al een een Jeep Cherokee op.

De taiga is nog gehuld in ochtendmist als aan de rand van het bos drie mannen zich gereedmaken voor een overval op een groep chinezen. De mannen, gekleed in gevechtspakken, pistolen aan de riem, baretten op het hoofd, zijn lid van de Operatieve Afdeling Tijger, het nieuwe anti-stropers team van het Russische ministerie van natuurbeheer. De chinezen zijn seizoenarbeiders die sinds het opengaan van de grenzen in dit verlaten deel van Ruslands verre oosten de oogst binnenhalen. Zij worden ervan verdacht hun hongerloon aan te vullen door het vangen en verkopen van zeldzame diersoorten.

De drie barakken waarin de landarbeiders verblijven weerkaatsen de eerste zonnestralen en een windvlaag voert de geur mee van de warme melk waarmee zij ontbijten als Vladimir Djoekov en zijn mannen uit het struikgewas tevoorschijn komen. De 47-jarige Djoekov, voormalig jachtopziener, fungeert als commandant en voert het woord. De jonge Oleg Orechov blijft steeds bij hem in de buurt en voert zijn bevelen uit. Valeri Vislevski, een man met de uitstraling van Sylvester Stallone, houdt van een afstand iedereen onder schot met zijn karabijn en zwijgt. Vislevski heeft vroeger bij de Spetznaz gezeten, de commando's van de Russische strijdkrachten, maar is daar gewond geraakt. Hoe precies weet niemand, ook daarover zwijgt hij.

Voor de chinezen, het zijn er snel geteld twintig, sommigen nog slaapdronken, is het kennelijk niet de eerste confrontatie met de Russische autoriteiten. Hun leider, althans de enige van hen die tegenover de controleurs enige woorden Russisch spreekt, komt direct met een enorme meloen aanzetten. “Gasten, eten, gasten”, roepend begint hij verwoed grote stukken af te snijden. Een ander haalt Chinese wodka tevoorschijn die, zo blijkt, misschien wel goed bedoeld is maar niet te drinken. Maar Djoekov is minder geïnteresseerd in de stukken meloen dan in het mes waarmee ze zijn afgesneden: een lange dolk. “Voor brood, brood”, gebaart de eigenaar, die kennelijk vermoedt dat zijn mes in beslag dreigt te worden genomen.

De huiszoeking levert twee kabels op en een driepunts haak die volgens de Russische controleurs kunnen worden gebruikt voor visvangst. Het verweer dat ze zijn bedoeld om bij mechanische storing de tractor van de landarbeiders te trekken, maakt geen indruk. Onder de rij dicht tegenelkaar staande bedden worden twee emmers water aangetroffen. Er zwemmen in totaal vijf weekschildpadden in die, zo ziet Djoekov meteen, voorkomen op de lijst van bedreigde diersoorten. De vangst daarvan is verboden. Het gaat hier niet om ingrediënten voor schildpaddensoep maar om zeldzame dieren die voor goed geld worden verkocht. “Gewone schildpadden eten ze meteen op, maar dit is big business”, zegt Djoekov. “Mensen die alles al hebben vinden het prestigieus om deze beestjes te hebben als huisdier.”

Geneeskrachtig

Als het Russische commando wil weten van wie de schildpadden zijn, halen de Chinezen hun schouders op. Als naar hun documenten wordt gevraagd, kijken ze blanco voor zich uit. Op de vraag wie voor hen verantwoordelijk is antwoorden ze: 'Naar de stad'. Dan gooit Djoekov zonder verdere plichtplegingen de emmers leeg. Hij trekt een Kodak-cameraatje uit zijn broekzak en zet de man van de meloenen samen met de schildpadden op de foto. Het plaatje moet dienen als bewijsmateriaal bij het proces-verbaal, dat vervolgens wordt opgemaakt. Een vertegenwoordiger van het bedrijf dat de landarbeiders heeft ingehuurd dient binnen een week op het kantoor van het ministerie van natuurbeheer in het nabijgelegen Oessoerisk te verschijnen. Daarna laat Djoekov de schildpadden weer bijeen zoeken. Met de emmers gaat het vervolgens naar de rivier die achter de barakken stroomt, alwaar de vrijlating van de dieren opnieuw een foto oplevert. Einde van de eerste actie van de dag. Het heeft nauwelijks een kwartier geduurd.

Het Russische verre oosten, en vooral dat deel dat wordt ingesloten door China in het westen, Korea in het zuiden en de Japanse Zee in het oosten, is rijk aan diersoorten. De ontoegankelijke heuvels tienduizend kilometer van Moskou zijn onder andere het thuis van de Siberische tijger, van de bruine beer en van de Amoer panter. Maar de heuvels zijn ook deel van Rusland anno 1995 en de mensen die er in de buurt wonen worden geconfronteerd met werkloosheid, financiële problemen en ordeloosheid. Er is een wilde jacht op geld geopend. En tijgers, beren, panters of gazelles leveren veel geld op.

