Regering Filippijnen verleent amnestie aan putschisten uit leger

MANILA, 13 OKT. De regering van de Filippijnen verleent amnestie aan de rebellen in het leger die tussen 1986 en 1989 ten minste zes maal probeerden de toenmalige president, Corazon Aquino, door een staatsgreep af te zetten. De regering ondertekende daartoe vandaag in de hoofdstad Manila een vredesakkoord met vertegenwoordigers van drie groepen militaire rebellen.

Niet bekend

“Dit is een sprankje hoop”, zei senator Gregorio 'Gringo' Honasan, de leider van twee couppogingen in 1987 en 1989, bij de ondertekeningsceremonie in het militaire hoofdkwartier in Manila. “Ik hoop dat we met elkaar kunnen samenwerken om hier een succes van te maken”, aldus Honasan, die in mei een zetel won in de Filippijnse senaat. Senator Eduardo Ermita zei te hopen dat het vredesakkoord met de militaire rebellen zal leiden tot een vergelijkbaar verdrag met de separatistische moslims die actief zijn op het zuidelijke eiland Mindanao en de communistische rebellen. President Ramos, die onder Aquino als legerbevelhebber en later als staatssecretaris van defensie verantwoordelijk was voor het neerslaan van de opstanden, noemde het verdrag “redelijk en eerlijk”. Aquino zelf, wiens regering bijna ten val was gebracht door de rebellen, weigerde commentaar te leveren op het akkoord.

De ondertekening van het vredesakkoord werd door de inwoners van Manila met luid gejuich ontvangen. De couppogingen veranderden Manila in een bloedig slagveld. Meer dan tweehonderd mensen, met name burgers, verloren het leven bij schietpartijen tussen de rebellen en de soldaten die loyaal bleven aan de regering. De rebellen gebruikten gebouwen in het financiële district Makati als bunkers. De Filippijnen raakten door de couppogingen veel buitenlandse investeerders kwijt. Nadat Fidel Ramos in 1992 de presidentsverkiezingen had gewonnen, opende hij vredesbesprekingen met alle rebellengroeperingen. (AFP, Reuter)