Claes had in Nederland allang zijn congé gekregen

De positie van de in opspraak geraakte NAVO-topman Willy Claes lijkt onhoudbaar. Dat hij nog niet is opgestapt, hangt volgens Derk Jan Eppink nauw samen met de Belgische politieke cultuur. Overigens kunnen Nederlandse politici die vinden dat Claes moet aftreden hun mond beter nog even houden.

Politieke schandalen sieren doorgaans een democratie omdat ze haar zelf-zuiverend vermogen toont. Af en toe moet er bloed vloeien, voor het politieke theater en het moreel van de democraten. Maar de golf van schandalen die Italië, België en Frankrijk de voorbije jaren trof, duidt op een chronische ziekte. Deze landen hebben - in tegenstelling tot Groot-Brittannië, Duitsland of Nederland - een gepolitiseerd systeem gemeen.

Politici benoemen hun pionnen in de ambtenarij of bij overheidsbedrijven en de rechterlijke macht. De partij en haar macht staat centraal, niet het parlement. Partijen treden op als machtskartels die de staat gebruiken om gunsten, baantjes, subsidies en vergunningen uit te delen.

De Agusta-perikelen van Willy Claes getuigen ervan. Hij voelde zich als een vis in het water van de 'particratie'. Zijn naam viel in veel grotere affaires, zoals gerommel met oliecontracten, gunsten voor socialistische ziekenfondsen, of fraude met het werk van instituten die opiniepeilingen verrichtten.

Claes volgde in alle zaken één stramien. Hij ontkende, bedreigde de pers met gerechtelijke procedures en gaf eventueel de schuld aan medewerkers. Een smoking gun werd nooit gevonden; onderzoekers kwamen nooit verder dan circumstantial evidence. De lange carrière van Claes, een vechtersbaas die doorgaat tot de laatste snik, trok een spoor van schandalen. Maar hij bleef onverminderd doorstomen naar de top in België en krult zich nu om zijn NAVO-troon.

Voor Nederlanders is dat onbegrijpelijk. Ze horen Claes, maar verstaan hem niet. In Nederland en België wordt dezelfde taal gesproken, maar de politieke cultuur is erg verschillend. Omgekeerd begrijpt geen Belg dat Charles Schwietert in 1982 al binnen twee dagen aftrad als staatssecretaris wegens een leugentje over een, inmiddels behaalde, academische titel. Of hoe vorig jaar de politieke loopbaan van PvdA-Kamerlid Evan Rozenblad in de knop werd gebroken wegens een te rooskleurige weergave van de eigen levensloop.

Overigens gelden ook in Nederland de strenge regels niet voor iedereen. Voormalig premier Lubbers overleefde de Koeweit-affaire in 1988, toen hij had geïntervenieerd voor zijn familiebedrijf Hollandia Kloos. Het CDA was nog oppermachtig, terwijl de VVD coalitiegenoot was en de PvdA het wilde worden. Macht en opportunisme deden politieke zeden geweld aan. Ex-minister Gerrit Braks van Landbouw trad in 1990 af voor minder.

En ook in Nederland zijn er politieke gunsten. Zo wordt een ex-minister wel eens tot Commissaris van de Koningin benoemd, terwijl de provinciale adviseurs een ander profiel schetsten. Hetzelfde geldt voor ex-Kamerleden die burgemeester worden via hun Haagse netwerk. Politieke benoemingen vormen het smeermiddel van elk politiek systeem. Het verschil met België is dat het Nederlandse bestel er niet van is doordrenkt. De Nederlander kan ook iets bereiken zonder de lange arm van de politicus. De Belg niet.

Tegenover het calvinistische Binnenhof staat de Florentijnse Wetstraat, het politieke centrum van België. België kent enkele 'baronieën', bijna partijpolitieke vorstendommen. Willy Claes, ex-burgemeester van Hasselt, groeide uit tot onbetwist SP-boegbeeld van Belgisch Limburg. Hij maakte er carrière, deelde er gunsten uit en banen. In het naburige Luik was de Waalse socialist, André Cools, de machtige partijbaron. Hij werd in 1991 doodgeschoten voor het huis van zijn maîtresse. In andere regio's trekken weer andere politieke kopstukken aan de touwtjes.