Vier klieren van een bepaald soort antilope kunnen in de Zuidkoreaanse hoofdstad Seoel worden geruild voor een Jeep Cherokee, zo rekende eerder deze week Vladimir Sjtsjetinin voor. Als vice-voorzitter van de regionale vertegenwoordiging van het Russische ministerie van natuurbeheer in Vladivostok is hij verantwoordelijk voor de Operatieve Afdeling Tijger. De botten van één tijger zijn bij elkaar ongeveer 7000 dollar waard, de vacht nog eens 5000. De galblaas van de bruine beer doet tien dollar per gram. En dit zijn groothandelsprijzen, betaald door smokkelaars die de waren vervolgens in China, Japan, Singapore en Zuid-Korea voor het veelvoudige van de hand doen. “In Azië geloven ze dat het eten van tijgervlees de potentie verhoogt. De botten zouden geneeskrachtige werking hebben”, vertelde Sjtsjetinin. “Ze bestellen de dieren eenvoudig per telefoon.”

Gorbatsjov

Iedereen kan stroper worden. Mensen die wat willen bijverdienen, zoals de Chinese landarbeiders bij de rivier. Geautoriseerde jagers die bij toeval op een van de beschermde diersoorten stuiten. Maar er zijn ook beroeps-stropers: mannen die met moderne wapens, nachtzichtapparatuur en soms zelfs helikopters bestellingen uitvoeren. De uitrusting (minus de helikopter) is te koop bij De Sluipschutter, een nieuwe winkel in het centrum van Vladivostok. Naar verluidt leveren de verkopers voor een extra miljoen roebel (370 gulden) de wapenvergunning erbij. En sinds de grens met China niet meer hermetisch is gesloten, zoals in de tijd van de Sovjet-Unie, zijn er altijd manieren te vinden om de buit het land uit te smokkelen.

Als de mens vrij is, is de tijger ten dode opgeschreven en andersom, zo bleek uit Sjtsjetinins korte geschiedenis van flora en fauna in Ruslands verre oosten. Aan het begin van deze eeuw, de jaren van de revolutie, heerste er chaos en liep het aantal Siberische tijgers zo sterk terug dat er hooguit enkele tientallen over waren. Maar vanaf de jaren dertig steeg hun aantal weer spectaculair. “Stalin, de collectivisatie en de oorlog hebben de tijger gered”, zei Sjtsjetinin. “De meest onafhankelijke en sterkste mannen lieten het leven: minder stropers dus.” In 1947 werd het jagen op bedreigde diersoorten verboden en in het begin van de jaren tachtig was het aantal Siberische tijgers gestegen tot boven de driehonderd. Toen sloegen natuur en mens tegelijkertijd toe.

Eerst verminderden enkele strenge winters achter elkaar het aantal wilde zwijnen, waardoor tijgers zich genoodzaakt zagen hun prooi dichter bij menselijke nederzettingen te zoeken. Kalveren en honden werden aangevallen, en dat bracht de regering van Michail Gorbatsjov ertoe in 1986 de bewoners van de taiga toestemming te geven te jagen op roofdieren die te dicht bij hen in de buurt kwamen. Daarna viel de Sovjet-Unie uit elkaar, gingen de grenzen open en ontstond er een afzetmarkt voor de geschoten dieren. De economische chaos dwong plaatselijke bewoners er ook nog eens toe voor eigen consumptie te jagen op herten en zwijnen, dieren waarmee ook de tijger zich voedt. Alleen al in de winter van 1992-1993 verminderde de tijgerpopulatie met meer dan honderd. “Als er niets gebeurt zijn er over dertig jaar in Rusland geen tijgers meer”, zei Sjtsjetinin.

Anderhalf jaar geleden hebben waarschuwingen van natuurbeschermers als Sjtsjetinin de aandacht getrokken van een Amerikaanse journalist, wiens artikelen het Wereld Natuur Fonds en het Britse Tiger Trust hebben gealarmeerd. Zij hebben vervolgens de oprichting van de Operatieve Afdeling Tijger mogelijk gemaakt. Het is van hen dat de tien team-leden (tien anderen zijn in opleiding) hun voor overheidsdienaren hoge salaris van 360 dollar per maand krijgen uitbetaald. De opzet van de nieuwe afdeling is het beschermen van bedreigde diersoorten met harde hand. Vreedzamere pogingen van de Russische autorititeiten zelf, zoals projecten om tijgers in reservaten uit te rusten met zendertjes teneinde meer te weten te komen over hun gewoonten, hebben weinig geholpen om de dieren te beschermen. Alleen al vorig jaar werden er volgens schattingen 65 afgeschoten. Tijd om terug te schieten.

