Ouders eisen in kort geding toelating van zoon op school

ROTTERDAM, 18 OKT. De ouders van een veertienjarige scholier hebben een kort geding aangespannen tegen het openbare Libanon Lyceum in Rotterdam. Ze eisen dat de school hun zoon weer toelaat in de tweede klas mavo/havo. De nog leerplichtige jongen werd maandag definitief van school verwijderd omdat hij eind vorige maand betrokken was bij ongewenste handelingen bij een eveneens veertienjarig meisje uit een parallelklas.

Uit verklaringen van betrokken scholieren aan de schoolleiding en de politie blijkt dat op donderdag 28 september na schooltijd, rond half vier 's middags, het meisje samen met een vriendin op de stoep stond voor het schoolgebouw aan de Mecklenburglaan. De zoon in kwestie riep tegen drie klasgenoten en drie passerende MAVO-leerlingen van een aanpalende dependance, stuk voor stuk jongens: “Zullen we een geintje uithalen en haar rok losmaken?” Het meisje werd tegen het stalen schoolhek aangeduwd. Twee tweedeklassers hielden haar vast, vier anderen betastten haar lichaam, een kneep in haar borsten en de betrokken veertienjarige jongen bukte zich. Hij knoopte het rokje open. Daarna lieten ze haar gaan.

Het slachtoffer besloot er niets over zeggen, thuis niet en ook op school niet. Met haar mini-rokje zou het zelf hebben uitgelokt, verklaarde ze later aan haar mentor. Maar haar vriendin die alles gezien had, stelde de volgende dag in de middagpauze de conrector op de hoogte. De vier tweedeklassers werden voor een week van school gestuurd, nadat ze in een gesprek met de schoolleiding hun betrokkenheid hadden toegegeven. Ook het slachtoffer deed huilend haar verhaal. Ze had die dag twee broeken over elkaar aangetrokken om er zeker van te zijn dat ze niets meer zou 'uitlokken'.

Diezelfde avond nog lichtte de schoolleiding de ouders in en werd het onderzoek in handen gegeven van de Jeugd- en Zedenpolitie. De vier tweedeklassers werden in de loop van de week verhoord en ook de drie MAVO-scholieren werden achterhaald, maar van een verhoor kwam het niet. Na een twee uur durend gesprek met het slachtoffer, twee tweedeklassers, een politieman en een schoolbestuurder bleek namelijk dat het meisje geen aanklacht wilde indienen, om de zaak zo snel mogelijk te vergeten. En op de vraag of de jongens wat haar betreft op school mochten terugkeren knikte ze bevestigend.

Zodoende staakte de politie eind vorige week het onderzoek en werd het weer een zaak voor de school zelf. Met de drie MAVO-scholieren zal na de herfstvakantie gesproken worden en drie van de vier tweedeklassers zijn inmiddels weer teruggekeerd op het lyceum voor MAVO, HAVO en VWO (1500 leerlingen). Alleen de veertienjarige jongen is definitief van school gestuurd. “Hij was de aanstichter. Bewezen is dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan ongewenst gedrag ten aanzien van een meisje”, verklaart het schoolbestuur bij monde van directiesecretaris F. Pompen van de dienst openbaar onderwijs van de gemeente Rotterdam. Schoolbestuur en schoolleiding zijn op zoek naar een nieuwe school.

De moeder van de jongen, P. Huisman, spreekt van een “uit de hand gelopen geintje dat is opgeblazen tot Oude-Pekela-proporties”. Behalve hernieuwde toelating tot de school eist ze een volwaardig feitenonderzoek en ook openbare excuses van de school. Huisman, die met man en zoon in het Rotterdamse Kralingen woont: “Onze zoon gaat in onze buurt over de tong als de verkrachter die naar een tuchthuis moet. Ook de ouders van zijn vriendinnetje hebben elk contact met onze zoon verboden.” Huisman heeft de school de afgelopen weken een reeks aangetekende brieven gestuurd. Het motief was 'een geintje', beklemtoont ze daarin. Ze schrijft: “Dus moet dát uitgangspunt worden gecombineerd met de handelingen. Het is onjuist om een definitie te hanteren die niet van de kinderen zelf is maar van volwassenen, die ernaar kijken vanuit hun eigen belevingswereld.”

Rector H.M. van der Velden-van Bakel is verbijsterd. In de twaalf jaar dat ze aan het hoofd van de school staat, is het voor het eerst dat school en ouders eenzelfde feit zo verschillend interpreteren. Elk schooljaar verdwijnen er leerlingen van school, maar altijd na “constructief overleg” met ouders, leerling en school. Ze herinnert zich een dertienjarig meisje dat onder schooltijd bij een popconcert in Amsterdam was betrapt terwijl haar moeder volhield dat ze ziek was en een leerling die in de middagpauze voor klasgenoten fietsen stal in ruil voor geld. In beide gevallen bleek tijdens een gesprek dat de ouders het gedrag afkeurden maar vonden dat de school hun kind daarop niet mocht aanspreken. In “goede harmonie”, zegt Van der Velden, werd besloten een andere school te zoeken.

Ook in dit geval heeft de rector uitgebreid met de ouders gesproken. Ze heeft hen gewezen op het 'open schoolklimaat' waar alles draait om respect. Leerling voor leraar, leerling voor leerling, ouder voor leraar, ouder voor leerling en vice versa.

Toen haar bleek dat de jongen tijdens de week schorsing zich in de pauze op het grasveld aan de overkant van de school ophield tegen de afspraak in, was voor haar de maat vol. “Hij stond er ostentatief een sigaretje te roken en hofhouding te houden met zijn epigonen”, aldus de schooldirecteur. Volgens de ouders, die op een steenworp afstand wonen, om te socializen. Intussen bleef in de school de zaak dagen achtereen het onderwerp van gesprek. Het werd een 'jungle', zegt Van der Velden. “Het meisje kreeg te horen dat zij het zelf had uitgelokt, dat zij een hoer is en zij van school gestuurd had moeten worden. En dat kan natuurlijk niet. Dan trek je een kritische grens. Want we moeten ook aan haar denken.” De toestand van het meisje zelf is, zegt Van der Velden, labiel.