Rode droom

- Zeg, ben jij al naar de Nieuwe Kerk in Amsterdam geweest, naar die tentoonstelling De Rode Droom over 100 jaar sociaal-democratie in Nederland?

“Ja, dat was prachtig. Zal ik je vertellen dat ik soms tranen in mijn ogen kreeg van ontroering. Een grootse geschiedenis in beeld, dat socialisme is toch niet helemaal vergeefs geweest.”

- Het mooist vond ik de foto van De Rode Auto, bijgenaamd de Pieter Jelles. Dat was een primitieve vrachtauto, waarmee het Instituut voor Arbeiders Ontwikkeling in 1926 door het land trok. Helemaal volgepakt met folders en boeken ter verheffing van het volk. De auto werd bestuurd door Sjef Last, die niet alleen chauffeur was maar ook optrad als operateur-explicateur van arbeidersfilms. En wat vond jij het mooist?

“Er was zoveel. Bijvoorbeeld de steek die de eerste socialistische minister, Van den Tempel, droeg op Prinsjesdag van 1939. Die steek wilde hij eerst niet op zijn hoofd zetten, maar onder protest heeft hij dat ten slotte toch gedaan. Maar nog mooier was dat portret van Willem Drees, helemaal gemaakt van schelpen. Dat kreeg Drees van een dankbare 65-jarige, die met pensioen ging. Drees lijkt sprekend. En dan dat raam op de achtergrond met die gordijntjes en die drie geraniums, allemaal van schelpen en schelpjes. Ik schoot vol toen ik dat zag.”

- Heb je het corduroypak gezien dat Van der Louw droeg tijdens zijn installatie als burgemeester van Rotterdam?

“Dat vond ik een beetje eng. Het staat nog helemaal stijf van het zweet.”

- Vond je het niet opvallend dat de verkiezingsaffiches van vroeger zoveel mooier waren. De affiches van Hahn en Bottema, in al die felle kleuren, hadden een enorme zeggingskracht. Er stonden teksten op als: 'Hoort, hoort, het socialisme komt' of 'De mens is tot geluk geschapen'. Nu zie je op het affiche alleen de kop van Wim Kok. Kies Kok, staat erbij. Meer niet.

“Dat is inderdaad erg droevig.”

- Eigenlijk is het bij Den Uyl al misgegaan. Ik geloof dat geen enkele toekomstvoorspelling van Den Uyl ooit is uitgekomen. In de catalogus van de tentoonstelling wordt nog een uitspraak van Den Uyl uit 1963 geciteerd. Hij zegt daarin “dat de voorziening van essentiële behoeften achterop raakt, de ongelijkheid wordt vergroot en dat de verspillingen in de luxe-sfeer schril afsteken tegen de armetierigheid van vele gemeenschappelijke voorzieningen”.

“Zeg, heb jij toevallig het blad Psychologie van deze maand gelezen?”

- Nee, hoe kom je daar ineens op?

“Daar kom ik op, omdat in de rubriek Het Lievelingsobject de voorzitter van de FNV, Johan Stekelenburg, wordt geïnterviewd. Wist jij dat het lievelingsobject van Stekelenburg een honkbalpet is van de Boston Red Sox?”

- Nou en? Wat is daar mis mee?

“Helemaal niets, maar Stekelenburg vertelt ook dat hij die pet altijd draagt op wintersport. Hij gaat nooit skiën zonder die pet op.”

- Dus jij vindt dat een voorzitter van de grootste Nederlandse vakbond eigenlijk niet zou mogen skiën? Dat is behoorlijk puriteins.

“Nee, ik bedoel alleen maar dat het wel meevalt met het achterop raken van die essentiële behoefte, met de vergroting van de ongelijkheid en met al die verspillingen in de luxe sfeer, die zo schril schijnen af te steken tegen de armetierigheid van de sociale voorzieningen. Heb je trouwens gisteren dat bericht in de Volkskrant gelezen? Daar stond in dat FNV'ers op vertoon van hun nieuwe ledenpas met korting een pak bij Peek en Cloppenburg kunnen kopen. Of een jas bij Naf-Naf of een paar schoenen bij Van Haren.”

- Wat is dat? Ik herinner mij dat socialisten ooit gevochten hebben tegen wat gedwongen winkelnering werd genoemd.

“Het pasje wordt gefabriceerd door de firma Countdown en is te herkennen aan het rood-blauwe Countdownlogo. Het heeft ook als voordeel dat de vakbeweging haar leden nu gemakkelijk kan registreren. Dankzij het Countdownlogo kunnen stakers voortaan onmiddellijk worden ingeschreven en uitbetaald. Handig, vind je niet? Hé, waarom loop je nu weg?”

- Ik ga eerst een jas bij Naf-Naf kopen, die doe ik over mijn hoofd en daarna ga ik staken.

    • Max Pam