Israelische oppositie wil Arafat berechten

TEL AVIV, 19 OKT. Mocht de Israelische oppositiepartij Likud in 1996 de verkiezingen winnen dan zal reserve-generaal Ariel Sharon zich inzetten om “de oorlogsmisdadiger Yasser Arafat voor een rechtbank in Jeruzalem te brengen”.

Tijdens een ontmoeting met de buitenlandse pers, gisteren in het Sheraton-hotel in Tel Aviv, zei de oud-minister van defensie (onder Likud-premier Menachem Begin) dat hij de Palestijnse leider “nooit de hand zal schudden, laat staan met hem zal praten”. Sharon, die in 1982 de dirigent was van de Israelische invasie in Libanon, gericht tegen de daar gevestigde de facto 'PLO-mini-staat', zei dat Arafat persoonlijk opdracht heeft gegeven tot het “vermoorden van vrouwen, kinderen en grijsaards. Sinds de nazi-tijd is er niemand geweest die zoveel joods burgerbloed aan zijn handen heeft”. De Palestijnse leider kreeg vorig jaar de Nobelprijs voor de Vrede, samen met de Israelische premier Yitzhak Rabin en minister van buitenlandse zaken Shimon Peres.

Sharon zei dat Israelische militairen Arafat bij zijn gedwongen vertrek uit Beiroet in 1984 in het vizier kregen en hem hadden kunnen doden. “Maar er was een overeenkomst”, aldus Sharon, met spijt in zijn stem.

Sharon toonde zich bezorgd over de toekomst van de staat Israel. “Sinds de Onafhankelijkheidsoorlog (in 1948) heeft Israel nog nooit in zo'n gevaarlijke situatie verkeerd als nu”, zei hij. De Israelische bevolking is weliswaar toegenomen en met de economie gaat het ook goed, “maar er is iets mis met de mentaliteit”. Hij ergert zich aan soldaten die bij de graven van hun gesneuvelde kameraden in huilen uitbarsten en maakt zich grote zorgen over de erosie van de zionistische idealen. “In mijn tijd was dat anders. We hielden onze tranen in tot na de begrafenis”, zei hij.

Sharon maakte deze opmerking naar aanleiding van de huilpartijen van soldaten deze week tijdens de begrafenissen van zes militairen die in Libanon bij aanslagen van Hezbollah om het leven kwamen. Sharon kantte zich tegen een eventuele terugtrekking van het Israelische leger uit de 'veiligheidszone' in Zuid-Libanon. Hij is ervan overtuigd dat Hezbollah de aanvallen op Noord-Israel zal voortzetten, omdat de op Iran geöriënteerde organisatie uiteindelijk uit is op de 'bevrijding' van Jeruzalem.

Wegens de intensiteit van de guerrilla-oorlog die Hezbollah in Zuid-Libanon tegen Israel voert opperde hij het idee om de Israelische luchtmacht en zware artillerie in te zetten om de bevolking uit Zuid-Libanon te verjagen als voorbode voor de uitbreiding van de 'veiligheidszone' tot de Litani-rivier en de bezetting van de twee strategisch belangrijke bruggen over deze rivier. In dat geval verliest Hezbollah zijn greep op Noord-Israel, waarop de organisatie regelmatig katjoesjaraketten afvuurt, en verkrijgt het Israelische leger volgens Sharon grotere vrijheid van handelen in de strijd tegen Hezbollah.

    • Salomon Bouman