Politie van Groningen zoekt man/vrouw zonder sporttas

De Groningse politie introduceerde een bijzondere opsporingsmethode. Alle medewerkers van het energiebedrijf moeten zich melden met de sporttas uit hun laatste kerstpakket.

GRONINGEN, 7 OKT. Het bejaarde echtpaar Hoekzema staat met een rode sporttas voor het politiebureau van Haren. Ze hebben de tas net in het bureau laten zien voor het onderzoek naar een moord op een 24-jarige tippelaarster uit Groningen. “Een beetje belachelijk dat we moeten komen”, zegt mevrouw Hoekzema. “Wij hebben een rode. Die armen en benen zaten in een groene.”

De politie van Groningen is gisteren begonnen met een uitzonderlijke opsporingsmethode. De politie heeft alle 3.500 medewerkers en 500 gepensioneerde werknemers van energiebedrijf Edon opgeroepen zich met de rode of groene sporttas die ze afgelopen jaar bij hun kerstpakket te melden. In een van die tassen, een groene, zijn begin augustus de ledematen teruggevonden van de vermoorde prostituée. Haar romp was eerder al gevonden, haar hoofd is nog zoek.

De tas was speciaal voor het kerstpakket uit het buitenland geïmporteerd en daardoor redelijk uniek. De politie hoopt de dader te vinden door alle tasbezitters te registreren. Van een massaverhoor wil de politie niet spreken. “We zien de Edon-medewerkers meer als getuigen”, aldus een politiewoordvoerder.

Bij het politiebureau in Haren melden zich in de middag vooral gepensioneerde medewerkers. Een oude man zit in de wachtkamer en roept tegen een agent achter de balie dat hij het een lachwekkende vertoning vindt. “Wordt zo'n heroïnehoertje om zeep gebracht, moeten duizenden mensen met een sporttas naar de politie. Ik heb die meid toch niet doodgemaakt.” Even later beent hij morrend naar buiten. Als hij thuiskomt gooit hij die tas weg, mompelt hij.

De meeste andere Edon-medewerkers hebben meer begrip voor het onderzoek. Administratief medewerker M. Lanting heeft een halve snipperdag opgenomen om naar het politiebureau te kunnen. Hij vindt het “heel normaal” om mee te werken. Lanting kan zich niet voorstellen dat één van zijn collega's wel eens een moordenaar zou kunnen zijn. “In geen honderd jaar”, roept hij als hij de tas achter op zijn bagagedrager bindt.

Op de afdeling van Lanting was eerst geschrokken gereageerd, vertelt hij. Daarna waren de grappen op gang gekomen. Een college had een helm met een masker in zijn sporttas gedaan en geroepen: “Ik heb het hoofd al gevonden.” Volgens Lanting waren er slechts een paar medewerkers die niet naar de politie wilden. “Laat ze maar bij mij komen, riepen ze. Dat vind ik nou zo kinderachtig.”

De politie rekent er op dat tot en met zaterdag op een van de politiebureaus in de provincie Groningen en volgende week in Drenthe en Friesland het overgrote deel van de 'tasbezitters' zich zal melden. Op de eerste dag meldden zich 1.300 van de 2.500 werknemers uit Groningen. Enkele tientallen hadden geen tas meer, maar volgens een politiewoordvoerder hadden ze allen een plausibele verklaring. Mensen die niet komen opdagen, zal de politie gaan bezoeken.

Bij het politiebureau aan de Lavendelweg in de stad Groningen is tegen de avond de grootste drukte al achter de rug. Enkele Edon-medewerkers komen nog aangereden en gaan aarzelend met de tas naar binnen. Binnen een paar minuten staan ze weer buiten. Veel te zeggen hebben ze niet. Een dertiger vindt het maar niks dat Edon op deze manier in het nieuws is. Een wat oudere man roept: “Wat heb je aan die vreemde dames bij de weg en al die rare kerels die daar op af komen.” Hij steek een afgebrande sigaret op en rijdt weg.

De politie brengt een onzichtbaar merkteken aan op de tassen om te voorkomen dat ze worden doorgegeven. Het echtpaar Hoekzema probeert voor het politiebureau van Haren het merkteken te vinden. “Gelukkig, ik zie niks”, zegt mevrouw. “Ik heb nog tegen die agente gezegd dat ik niks aan de buitenkant wil. Dat had ik nou zonde gevonden.”