Kalme beurs voor Nederlandse literatuur

FRANKFURT, 16 OKT. Voor de Nederlandse uitgevers is de vandaag geëindigde Frankfurter Buchmesse een relatief rustige beurs geweest. Na het topjaar 1993, toen Nederland en Vlaanderen themaland waren en bijna elke Duitse uitgever zijn eigen Nederlander probeerde binnen te halen, is de belangstelling voor Nederlandse en Vlaamse auteurs nu weer wat meer tot normale proporties teruggekeerd. Ook vergeleken met het vorig jaar, toen er nog enkele verlate vruchten van de collectieve promotie van het Nederlandse boek konden worden geoogst, is het stiller geworden in de Nederlandse stands.

Werd er in 1994 nog door tientallen buitenlandse uitgevers op De Tweeling van Tessa de Loo en Blauwe maandagen van Arnon Grunberg geboden, nu was er alleen maar 'belangstelling' voor de Nederlanders, zonder dat dit al tot veel opzienbarende aankopen heeft geleid. Indische duinen van Adriaan van Dis, waarvan de rechten al eerder waren verkocht naar Amerika, Frankrijk, Duitsland, Zweden, Denemarken, Noorwegen en Kroatië, ondervindt nu volgens een woordvoerster van het Nederlands Literair Produktie- en Vertalingenfonds 'veel belangstelling' uit Groot- Brittannië. Het Britse Harper Collins dat het afgelopen jaar twaalfduizend exemplaren van Marcel Mörings Het Grote Verlangen wist te verkopen, zou 'geïnteresseerd' zijn in andere boeken van deze schrijver. En het is 'voor 90 procent zeker' dat De virtuoos van Margriet de Moor binnenkort aan Japan wordt verkocht. Maar dat is dan ook alles wat het Produktiefonds, dat de verkopen op de beurs coördineert, tot nu toe weet te melden.

Anders dan in 1993 en 1994, toen in de media de ene na de andere Nederlander werd aangeprezen, zijn er in de vorige week verschenen boekenbijlagen van de Duitse kranten ook vrijwel geen recensies meer te vinden van nieuw verschenen Nederlandse werk. 'Die Niederländische Welle' lijkt eindelijk voorbij. Het enige literaire succes dat die naam verdient is de vertaling van Advocaat van de hanen van A.F.Th. van der Heijden, die op bladzijde zeven van het boekenkatern van de Frankfurter Rundschau door een recensent tot een van de twee hoogtepunten van dit najaar wordt uitgeroepen.

De Bezige Bij, de uitgever van Mulisch, Claus en De Winter, is ondanks het uitblijven van belangrijke resultaten nog altijd optimistisch over de toekomst van het Nederlandse boek. Een teken aan de wand is volgens een woordvoerster dat de grote Zwitserse uitgeverij Diogenes zojuist de 'wereldrechten' van Leon de Winter heeft overgenomen. Dat betekent dat zijn werk de komende jaren makkelijker onder de aandacht van andere grote uitgevers in het buitenland kan worden gebracht, die misschien nog nooit van de Bezige Bij hebben gehoord.

Adjunct-directrice Rudi Wester van het Nederlands Literair Produktie- en Vertalingenfonds valt hen in dit optimisme bij. “Er is nu op de Messe een continue belangstelling voor Nederlandse boeken, die belangrijker is dan de vroeger gangbare aandacht voor één boek van één auteur. Wij merken hier dat de oude auteurs nog altijd in de belangstelling staan, terwijl er daarnaast steeds meer jongeren worden vertaald. Wij zijn over de toekomst van de Nederlandse literatuur dan ook absoluut niet negatief.”

Het grootste commerciële succes van deze herfst lijkt, wat Nederland betreft, te zijn weggelegd voor Tessa de Loo's De Tweeling. Van de vorige maand bij C. Bertelsmann verschenen vertaling van de Nederlandse bestseller over de lotgevallen van een Nederlands-Duitse tweeling tijdens de Tweede Wereldoorlog worden volgens de Duitse uitgever op dit moment elke dag zeshonderd exemplaren verkocht - terwijl de meeste recensies nog moeten verschijnen. Nadat een televisiezender en de toonaangevende bladen Stern en Der Spiegel meteen bij verschijnen in reportages veel aandacht aan Die Zwillinge besteedden, waarbij zij niet nalieten te vermelden dat De Loo vanwege haar boek in Nederland voor 'landverraadster' is uitgemaakt, is het boek op verschillende bestsellerlijsten terechtgekomen, waar het voorlopig wel niet meer af zal gaan.

Tessa de Loo, die op dit moment voor de promotie van haar boek in Duitsland is, laat vanachter haar tafeltje op de Bertelsmann-stand weten dat De Tweeling bij de Duitsers die zij heeft ontmoet een heel andere reactie oproept dan ze had gedacht - en gevreesd. Terwijl de Nederlandse lezers zich vooral identificeerden met de 'foute' Duitse helft van de tweeling en de 'goede' Nederlandse zuster vaak te rechtlijnig vonden, vergaat het de Duitse lezers volgens De Loo juist omgekeerd: “In Duitsland blijkt de meeste sympathie uit te gaan naar de naar Nederland verhuisde zuster. In de Duitse herkent men eerder de generatie van de ouders, van wie men al genoeg verhalen over de oorlog heeft moeten aanhoren.” Voor de Duitsers is De Tweeling, met zijn verhalen over jodenvervolging en onderduikers, daardoor eerder een nieuw Dagboek van Anne Frank dan een geschrift van een landverraadster. Eerder een aanklacht tegen het Duitse optreden in de oorlog dan een vergoelijken ervan.

    • Reinjan Mulder