Lynch-stemming na rel in Ceuta

Ruim 300 Afrikaanse vluchtelingen in de Spaanse enclave Ceuta in Marokko zijn afgelopen woensdag in opstand gekomen tegen een mogelijke uitzetting. De Spaanse politie trad hard op.

CEUTA, 13 OKT. De branderige geur van traangas hangt rond de vestingmuren van Ceuta. De Angulo, het fort dat eeuwenlang de Spaanse landtong in Noord-Afrika beschermde tegen de Berbers uit het Marokkaanse Rif-gebergte, was afgelopen woensdag het toneel van een waar slagveld. Gaspatronen liggen verspreid over het asfalt, hier en daar drijft een schoen in een plas. Talloze keien zijn de stille getuigen van de massale vechtpartij tussen honderden zwarte Afrikaanse vluchtelingen en de oproerpolitie, waarbij meer dan tachtig gewonden vielen. Twee vluchtelingen zijn er ernstig aan toe, een politieagent ligt met een schotwond in de intensive care-afdeling van het militaire hospitaal.

De veldslag - waarbij van de zijde van de politie onder meer werd geschoten met rubber kogels - was gisteren het gesprek van de dag in de straten van Ceuta, waar net als in de rest van Spanje een nationale feestdag werd gevierd. “Dit is zeer slecht voor de verhoudingen binnen onze kleine gemeenschap”, meent een inwoner van Marokkaanse afkomst die met zijn familie langs de zeeboulevard kuiert. “Ze hebben de zaak hier veel te lang laten doormodderen.” Alle negros ('zwarten'), zoals de vluchtelingen hier worden aangeduid, zijn inmiddels opgepakt en ondergebracht in een havenloods aan het einde van de boulevard. Een maatregel die volgens politiewoordvoerders niet alleen bedoeld is om te onderzoeken wie precies hebben deelgenomen aan de vechtpartij: de angst voor spontane lynch-partijen speelt evenzeer een rol. Enkele zwarte vluchtelingen moesten reeds worden gered uit handen van woedende inwoners van Ceuta.

Ceuta geldt als de Afrikaanse voorpost van het Fort Europa dat aan de overkant van de Straat van Gibraltar uit de nevels opdoemt. De afgelopen jaren verzamelden zich in deze Spaanse enclave, waar ruim tachtigduizend mensen leven, een groep van ongeveer 300 vluchtelingen en asielzoekers. Gesmokkeld over de Marokkaanse bergen, verstopt in vrachtwagens of in het ruim van vrachtboten, belandden ze in Ceuta in de hoop een verblijfsvergunning voor Europa te krijgen. Verreweg het grootste deel van de vluchtelingen is afkomstig uit zuidelijke Afrikaanse landen, een kleiner deel uit Algerije en Marokko.

Gaandeweg bleek voor de meesten Ceuta niet zozeer een doorgangshuis, maar het voorlopige eindstation van hun vluchtavontuur. Spanje neemt de verplichting om de zuidgrenzen van Europa dicht te houden serieus en daarbij kwam de Iberische traagheid van het ambtelijke apparaat goed van pas. Asielverzoeken van de vluchtelingen, van wie de meeste niet over identiteitsbewijzen beschikken, verzandden in jarenlange procedures. In de verlaten vestingmuren van Ceuta ontstond een kleine nederzetting die nog het meest weg had van een vluchtelingenkamp in een oorlogsgebied: honderden mensen opeengepakt in een zelfgebouwd dorp. Zonder voldoende sanitair of stromend water en in leven gehouden door de dagelijkse gaarkeuken van de even verderop gelegen parochie van de Heilige Maagd van Afrika.

De zaak kwam afgelopen woensdag aan het begin van de middag tot een uitbarsting. Eerder op de ochtend was een groep van circa vijftig Koerdische asielzoekers, die zich sinds enkele weken in Ceuta ophielden, opgepakt en met de boot naar het vasteland van Spanje overgebracht. Daar werden de families op het vliegtuig gezet richting Istanbul. Een groep van dertig Afrikaanse vluchtelingen, volgens Spaanse hulporgansaties zenuwachtig geworden door deze uitzetting, wilde in de loop van de ochtend een gesprek met de autoriteiten hebben en trokken naar het gouverneurspaleis. Nadat hun verzoek was geweigerd ontstond een zeer gespannen situatie rond de vestingmuren in de stad. Pogingen van de inmiddels opgetrommelde burgemeester van Ceuta om de gemoederen te bedaren liepen op niets uit.

Volgens getuigenverklaringen begon een deel van de verzamelde vluchtelingen met stenen te gooien tegen de oproerpolitie. De gevechten escaleerden nadat een van de politieagenten werd neergeschoten. De man werd in de borst getroffen door een kogel van een klein kaliber vuurwapen dat volgens de verklaringen van de autoriteiten niet behoort tot de standaarduitrusting van de Spaanse politie. Het slachtoffer werd met kunstmatige beademing in leven gehouden.

Uit de havenloods waar de circa 250 zwarte vluchtelingen worden vastgehouden klinken gedempte kreten. Onder de stalen loodsdeur stroomt een kleine rivier van urine naar een put in de straat. Het geroezemoes in de loods verstomt als een tiental zwaarbewapende agenten binnenkomt. Zes asielzoekers - in morsige T-shirts en met zweet doordrenkte spijkerbroeken, een van hen blootvoets - worden naar buiten geleid en afgevoerd voor verhoor. Volgens de politie zullen naar schatting veertig asielzoekers onmiddellijk het land worden uitgezet. Een politie-woordvoerder die anoniem wenst te blijven wijst er echter op dat de procedure wegens het gebrek aan identificatiepapieren uiterst moeizaam is.

Wat er met de overige vluchtelingen moet gebeuren is vooralsnog een raadsel. Volgens geraadpleegde autoriteiten zullen hun verzoeken tot het verkrijgen van een verblijfsvergunning normaal afgehandeld worden en zullen zij onderwijl vrij zijn om te gaan en staan waar ze willen. Binnen de krappe landtong van Ceuta wel te verstaan, want van het overbrengen naar het vasteland is vooralsnog geen sprake.

Spaanse vluchtelingenorganisaties hebben er inmiddels op gewezen dat de situatie in Ceuta volstrekt onhoudbaar is geworden. Het vluchtelingenkamp in de vestingmuren werd gisteren door de politie dichtgemetseld. Het is nog niet duidelijk waar de asielzoekers in afwachting van de afhandeling van hun procedures moeten worden ondergebracht. Intussen lopen de spanningen onder de bevolking van Ceuta op. In een hoofdcommentaar van het lokale dagblad El Faro worden de onlusten van de afgelopen dagen beschreven als een “zwarte pagina” in de geschiedenis van het Afrikaanse schiereiland. “Het leven in Ceuta met betrekking tot de immigranten zal vanaf heden niet meer hetzelfde kunnen zijn”, aldus El Faro.

    • Steven Adolf