Topman Lotus weg na overname

ROTTERDAM, 12 OKT. De topman van het Amerikaanse softwarebedrijf Lotus, Jim Manzi (43), heeft aangekondigd dat hij opstapt. Hij vertrekt ook als vice-president van IBM. Dit meldt de Britse krant Financial Times vandaag.

Door middel van een vijandelijk bod lijfde IBM begin juni van dit jaar Lotus in. Daarmee was 3,5 miljard dollar (5,6 miljard gulden) gemoeid.

Manzi, toen aan het roer bij Lotus, verzette zich in eerste instantie tegen deze overname. IBM verhoogde vervolgens het bod met 200 miljoen dollar van 3,3 tot 3,5 miljard dollar. Van IBM kon Manzi gewoon aanblijven als topman van Lotus en hij kreeg ook de post aangeboden van vice-president van IBM. Manzi ging daarop akkoord met de overname van Lotus door IBM. Het was voor het eerst in zijn bestaan dat IBM een bedrijf overnam door middel van een vijandelijk bod.

In een toelichting op zijn besluit zegt Manzi dat hij openhartige gesprekken heeft gevoerd met managers van IBM, en dat hij daarbij tot de conclusie is gekomen dat zij het over de toekomst van Lotus op sommige punten eens waren, maar op andere punten weer niet.

Manzi: “De uitdagingen die mij vroeger konden opwinden zijn niet noodzakelijkerwijs dezelfde uitdagingen waarvoor wij vandaag staan.”

Lotus Development werd in 1982 opgericht door Mitchell Kapor, een docent transcendente meditatie. Kapor was een van de softwareschrijvers van het eerste succesvolle Lotus-programma 1-2-3. Voor het succes van de IBM-pc in het bedrijfsleven bleek Lotus 1-2-3 goud waard, en dat gold ook voor Lotus. Jim Manzi adviseerde in 1983, toen nog werknemer bij McKinsey & Co, bij het lanceren van 1-2-3 en in mei 1983 werd hij directeur marketing bij Lotus. Toen Kapor vertrok, in 1986, werd Manzi president van Lotus.

De leiding van Lotus is nu in handen van John Thompson, vice-president van IBM en belast met softwareprodukten en de softwarestrategie.