EZ verdubbelt steun aan zee- scheepsnieuwbouw

Het ministerie van economische zaken (EZ) heeft het budget voor 1995 voor Generieke Steun Zeescheepsnieuwbouw verhoogd van 40 miljoen tot 80 miljoen gulden. De Europese Unie staat haar leden toe om zeeschepen die 22 miljoen gulden of meer kosten met 8 procent te subsidiëren. De voor 1995 geldende verdubbeling van het budget blijkt nodig te zijn om de concurrentiepositie van de nieuwbouwsector op termijn te kunnen behouden, aldus EZ. Bij het in aanmerking komen voor steun is het moment dat de werf de order binnenhaalt, bepalend. EZ-minister Wijers heeft door verschuivingen binnen zijn eigen begroting deze 40 miljoen gulden vrijgemaakt om de Nederlandse werven de kans te geven de boven de markt hangende orders nog zoveel mogelijk binnen te halen. De regels die gelden bij het bepalen van de steun per order zijn niet gewijzigd.

Als gevolg van afspraken tussen de Oeso-landen om subsidies voor de scheepsnieuwbouwindustrie per 1 januari 1996 geheel af te schaffen, hebben de ons omringende landen hun steunbudgetten voor 1995 al fors verhoogd. Het gevolg van deze concurrentievervalsende “steunronde” is dat de reders hun nieuwbouworders naar voren halen om aanspraak op subsidie te kunnen maken. Dit blijkt uit een enquete bij de scheepswerven en uit gegevens van EZ, waaruit onder meer een aanzienlijk hogere potentiële contractomvang van 2,1 miljard gulden naar voren komt, beduidend meer dan in 1993 en 1994 daadwerkelijk is gehonoreerd (0,9 miljard gulden). Door het budget te veredubbelen krijgt de Nederlandse zeescheepsbouwsector een steviger uitgangspositie, die meer vergelijkbaar wordt met die van de directe buitenlandse concurrenten, zo bericht EZ.