Sri Lanka: Tijgers lijden zware verliezen

COLOMBO, 19 OKT. De Sri-Lankese Tamil Tijgers hebben de afgelopen dagen in gevechten nabij hun noordelijke bolwerk Jaffna zware verliezen geleden. Het persbureau National News Agency maakte vandaag bekend dat de Tijgers de lichamen van 65 gesneuvelde mede-guerrillastrijders hebben achtergelaten nadat het regeringsleger was opgerukt. Het totale dodental van de strijd van de afgelopen drie dagen onder de Tamils zou 125 à 150 bedragen. Het leger heeft het verlies van 52 manschappen toegegeven.

Het Sri-Lankese leger wierp zwaar geschut in de strijd tegen de rebellen. De landmacht bediende zich van tanks en artillerie en kreeg steun vanuit de lucht. De Tijgers moesten een groot aantal bunkers prijsgeven.

Behalve in het noorden werd de afgelopen dagen ook gevochten in het oosten. De Tijgers maakten vandaag melding van het opblazen van drie marinevaartuigen in de oostelijke havenstad Trincomalee. De actie werd uitgevoerd door 'Zwarte Zee-Tijgers' en kostte aan “verscheidene zeelieden en hoge” officieren het leven. De Sri-Lankese marine zegt dat slechts één vaartuig is opgeblazen, waarbij negen doden zouden zijn gevallen.

Jaffna, de uiterste noordpunt van het eiland Sri Lanka, is het hoodkwartier van de Tamil Tijgers, die sinds 1983 vechten voor een onafhankelijke Tamil-staat in het noorden en oosten. Begin dit jaar poogde president Kamaratunga een dialoog aan te gaan met de Tijgers en slaagde zij erin een wapenstilstand te bereiken. Deze werd in april door de Tijgers verbroken. Sindsdien is de burgeroorlog in alle hevigheid hervat. Volgens een opgave van Colombo zijn in twaalf jaar tijd 50.000 mensen bij het oorlogsgeweld om het leven gekomen. (AP)