In strijd met gelijkheidsbeginsel; Hof wijst positieve discriminatie af

ROTTERDAM, 17 OKT. Positieve discriminatie van vrouwelijke werknemers en sollicitanten is in strijd met Europese wetgeving. Dat heeft het Europese Hof van Justitie vanmorgen bepaald. Door deze uitspraak zijn nationale regelingen op dit gebied automatisch nietig verklaard.

Volgens het Europese Hof zijn quotaregelingen die vrouwen voorrang geven boven gelijk gekwalificeerde mannen, alleen op grond van het feit dat in de betreffende sector minder vrouwen dan mannen werken, in strijd met het Europese grondrecht van ieder individu op gelijke behandeling. Het Hof heeft met deze uitspraak de conclusie van advocaat-generaal G. Tesauro overgenomen.

Politici en juristen die zich bezig houden met gelijke behandeling reageerden vanmorgen teleurgesteld. “Ik vrees dat deze uitspraak verstrekkende gevolgen heeft voor het gelijke-kansenbeleid”, zei Europarlementariër Hedy d'Ancona (PvdA) vanochtend.

“Vanuit juridisch oogpunt vind ik het vrij shockerend. Ik had dit niet verwacht. De consequenties gaan ver, omdat alle nationale rechters dit nu moeten overnemen”, zegt dr. A. Veldman, specialist op het gebied van gelijke behandeling en verbonden aan de universiteit van Utrecht.

De uitspraak van het Hof betekent een trendbreuk in het beleid van de Europese Unie om de achterstandspositie van vrouwen via gerichte maatregelen te verbeteren. Dergelijke maatregelen mogen een discriminerend karakter hebben, zo stelt de Europese Richtlijn uit 1976, zolang het doel is te komen tot gelijkwaardigheid van zowel mannen als vrouwen. Het Europses Hof van Justitie hanteert daarbij, zo blijkt uit de uitspraak, een beperkte uitleg van deze uitzonderingsregel. Het Hof heeft de uitspraak gedaan naar aanleiding van een geschil tussen de Duitse burger Kalanke en zijn werkgever, de stadstaat Bremen.

Op korte termijn zullen de directe gevolgen van de uitspraak in Nederland niet al te groot zijn, omdat maar een klein deel van de arbeidsorganisaties een strikt voorkeursbeleid voor vrouwen - bij gelijke geschiktheid - hanteert. Pikant daarbij is wel dat het juist de Nederlandse overheid is, die de laatste jaren sterk op dergelijk beleid heeft ingezet.

Volgens juriste Veldman was in Nederland echter juist een ontwikkeling gaande om het voorkeursbeleid voor vrouwen aan te scherpen. Daarbij zouden vrouwelijke kandidaten al bij voldoende geschiktheid voorrang moeten krijgen boven hun mannelijke concurrenten.

In de gemeente Amsterdam hanteert men al geruime tijd een dergelijk beleid. “Dat kan nu natuurlijk helemaal niet meer”, zegt Veldman. Ook zouden mannen die in het verleden zijn gepasseerd door gelijk geschikte vrouwen volgens Veldman op basis van deze uitspraak bij de nationale rechter kunnen aankloppen voor een schadeloosstelling.

    • Marcella Breedeveld