Operette-uniform

De avond is alweer gevallen als Vladimir Djoekov kiest voor een patrouille langs de Russisch-Chinese grens. Het militaire voertuig waarmee het anti-stropers team door de wildernis trekt is niet comfortabel, maar wel geschikt om dwars door rivieren te rijden. En dat blijkt noodzakelijk. Er lopen wel zandwegen door de taiga, maar die veranderen van het ene moment op het andere in modderpoelen, in snel stromende beken of gewoon ook in taiga. De natuur ontvang haar beschermers niet met open armen. Volgens Djoekov is het ook zinloos de onmetelijke dennen- en berkenbossen te voet in te trekken om te proberen de stropers op heterdaad te betrappen: de bossen zijn bijna ondoordringbaar. Hoewel het team over zaklampen beschikt die honderd meter ver kunnen schijnen, is het struikgewas zo dicht dat je er niet verder dan een meter of tien kunt kijken.

De truck wordt tegen half elf dus opgesteld op een driesprong van zandwegen: één weg leidt dieper het bos in, een tweede naar de dichtsbijzijnde stad, de derde naar China, dat nog geen twintig kilometer verderop ligt. Echt een kruispunt voor smokkelaars. Als de lichten van het voertuig worden gedoofd wordt het zo donker dat het bos niet meer is te zien, alleen maar te horen. Vreemde geluiden van dieren die een stadsmens onheilspellend in de oren klinken, maar voor de natuurbeschermers zijn ze muziek: om dit te bewaren zijn zij op dit late uur hier.

Het is tijd voor verhalen. Terwijl de ex-commando Valeri Vislevski als altijd zwijgt en aandachtig zijn karabijn poetst, leggen de anderen uit waar hun uniform eigenlijk vandaan komt. De gevechtspakken zijn Russisch maar de eveneens in camouflagekleuren getinte jacks daaroverheen komen van het Britse leger, evenals de paarse baretten. Een schenking van een Engelse sponsor. Het blikken embleem op de baretten, een adelaar met twee koppen en wat kleuren groen, is een door henzelf bedachte variatie op het nieuwe wapen van Rusland. Gefabriceerd in de gevangenis, de plek waar je volgens hen handwerk het goedkoopst kunt laten verrichten.

Het geheel maakt misschien een wat operette-achtige indruk, maar zoals wel vaker in Rusland kunnen operettes onverwacht uitlopen op bloedige drama's. Dat bleek bijvoorbeeld deze zomer, toen één van de tien leden van de eenheid op straat bij zijn huis in elkaar werd geslagen. Hij had kort daarvoor contact gehad met de politie over de voorbereiding van een actie tegen een criminele groep die hij van stroperij verdacht. Terwijl hij op straat in elkaar zakte werd hem door zijn belagers te verstaan gegeven dat de actie beter kon worden afgelast. Dat is gebeurd, de man zit nog steeds ziek thuis. Eerder zijn bij Djoekov alle ramen kapot geschoten nadat hij een medewerker had ontslagen die werd verdacht van banden met de georganiseerde misdaad - actie's waarbij hij was betrokken leverden nooit iets op, alsof de stropers van tevoren waren gewaarschuwd.

Boetes

Lopen de controles in de wildernis nooit uit op gewelddadige confrontaties? Tot nu toe niet, zegt Djoekov, en als hij daarna de procedures uitlegt blijkt waarom. Wanneer er iemand wordt betrapt, zoals de Chinezen vanmorgen met hun schildpadden, wordt proces-verbaal opgemaakt. Wapens en buit worden in beslag genomen en daarna wordt de zaak voorgelegd aan de rechter. Dat is dit jaar al bijna tweehonderd keer gebeurd: alleen in deze regio al zijn er honderdnegentien mensen gepakt terwijl zij illegaal aan het jagen waren, zesenveertig mensen terwijl zij illegaal visten en dertig tijdens illegale houtkap. Maar het aantal mensen dat tot gevangenisstraf is veroordeeld is nul. De opgelegde boetes bedragen bijelkaar opgeteld 40 miljoen roebel, nog geen 15.000 gulden oftewel minder dan de verkoopprijs van één tijger. “Geld beslist alles”, zegt Djoekov somber. “Iemand die een tijgervacht kan betalen, kan ook een rechter kopen.” En wat wil je: ook de procureur-generaal zelf is samen met een medewerker van de gouverneur al eens betrapt op een jachtpartij in één van de tijgerreservaten.