Het succes van de politicus wordt in België afgemeten aan wat hij kan doen voor zijn kiesdistrict. Niet de positie in de fractie staat voorop, maar de macht in de kieskring. Wie sterk staat in de streek, staat sterk in de partij en komt in aanmerking voor een regeringspost. En wie minister is, kan nog eens een compensatie-order in de eigen kieskring plaatsen, waardoor partijgenoten een baan krijgen. Zo wast de ene hand de andere.

Claes kende dit systeem als geen ander; hij was eerder machiavellist dan socialist. Tegenover zijn sterke basis in Hasselt, waar hij altijd bleef wonen, staan zijn vrienden aan de top. Ook hier is er een groot verschil met Nederland. Claes is prominent lid van de vrijmetselaarsloge, op zich een ideële club vrijzinnigen. In het katholieke België werd de loge een contact-netwerk voor prominente socialisten en liberalen. De loge is er een “politiek gegeven”; politici, journalisten en rechters zijn er lid van. De vrijmetselarij bood Claes een netwerk boven partijen en tussen beroepsgroepen, en zij bood hem ook bescherming. Over de uitgebreide ledenlijst van de loge wordt in België alleen fluisterend gesproken.

Ook de rol van het Koningshuis, een trouwe bondgenoot van Claes, is een verschil met Nederland. Regering en hof schoten Claes te hulp omdat zijn aftreden een “afgang voor België” zou zijn. Toen de opperste rechter van het land, Jacques Vélu, onlangs de “inbeschuldigingstelling” van Claes vroeg aan de Kamer, reageerde het systeem. Juridisch had Vélu geen andere keus dan vrijpleiten of in beschuldiging stellen. Plots verscheen echter de minister van justitie, Stefaan de Clerck, op televisie om te zeggen dat er ook een andere term was: doorverwijzing.

De Clerck handelde daarbij op instructie van premier Jean-Luc Dehaene. Koning Albert ontving daarop Vélu op audiëntie. Inbeschuldigingstelling is het definitieve einde van Claes' carrière; doorverwijzing geeft nog enig respijt. De term werd bedacht om Claes in de NAVO-zetel te houden. Het Koningshuis heeft Claes als garantie gezien tegen anti-monarchistische gevoelens bij de socialisten. Hij heeft dit spel gespeeld en rekent nu op machtige vrienden.

Maar bij de publieke opinie heeft hij alle krediet verloren. De gewone Belg ziet geen verschil meer tussen Claes en Andreotti, en bij de grote partijen overheerst twijfel. Hoe lang nog kunnen ze de NAVO-topman uit de wind houden die bij het grote publiek als sjoemelaar bekend staat? Zo is de kwestie-Claes ook een gewetenskwestie voor parlementsleden die over hem zullen beslissen.

Naast deze manipuleerbare Belgische lijn loopt voor Claes de NAVO-lijn. Ook hier heeft hij vrienden: de Verenigde Staten. Claes zette zich altijd in voor de plaatsing van kruisraketten, terwijl zijn partij tegen was. Hij ontpopte zich tot de enige 'Atlanticus' van de SP. Als minister van economische zaken steunde Claes de wapenexport, tegen de zin van zijn partij. Voor Washingon werd hij een betrouwbare vriend, wat de weg plaveide naar de topfunctie bij de NAVO.

Voor Nederlandse politici die twijfelen aan de integriteit van Claes is het niet verstandig zich uit te spreken. Want België is een partner op andere dossiers. Een 'Brutus-rol' wordt immers nooit beloond. Bovendien is Claes binnen de NAVO America's baby. De Amerikanen moeten maar beslissen of een secretaris-generaal van de NAVO dingen mag doen waarvoor een minister in de VS, Engeland, Duitsland, Nederland, Denemarken en Noorwegen aftreedt.