ROBERT E. LUCAS (1937); Klassieke markteconoom

De Amerikaan Robert E. Lucas heeft de Nobelprijs voor de economie gewonnen. “Een rationele keuze”, schertst PvdA-afgevaardigde en hoogleraar economie Rick van der Ploeg in de wandelgangen van de Tweede Kamer.

Hij doelt op de belangrijkste bijdrage van Lucas aan de economische wetenschap: de theorie van de rationele verwachtingen. Deze theorie heeft een belangrijke consequentie voor het beleid van de overheid. Volgens de zogeheten new classicals, waarvan Robert Lucas en Thomas Sargent de meest prominente vertegenwoordigers zijn, is de overheid niet in staat om de economie te sturen. Overheidsingrijpen is zinloos. Het gedachtengoed van de nieuwe klassieke economen werd geadopteerd door de Amerikaanse president Reagen en de Britse premier Thatcher in hun kruistocht voor een vrije werking van het prijs- en marktmechanisme.

In 'Rational expectations and economic practice' betoogt Lucas dat alle deelnemers aan de economie “de beschikbare informatie op de best mogelijk wijze gebruiken en dat ze hun verwachtingen voortdurend bijstellen in het licht van hun herinterpretatie van deze informatie”. Modellen om de economie te voorspellen, zouden dus constant moeten worden bijgesteld. “Vertaald naar de Nederlandse situatie zou het betekenen dat het Centraal Planbureau kan worden opgedoekt”, meent prof. Arjo Klamer van de Erasmusuniversiteit.

De theorie van de rationele verwachtingen stelt dat als de overheid een beleidswijziging aankondigt, bijvoorbeeld een belastingverhoging, de mensen onmiddellijk hun gedrag zullen aanpassen. “Het advies van Lucas en Sargent komt er feitelijk op neer dat het het beste is om zo weinig mogelijk te doen”, stelt de Zweedse econoom Hans Soderstrom, lid van de Zweedse Academie voor Wetenschappen die de Nobelprijs gisteren toekende aan Lucas.

De theorie van de new classicals is een reactie op de theorie van de Britse econoom John Maynard Keynes en zijn volgelingen. Keynes stelt dat in een periode van economische neergang de overheid haar eigen bestedingen moet opvoeren om de binnenlandse vraag op peil te houden en zo een stijging van de werkloosheid te voorkomen. Lucas betoogt dat burgers rationeel handelen. De extra bestedingen van de overheid zullen ook leiden tot een verhoging van de belastingen. Burgers zullen hun bestedingspatroon daarop aanpassen en tegenover de extra bestedingen van de overheid staan minder bestedingen van de burgers. Het uiteindelijk effect op de nationale economie is nihil.

Lucas is de achtste econoom van de Universiteit van Chicago die een Nobelprijs - ongeveer 1,6 miljoen gulden - krijgt toegekend. “Ik ben verrast. Zij blijven naar ons terugkeren”, zei de 58-jarige prijswinnaar gisteren in een reactie. De Universiteit van Chicago maakt haar reputatie als bolwerk van conservatieve economische theorieën waar. De basis werd gelegd door Nobelprijswinnaar Milton Friedman.

Lucas is in 1937 geboren en studeerde geschiedenis en economie. Met 'Real Wages, Employment and Inflation' (1969) en 'Some international evidence on output-inflation trade-offs' (1973) was zijn naam gevestigd. In het laatste artikel rekent hij af met het fenomeen van de Phillips-curve. Volgens deze theorie bestaat er een positief verband tussen inflatie en werkloosheid. De overheid heeft baat bij een expansief monetair of begrotingsbeleid omdat de werkloosheid erdoor zou dalen. Lucas bewijst dat “een stabilisatiebeleid er nooit in kan slagen om op lange termijn de werkloosheid te beïnvloeden, ongeacht de wijze waarop het gevoerd wordt.”

Het gedachtengoed van Lucas staat haaks op de ideeën van de eerste winnaar van de Nobelprijs, Jan Tinbergen. Voor hem was de maakbaarheid van de samenleving geen fata morgana.