Ook in VS wordt voorrang vrouwen in banen beperkt

WASHINGTON, 20 OKT. In de Verenigde Staten, het land dat al zo'n dertig jaar ervaring heeft met positieve discriminatie, is deze methode om minderheidsgroepen betere kansen te geven het afgelopen jaar sterk ter discussie komen te staan. Zoals het Europese Hof van Justitie eerder deze week overheidsregelingen onrechtmatig verklaarde die vrouwen voorrang geven bij banen en promoties, zo heeft in de VS het Hooggerechtshof in juni de mogelijkheden voor positieve discriminatie beperkt.

In de debatten die in de VS over het onderwerp worden gevoerd, gaat het meestal over positieve discriminatie (affirmative action) van raciale minderheden, van wie de zwarten de grootste groep vormen. Dat het vooral vrouwen zijn geweest, en in het bijzonder blanke vrouwen, die de afgelopen decennia geprofiteerd hebben van positieve discriminatie, komt weinig naar voren.

Zowel op federaal niveau als in de deelstaten bestaat er een veelheid aan regelingen die minderheden een betere toegang moeten geven tot banen, onderwijs en overheidsopdrachten aan bedrijven. Op alle terreinen is de oppositie ertegen sterk gegroeid. Vooral blanke mannen voelen zich achtergesteld op de arbeidsmarkt. Steeds meer politici verwoorden die onvrede, en pleiten voor terugdringing of afschaffing van positieve discriminatie. Op scholen en universiteiten zijn het vaak de Aziaten die in opstand komen tegen het voorkeursbeleid. In de pers duiken regelmatig verhalen op over bedrijven die overheidsopdrachten in de wacht slepen dank zij een eigenaar met een buitenlands klinkende naam of via een stroman die onder het minderhedenbeleid valt.

De gouverneur van Californië, Pete Wilson, was ooit een voorstander, maar pleit nu voor afschaffing in zijn staat. Hij slaagde er al in om de positieve discriminatie bij de Universiteit van Californië terug te draaien. In zijn campagne om de Republikeinse presidentskandidaat te worden had hij er een belangrijk thema van willen maken. Wilson heeft zijn campagne vorige maand gestaakt wegens gebrek aan geld en steun, maar andere Republikeinen hebben dit campagnethema al overgenomen.

President Clinton heeft het deze zomer voor het principe van positieve discriminatie opgenomen, al zouden de regelingen volgens hem wel minder stringent moeten worden. Tegelijk doet het Witte Huis zijn best duidelijk te maken dat positieve discriminatie niet alleen voor etnische minderheden bestaat, maar ook voor vrouwen. Als groep van potentiële kiezers zijn vrouwen, grofweg de helft van de bevolking, voor Clinton van enorm belang.

Het Amerikaanse debat over de maatregelen wordt niet alleen gevoed door het kwade bloed dat positieve discriminatie vaak zet. Over de effectiviteit ervan wordt zeer verschillend gedacht. Met name zwarte mannen hebben op de arbeidsmarkt nog een enorme achterstand, meer nog dan zwarte vrouwen.

Het afgelopen decennium hebben vrouwen, en vooral blanke vrouwen, zowel bij de overheid als in het bedrijfsleven hun positie aanzienlijk versterkt: zowel wat betaling en gemiddeld functieniveau betreft, als in aantallen (meer dan 40 procent van alle banen in het middenkader in het bedrijfsleven wordt nu door vrouwen vervuld). Maar in hoeverre dat te danken is aan positieve discriminatie is niet precies te zeggen. Het aantal vrouwen dat eigenaar van een bedrijf is steeg de afgelopen jaren explosief (37 procent van alle Amerikaanse bedrijven is nu in handen van vrouwen). Maar dat lijkt niet een gevolg van de voorkeursregelingen van overheidscontracten - van de aanbestedingen van de federale overheid gaat nog altijd niet meer dan twee procent naar bedrijven van vrouwen.