Beleggers vrezen slechtere financiën in Oostenrijk

ROTTERDAM, 13 OKT. De val van de Oostenrijkse regring heeft vanmorgen gezorgd voor geschrokken reacties op de Weense effectenbeurs. De toonaangevende AIX-index van belangrijkste fondsen moest gisteren en vandaag met in totaal bijna drie procent omlaag.

Beleggers verwachten dat de politieke onzekerheid in het land, waar voor de tweede keer binnen een jaar nieuwe verkiezingen moeten worden gehouden, zijn weerslag zal hebben op de economie. De val van de regering leidt tot uitstel van de broodnodige sanering in de Oostenrijkse overheidsfinanciën met tenminste een half jaar. Bovendien kondigde de Oostenrijkse minister van financien Andreas Staribacher gisteren aan dat de privatisering van de Creditanstalt-Bankverein voor onbepaalde tijd is opgeschort. De verkoop van het 49-procentsbelang in deze bank - met een balanstotaal van 617 miljard schilling (bijna 100 miljard gulden) de op eén na grootste bank van Oostenrijk - moet de regering 18 miljard schilling (bijna drie miljard gulden) opleveren. De schilling, die aan de Duitse Mark is gekoppeld, reageerde vanmorgen nauwelijks op het nieuws.

De overheidsfinanciën van Oostenrijk, dat in 1992 als een van de weinigen voldeed aan alle voorwaarden voor toetreding tot de Economische en Monetaire Unie (EMU), zijn in een periode van enkele jaren enorm verslechterd. De staatsschuld blijft dit jaar in de buurt van de Europese norm van 60 procent van het bruto binnenlands produkt (bbp), maar het financieringstekort raakt steeds verder verwijderd van de drieprocents norm die gehaald moet worden om voor toetreding in aanmerking te komen. Het financieringstekort kwam vorig jaar nog uit op 4,4 procent van het bbp, maar zal naar verwachting dit jaar jaar ruim 4,6 procent van het bbp bedragen.

De toetreding tot de Europese Unie heeft een zware wissel getrokken op de overheidsfinanciën van het land. Oostenrijk moet - dit jaar voor het eerst - een bijdrage leveren aan het budget van de Europese Unie. De bezuinigingen op de overheiduitgaven verbleken in het licht van de directe overdrachten aan Brussel en de steun voor de eigen landbouwsector die in totaal uitkomen op 1,5 procent het bbp. Directeur Helmut Kramer van het toonaangevende economisch onderzoeksinstituut Wifo in Wenen sprak gisteren dreigende woorden. “Nu de sanering van het overheidsbudget op de lange baan wordt geschoven zal Oostenrijk weldra degraderen uit de economische eredivisie van de Europese Unie en meedraaien met de middenmotors van de Donau-regio”, voorspelde hij gisteren kort nadat de val van de regering bekend was gemaakt.

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) was eerder dit jaar nog optimistisch gestemd over de economische perspectieven van het land. “De economie lijkt gereed voor enkele jaren van stabiele groei met een lage werkloosheid en beperkte inflatie”, schreef de organisatie van de 25 belangrijkste industrielanden deze zomer. De OESO voorspelt voor 1995 een economische groei van van 2,7 procent en 2,8 procent volgend jaar. Met deze groeipercentages behoort Oostenrijk tot de middenmoters in de Europese Unie. De werkloosheid in Oostenrijk stijgt, maar is met 4,8 procent Europees gezien nog altijd laag. Voorts stelde de OESO vast dat Oostenrijk, meer dan andere Europese landen, profiteert van de openstelling van economiën in Centraal en Oost Europa. Tenslotte komt het lidmaatschap van de Europese Unie de stroom buitenlandse investeringen in het land ten goede.

De OESO plaatste echter enkele belangrijke kanttekeningen. Het expansieve fiscale beleid brengt de stabiliteit van de overheidsfinanciën in gevaar en de organisatie stelde verontrust vast dat Oostenrijk nog steeds sterk afhankelijk is van inkomsten uit toerisme. Oostenrijk kent slechts enkele grote ondernemingen. Uitzonderingen op de regel in een land waar het midden- en klein bedrijf een dominante rol speelt, zijn Chemiegigant Lenzing in Salzburg, de papiergroep Leykam, waarin KNP BT een meerderheidsbelang heeft en de staatsholding OIAG waar de Oostenrijkse staalindustrie twee jaar geleden is ondergebracht na de opsplitsing van staatsbedrijf Austrian Industries.

    • Michiel van Nieuwstadt