CDA-plan voor fiscale impuls seizoensarbeid

DEN HAAG, 12 OKT. De CDA-fractie in de Tweede Kamer wil via fiscale maatregelen seizoenarbeid in de land- en tuinbouw aantrekkelijker maken.

Volgens een initiatief-wetsvoorstel van het CDA mag iedereen in deze sector 3000 gulden bijverdienen en daarover slechts 3 procent aan belasting premies en voor de volksverzekeringen betalen. Premies voor de werknemersverzekeringen hoeven deze seizoenwerkers volgens het voorstel helemaal niet af te dragen.

Een voorwaarde is dat de seizoenwerkers niet meer dan 120 gulden per dag, het minimumloon, verdienen. Verder kan de regeling wat de CDA-fractie betreft voor iedereen gelden, dus ook voor mensen die in de bijstand zitten. Gemeenten zouden hun moeten toestemming geven op deze manier iets bij te verdienen, zonder dat dit op hun uitkering wordt gekort.

Op deze manier denkt het CDA de problemen te verlichten die zich bijvoorbeeld elk jaar in de asperge- en aardbeienteelt voordoen. Werkgevers klagen er jaarlijks over dat ze op piekdagen te weinig Nederlands personeel kunnen vinden en doen vervolgens pogingen buitenlanders aan te trekken. De CDA-fractie denkt dat 200.000 mensen per jaar van de regeling gebruik zullen maken.

De indieners van het voorstel, de Kamerleden Van Ardenne, Biesheuvel en Reitsma, denken dat hun initiatief effectiever is dan het plan dat staatssecretaris Linschoten (sociale zaken) eerder dit jaar ontvouwde. Deze bewindsman deed in juni het voorstel uitkeringsontvangers die tijdelijk werk verrichten, maximaal vier weken per jaar vrijstelling te geven van de premies voor werknemersverzekeringen. Verder wil hij werkgevers in de agrarische sector, die bijvoorbeeld studenten, scholieren of huisvrouwen tijdelijk in dienst nemen, de premies teruggeven die ze voor deze groepen aan de werknemersverzekeringen moeten afdragen.

De CDA-fractie denkt dat haar voorstel, wanneer het succesvol blijkt te zijn, ook in andere sectoren met seizoenarbeid kan worden doorgevoerd, zoals de horeca en de detailhandel.