CBA wankelt door nieuwe wetgeving

DEN HAAG, 14 OKT. De kans is groot dat het Centraal Bestuur voor de Arbeidsvoorziening (CBA), de overkoepelende organisatie van de arbeidsbureaus, uiteenvalt. Werkgeversorganisaties en vakcentrales dreigen met opstappen, als de Tweede Kamer instemt met het voorstel van minister Melkert (sociale zaken en werkgelegenheid) voor een nieuwe Arbeidsvoorzieningswet.

Melkert heeft dit wetsvoorstel gisteren naar de Kamer gestuurd. De werkgeversorganisaties en de vier vakcentrales vinden dat de minister te veel macht naar zich toetrekt en dat hun rol bij de arbeidsbureaus wordt gemarginaliseerd.

Als de sociale partners opstappen, komt een einde aan het bestuursmodel dat sinds 1991 voor de arbeidsbureaus geldt. Voorheen waren zij een onderdeel van het ministerie van sociale zaken, dat er bovendien een afdeling arbeidsvoorziening op nahield; sindsdien worden zij op regionaal niveau (RBA's) en op landelijk niveau (CBA) bestuurd door overheid, werkgevers en werknemers (tripartisering).

De vakcentrales menen dat Melkert terugkeert “naar de donkere tijden vóór de tripartisering”. Ook de werkgeversorganisaties constateren dat wanneer de bewindsman zijn zin krijgt, de rol van sociale partners bij Arbeidsvoorziening wordt beperkt tot de uitvoering van de wet. “Wanneer de sociale partners niet mede het beleid kunnen bepalen, zal het draagvlak van Arbeidsvoorziening bij werkgevers snel verdwijnen”, voorspellen zij.

Melkert wil dat de centrale directie van Arbeidsvoorziening verantwoordelijk wordt voor de dagelijkse leiding en het beleid van de regio's coördineert. Het centraal bestuur krijgt wat de minister noemt de “eindverantwoordelijkheid”. In dit elfkoppige bestuur moeten de ambtenaren die de overheid vertegenwoordigen plaatsmaken voor Kroonleden, van wie er een voorzitter wordt. Werkgevers- en werknemersorganisaties mogen elk drie leden voordragen; de regionale besturen dragen twee leden voor die geen stemrecht krijgen.