Immigranten-probleem past niet in tradities emigranten-land; Illegalen hoog op Italiaanse agenda na reeks misdaden

ROME, 7 OKT. Zondagmorgen in Milaan. Een jonge vrouw heeft een luchtje geschept in het park, genietend van de mooie dag, en wil terug naar huis lopen, voor de lunch. Twee Roemenen sleuren haar een auto in, nemen haar mee naar een loods bij het centraal station en misbruiken haar. Een paar dagen eerder, in Rome. Een Albanese man papt aan met een scholiere van veertien jaar, lokt haar mee een huis binnen en verkracht haar.

Deze twee misdaden zo kort naar elkaar hebben een zenuw blootgelegd in Italië. Het land weet zich geen raad met de illegale immigranten die in steeds grotere mate blijven komen. De huidige vreemdelingenwet functioneert niet. De grenzen zijn lek als een zeef. Het aantal misdaden waar illegale buitenlanders bij betrokken zijn, vliegt omhoog. Uit steden als Turijn en Genua komen waarschuwingen dat de volkswijken waar de immigranten zijn komen wonen, een kruidvat zijn geworden dat ieder moment in brand kan vliegen. De linkse krant La Repubblica beschrijft Milaan als “het nieuwe mekka van de criminelen”.

Woedend besloot een bestuurder in de regio Lombardije, waarin Milaan ligt, het recht in eigen hand te nemen. Dinsdag maakte hij bekend dat hij alle fondsen van de regio voor de opvang van immigranten, ongeveer acht miljoen gulden, had bevroren. “Negen van de tien Lombardijnen staan achter mij,” zei regiobestuurder Guido Bombarda, die buitenlanders in zijn portefeuille heeft. “Wij zijn de verkrachtingen, de misdaad en de drugs beu.”

De meeste politici distantieerden zich in het openbaar snel van hem. Bombarda is lid van de Nationale Alliantie, voortgekomen uit de neofascistische partij, en werpt zich op als vertolker van een emotioneel en gevaarlijk soort volkswil. Maar zijn uitvallen, vergroot en versterkt via de media, zetten het probleem weer hoog op de politieke agenda.

De federalistische Lega Nord, die ook claimt de gewone man te vertegenwoordigen, voerde evenwel meteen haar campagne voor een nieuwe vreemdelingenwet op. De partij dreigt in het parlement haar steun aan de begroting te onthouden als premier Dini geen maatregelen aankondigt. Ingefluisterd door zijn geschrokken staf zei Dini woensdag in de Senaat dat hij in zijn toelichting op de begrotingsplannen een velletje is vergeten voor te lezen. “De regering studeert op een noodbesluit dat het vaststellen van criminele daden begaan door clandestienen koppelt aan de onmiddellijke uitwijzing van hen van het nationale grondgebied,” kondigde Dini aan.

Daar zit een van de kernproblemen. De politie kan niet uit de voeten met de geldende regels. In de eerste helft van dit jaar zijn er bijna 29.000 uitwijzingsbevelen uitgevaardigd. Hiervan is slechts elf procent daadwerkelijk uitgevoerd. Wie wordt uitgewezen, heeft twee mogelijkheden. Hij kan de termijn van vijftien dagen om in beroep te gaan, aangrijpen om onder te duiken. Of hij kan zich op kosten van de Italiaanse staat laten terugbrengen naar zijn vaderland, wat familiebezoekjes afleggen en dan weer terugkomen, profiterend van de vele gaten in het net. Deze laatste optie wordt veel gebruikt door de Albanezen die ondanks de controle door het leger in groten getale de korte oversteek blijven maken naar de hak van de Italiaanse laars.

Minister van arbeid Tiziano Treu zei donderdag dat het kabinet een tweesporenbeleid wil volgen: maatregelen die uitwijzing binnen vijf dagen mogelijk maken, en betere controle aan de grens. Italië wil eigenlijk niet meer dan 25.000 immigranten per jaar toelaten. Maar de grenscontroles zoals die worden vereist door het Schengen-akkoord zijn hier nog toekomstmuziek. Treu liet doorschemeren dat het kabinet eigenlijk niet goed weet waar te beginnen. “We weten niet eens hoeveel het er zijn,” zegt hij.

Bij de gemeentes staan ongeveer 820.000 buitenlanders van buiten de Europese Unie ingeschreven. Daar komen nog eens enkele honderdduizenden illegalen bij -de schattingen lopen van 350.000 naar een half miljoen. Een groot deel van deze mensen werkt tegen hongerlonen in de fabrieken in het noorden, op de landerijen in het zuiden, zonder sociale zekerheid, met minieme aanspraken op de gezondheidszorg. Minister Treu had vorige maand voorgesteld deze onmisbare arbeidskrachten legaal te maken om ze in ieder geval een sociaal vangnet te bieden. Maar van veel kanten kreeg hij te horen dat de staat daar het geld en de voorzieningen niet voor heeft.

De gebrekkige opvang, vrijwel volledig overgelaten aan de katholieke Caritas en verwante instellingen, vergroot het aantal illegale immigranten dat in het criminele zwarte circuit terecht komt. Die zijn zichtbaarder aanwezig dan de duizenden die in een fabriek werken en met een paar collega's een schamele kamer delen. Dag in dag uit staan ze bij het lokale nieuws: de inbrekers die hele huizen strippen, de drugshandelaars die betrokken raken bij een steekpartij, de prostituées die agenten met hun ontlasting bekogelen, de autodieven die op bestelling werken.

Italië worstelt met het buitenlanderprobleem. De herinnering aan de tijd dat de Italiaanse emigranten in andere landen de verschoppeling waren, is nog vers. Veel Italianen hebben een sterk gevoel van menselijke solidariteit, als een persoonlijke waarde, niet een aan de staat te delegeren taak. Die tradities moeten nu verzoend worden met het buitenlander-probleem van nu. We moeten leren strenger te worden, zegt minister Treu. Dan was de verkrachting in Milaan niet gebeurd: de twee Roemenen hadden een lang strafblad, maar wisten tot nu toe aan uitwijzing te ontkomen.

    • Marc Leijendekker