Dwaalsporen in schokkend debuut van Kerrigan

Clean, Shaven. Regie: Lodge Kerrigan. Met: Peter Greene, Jennifer MacDonald, Robert Albert. In: Enschede, Vestzaktheater (do), Arnhem, Filmhuis (vr t/m di). Daarna in Utrecht, Ekko (27-28/10); Groningen, Vera (30-31/10); Amsterdam, Desmet (2-8/11); Alkmaar, Provadja (9-10/11); Den Bosch, Jeroen (12/11); Nijmegen, Cinemariënburg (16-22/11); Rotterdam, Popi (28/11); Eindhoven, Effenaar (29/11); Den Haag, Paard (7-9/12).

Via het zogenaamde derde circuit van (kleinere) filmhuizen en een tijdelijk geïmporteerde, niet ondertitelde kopie wordt het Nederlandse publiek in staat gesteld kennis te maken met Clean, Shaven, de geruchtmakende debuutfilm van Newyorker Lodge Kerrigan. De reden dat Clean, Shaven - ondanks succesvolle vertoningen op bijna elk internationaal filmfestival - geen normale distributeur vond, ligt voor de hand: van Cannes tot Rotterdam, overal liep een deel van het publiek halverwege weg, omdat Clean, Shaven enkele van de schokkendste scènes bevat sinds Un chien Andalou (Buñuel & Dali, 1929). Je kunt het maar beter tevoren weten: de zojuist uit detentie vrijgelaten schizofrene hoofdpersoon knipt in zijn hoofdhuid. Wanneer hij in zijn nagel een zendertje vermoedt, moet ook daar het mes in.

Door eenvoudigweg het hoofd af te wenden op de twee cruciale momenten, kan ook de niet tegen fysiek ongemak opgewassen kijker de film uitzitten. Het is een bijzondere, zich in het grensgebied van experimentele film, thriller en griezelexploitatie bewegend portret van een geesteszieke, die nu eens niet als een schattig-naïeve, bijna benijdenswaardige levenskunstenaar afgeschilderd wordt. De eveneens debuterende, imposante acteur Peter Greene bouwde sinds de wereldpremière van Clean, Shaven (september 1993) een aardige carrière op als filmpsychopaat, bij voorbeeld als motoragent Zed in Pulp Fiction.

Kerrigan (geb. 1964), van huis uit cameraman, zet de toeschouwer met zijn non-lineaire, fragmentarische en subjectieve verteltrant steeds op het verkeerde been. Een rechercheur achtervolgt de hoofdpersoon, omdat er in de omgeving (de opnamen vonden plaats op een Canadees eiland) een kind vermoord is. Herhaaldelijk suggereert de film ook enige betrokkenheid van de hoofdpersoon, maar dat kunnen ook dwaalsporen zijn, bij voorbeeld opzettelijk verzonden door de alom zoemende elektriciteitsdraden. De ruisgeluiden die de film begeleiden zijn waarschijnlijk zeer representatief voor het ziektebeeld, maar maken de beleving van de toeschouwer er niet aangenamer op.

Clean, Shaven is een behoorlijk verontrustende, interessante film die op geen enkele manier tracht te behagen. Vergelijkingen met bij voorbeeld Polanski's Repulsion en met Henry, Portrait of a Serial Killer dienen zich vanzelf aan.

    • Hans Beerekamp