Niet meer geld van rijk voor politieke partijen

DEN HAAG, 7 OKT. Het kabinet is vooralsnog niet bereid meer geld voor de activiteiten van politieke partijen uit te trekken, maar zal wel overstappen op een systeem waarbij de gerichte uitkeringen voor zaken als een wetenschappelijk bureau of hulp aan Oost-Europa worden vervangen door een algemene uitkering.

Een nota over dit onderwerp zal volgende week voor commentaar worden toegestuurd aan alle politieke partijen, zo kondigde premier Kok gisteren na afloop van de ministerraad aan. Alleen voor de relatief zelfstandige jongerenorganisaties van de partijen wil het kabinet een aparte subsidiëring instandhouden.

Vergroting van de bestedingsvrijheid moet een oplossing bieden voor de teruglopende inkomsten van politieke partijen door afkalvend ledental, in combinatie met stijgende (verkiezings)kosten. In een verhoging van de uitkering aan politieke partijen ziet het kabinet geen heil, zei Kok gisteren, omdat “je dit tegenover de belastingbetaler niet kunt verdedigen”.

Een andere reden is volgens hem dat er “een evenwicht” dient te bestaan tussen subsidie en eigen inkomsten. “Een politieke partij moet voldoende inkomsten uit eigen bronnen hebben.” Volgens Kok gaat de discussie over de subsidiëring van politieke partijen, die ook al onder het vorige kabinet werd gevoerd, “meer over de vorm dan over de omvang” van de uitkering.

Ook PvdA en VVD vinden een verhoging van de uitkering aan politieke partijen niet nodig, zo lieten zij weten toen minister Dijkstal (binnenlandse zaken) eerder dit jaar zich over een andere subsidieregeling uitsprak. CDA en D66 vinden dat de overheidssubsidies voor politieke partijen wel moeten worden verhoogd.