In de verte klinkt het geluid van een auto. Aan de snelheid te zien waarmee Djoekov, Orechov en Vislevski hun posities innemen, heeft het gebrek aan juridische gevolgen van hun optreden hun motivatie nog niet aangetast. “We hopen dat onze aanwezigheid preventief werkt”, zegt Djoekov. “Misschien weerhoudt het feit dat wij hier patrouilleren een aantal mensen ervan te gaan stropen.” De chauffeur van het Toyota-busje die op zijn remmen moet gaan staan als hij ineens door drie zaklantaarns wordt verblind, stroopt in elk geval niet. Althans nu niet. Zijn busje is van onder tot boven volgeladen met aardappels. Wat doet iemand midden in de nacht midden in het bos met een autobus vol aardappels? Dat zullen we nooit te weten komen want de natuurbeschermers vragen het niet. “Dat is niet onze zaak”, verklaart Djoekov.

De bevoegdheden van de Operatieve Afdeling Tijger en van andere Russische natuurbeschermers, zoals de bewakers van reservaten, zijn vastgelegd in artikel 31 van de federale wet over de bescherming van de dierenwereld, die in een koffertje met andere documenten in de cabine ligt. Djoekov en de zijnen hebben het recht documenten te controleren, personen te fouilleren, huizen en voertuigen te doorzoeken, voorwerpen die verband houden met een geconstateerde overtreding in beslag te nemen, en wapens te dragen en te gebruiken. Al met al ruimere bevoegdheden dan de gewone politie in Rusland. Maar het optreden tegen andere overtredingen en misdrijven, zoals diefstal of smokkel van aardappels of zwartwerken door seizoenarbeiders, wordt niet genoemd dus daartegen kan de Operatieve Afdeling Tijger niets doen. De wet dateert overigens van 22 maart 1995. “De maanden daarvoor werkten wij eigenlijk zelf onwettig”, lacht Djoekov. “We waren maar alvast begonnen.”

Matrozen

Het is inmiddels na tweeën, het bos is stil en donker, tijd om te gaan slapen. Dat gebeurt in de truck, met kleren aan in slaapzakken die over het hoofd moeten worden getrokken in verband met de muggen, de dieren in de taiga die het meest terugdoen tegen menselijke indringers. De volgende morgen wordt na een bad in de beek en een ontbijt van op een houtvuurtje opgewarmde macaroni de patrouille voortgezet. Eén man wordt betrapt met een verboden visnet. Verder stuit de eenheid drie keer op dezelfde soort legertruck als waarover zij zelf beschikt, vol met eveneens in legerkleding gehulde militairen. Het blijken matrozen te zijn van de Stille Oceaan Vloot, die het ruim honderd kilometer naar het zuiden liggende Vladivostok als thuisbasis heeft. Zij zoeken denneappels. De nootjes die uit de denneappels kunnen worden gepeuterd, worden een gezonde werking toegeschreven en kunnen in de stad worden verkocht. Een aanvulling op de soldij.

Op een open plek midden in de bossen stuiten Djoekov en zijn mannen ook op een dorpje. Het dorpje heet Tijger en het wordt net als het dier waarnaar het is vernoemd met uitsterven bedreigd. Tijger was vroeger een bloeiende nederzetting van medewerkers van het staats bosbouwbedrijf. Nu de staat geen salarissen meer uitbetaalt is iedereen die zich daartoe nog kon zetten vertrokken. Wat rest is een groepje bejaarden, moeders en kinderen, wonend in een rijtje gammele houten huizen die op schuren lijken. Dat het geen schuren zijn weet je alleen omdat de echte schuren ernaast staan; die ogen nog gammeler. De enige winkel van Tijger is onlangs voor altijd gesloten. Er komt nu twee keer in de week een vrachtauto met een chauffeur die vanuit de laadbak de allernoodzakelijkste levensbehoeften verkoopt.

De school is vorig jaar al dichtgegaan, zo vertellen twee van de vrouwen die met boodschappentassen op de vrachtwagen staan te wachten. Kinderen hangen aan hun rokken. Ze hadden eigenlijk met de bus naar de school in het vorige dorp gemoeten, veertig kilometer verderop, maar de bus is vandaag niet gekomen. Gebeurt zo vaak, zeggen ze. Het kleine medisch centrum van het dorp is ook al opgedoekt. Telefoon om eventueel een ambulance te bellen ontbreekt en dat wreekte zich dit voorjaar, toen een drinkgelag uit de hand liep. Een vader sloeg zijn zoon tot bloedens toe en ging toen wodka halen bij de buurman, die vervolgens de vader tot bloedens toe sloeg. De volgende morgen bleken zowel vader als zoon te zijn overleden.

Drie winters geleden, zeggen de vrouwen met de tassen, hebben ze hier bij het dorp nog een tijger gezien. Vroeger gebeurde dat wel vaker, de afgelopen jaren niet meer. Het wordt leeg in de taiga.

    • Hans Nijenhuis