Twaalf jaar cel voor balpenmoord

ROTTERDAM, 14 OKT. Een 25-jarige man uit Leiden is gisteren door de rechtbank in Den Haag veroordeeld tot een gevangenisstraf van twaalf jaar wegens moord op zijn moeder. Volgens de rechtbank heeft de Leidenaar zijn moeder vermoord door met een kleine kruisboog een balpen in haar oog te schieten. De officier had vijftien jaar geëist.

Op 25 mei 1991 werd in Leiden het stoffelijk overschot gevonden van de 53-jarige M.V.T. Sectie door het gerechtelijke laboratorium in Voorburg leidde tot de vondst van een zwarte Bic-ballpoint in de rechteroogkas. De pen was van buitenaf niet zichtbaar. De ballpoint was door een ooglid geboord en diep in de schedel doorgedrongen. Forensische onderzoekers sloten de mogelijkheid van een ongeval niet uit. De oogarts en hoogleraar J. Worst uit Haren hield het voor mogelijk dat het slachtoffer zich tijdens een val heeft gespiest op de pen die zij in haar hand hield. De verwonding van de vrouw was volgens de hoogleraar geheel in overeenstemming met de 'valincidenten' die hij had bestudeerd.

Toch ging de politie van meet af aan uit van moord. In 1991 werd tegen de echtgenoot en de drie kinderen van het slachtoffer een gerechtelijk vooronderzoek geopend. Dit onderzoek werd aanvankelijk afgesloten zonder dat bewijs werd gevonden dat een van de familieleden betrokken zou zijn geweest bij de moord.

Omdat de familieleden vonden dat zij onheus waren behandeld door de politie dienden zij een klacht in bij de Nationale Ombudsman. De politie had de familieleden onder meer verzuimd te vertellen dat zij niet als getuigen werden gehoord maar als verdachten. De Ombudsman stelde de familie in het gelijk.

Nadat een anonieme informant bij de politie dit jaar had verklaard dat zij van de zoon van het slachtoffer had gehoord dat hij zijn moeder 'met een kleine kruisboog' had gedood, werd het onderzoek heropend. De anonymus gaf uiteindelijk aan bereid te zijn een getuigeverklaring af te leggen, onder voorwaarde van strikte anonimiteit. Zij werd tijdens de terechtzitting door de rechtbank achter gesloten deuren gehoord.

De getuige, die therapeute van de verdachte was, verklaarde dat haar cliënt haar had verteld: “Mijn mammie was stout, dat zij dood is, is mijn schuld.” Op haar vraag 'Heb jij dat gedaan?' zou de verdachte met 'ja' hebben geantwoord. De therapeute werkt volgens de relationeel emotieve trainingswijze (RET), een vorm van gedragstherapie.

Bij de vereniging van gedragstherapeuten wijst bestuurslid T.van der Schoot op de geldende geheimhoudingsplicht voor psychotherapeuten. Slechts onder nauw omschreven voorwaarden, zegt hij, mag een therapeut zich van zijn geheimhoudingsplicht ontheven weten. Volgens Van der Schoot is de eerste voorwaarde dat alles in het werk moet zijn gesteld om toestemming van de cliënt te verkrijgen de uit de behandeling verkregen kennis aan derden kenbaar te maken. In het geval van de 25-jarige Leidenaar was dit niet gebeurd.

Ook over het waarheidsgehalte van de gegevens, die tijdens een therapie naar boven zijn gekomen, heeft Van der Schoot zijn bedenkingen. “Het is betreurenswaardig dat een psychologisch feit, zoals zich dat tijdens een therapie voordoet, wordt vermengd met een juridische werkelijkheid.” Te bepalen wat in een therapie waarheid is, is volgens hem “een onmogelijke kwestie”. Volgens de rechtbank was de verklaring van de therapeute echter zowel wettig als overtuigend.

Volgens een woordvoerder van een RET-centrum in Haarlem kan iedereen de relationeel emotieve training geven. “Het is geen beschermde titel.” De getuige staat ook niet als erkende therapeute ingeschreven bij het ministerie van VWS.

De rechtbank is bij de beoordeling van het bewijsmateriaal ook voorbij gegaan aan de stelling van oogarts Worst dat het onmogelijk is om met een kruisboog een Bic-ballpoint zo diep het oog in te schieten dat tot aan de schedel hersenweefsel wordt verscheurd. Volgens de oogarts levert een handkruisboog daarvoor onvoldoende energie. “Zelfs bij een contactschot, vlak tegen het oog, verliest een zo licht object als een ballpoint snel energie vanwege de weerstand van ooglid en oog.”

De verdediging heeft hoger beroep aangetekend.