Uwe Seeler, een mooie maar niet echt dure Mercedes

BONN, 6 OKT. Hij was en is klein, 1.70 meter haalde en haalt hij - inmiddels 58 jaar - maar net, de man zonder nek die zo goed kon koppen, uns Uwe. Wie in Nederland naar een emotioneel vergelijkbare figuur zoekt kan haast alleen maar uitkomen bij 'us Abe' (Lenstra), de dwarse Heerenvener die Randstedelingen ooit deed beseffen dat het koninkrijk qua voetbal buiten Rotterdam, Den Haag en Amsterdam ook wel degelijk bestond.

Sinds gisteren is deze 'Uwe' dan toch, na vele maanden van zeer nerveuze voorbesprekingen en Hamburgse twisten op de vierkante decimeter, de nieuwe voorzitter van HSV, de Bundesligaclub met grote naam die na twee maanden in de nieuwe competitie al is afgezakt naar de zeventiende en voorlaatste plaats.

Dat is een onbestaanbare plaats eigenlijk voor de Hanseatische club die ooit in hem een regionale vedette had en die nadien met geweldenaren als trainer Ernst Happel, de Britse superster Kevin Keagan, dwarrelige buitenspelers als Charley Dörfel en Georg - Sjorsch - Volkert en de dankzij zijn 'aangesneden' Banananenflanken beroemde verdediger Manfred Manni Kalz een grote Europese naam had.

Uwe Seeler, om hem gaat het hier, is sinds gisteren de nieuwe chef van een bijna honderd jaar oude club. Hij is een van de drie nog levende Spielführer van het Duitse nationale elftal, de Nationalmannschaft, een eretitel die hij deelt met Fritz Walter (van de provincieclub Kaiserslautern), de bijna 75-jarige captain van het Westduitse elftal dat in 1954 de WK-finale in Zwitserland van Hongarije wist te winnen en dus - via het Wunder von Bern - wereldkampioen werd. Zodat in de Bundesrepublik van Konrad Adenauer althans op dit gebied kon worden gezegd: Wir sind wieder wer.

Seeler deelt zijn eretitel voorts met de grote Lichtgestalt en multimiljonair Franz Kaiser Beckenbauer, de vorige maand 50 geworden vroegere libero van FC Bayern, nu voorzitter van die club, die in 1974 aanvoerder was van het elftal dat Nederland (de FC-Cruijff-Michels-Cor van der Hart-Fadrhonc) in München in de WK-finale klopte en in 1990 bovendien ook nog coach was van het Duitse team dat in Italië Weltmeister werd.

Uwe Seeler is nooit miljonair geworden als Beckenbauer, die hem als columnist (nou ja) van Bildzeitung in de afgelopen weken hartelijk had aangeraden om - “gezien zijn staat van dienst” - redder en voorzitter van HSV te worden. Integendeel, de Hamburgse Uwe, die in zijn grote tijd nooit, net als onze Heerenveense Abe, inging op prachtige Italiaanse aanbiedingen, heeft zijn voetbalreputatie slechts via een (hoofd)vertegenwoordigersfunctie bij de sportkledingfabriek Adidas te gelde kunnen maken. Een mooie, maar niet een echt dure Mercedes dus, als het ware.

Uwe Seeler, die in vraaggesprekken voor de televisie de afgelopen dagen liet merken dat hij nog steeds geen groot spreker is (“Geen commentaar” ging hem het beste af), wil bij HSV dadelijk, als de ledenvergadering over een week of wat akkoord gaat, met een compleet nieuw bestuur en nieuwe statuten van start gaan. Hij liep ook gisteren, na zijn besluit om het grote Hamburgse voetballeed tot het zijne te maken, zij het geassisteerd door een vroegere Hamburgse wethouder, een bankman en een gewezen HSV-speler, enigszins verloren rond in de tv-reportages die aan deze - zijn - gebeurtenis waren gewijd.

Wat Uwe wèl kwijt wilde, was dat HSV-trainer Benno Möhlmann, ooit speler van de succesvolle regionale concurrent Werder Bremen, wegens gebrek aan succes met directe ingang ontslag kreeg. Möhlmann, die al maanden overhoop ligt met de beste HSV-spelers, bijvoorbeeld met de Bulgaar Ljeskov, moet nu voorlopig plaats maken voor assistent-trainer Felix Magath, de 'zachte' linksvoetige spelbepaler van Ernst Happels HSV van 20 jaar geleden. Zei Seeler, de man die als weinig anderen als voetballer de Bondsrepubliek van de jaren zestig en zeventig representeert. En die dus behoort tot de generatie van spelers die - voetballend - tot het ooit zo gedisciplineerde land van het opmerkelijke en ingetogen Wirtschaftswunder gerekend mochten worden.

Het wordt, als u het mij vraagt, straks dus niks met HSV-chef Seeler, die als goed gevuld Mettwürstchen met een hoofd vol plichtsbetrachting erop, vooral aan de Bundesliga van gisteren, en dus ook aan regionale emoties van gisteren, herinnert en weinig raakvlakken lijkt te hebben met de vermogende gemeenschap van voetballers die de Bundesliga vandaag is. Kortom: de nieuwe voorzitter van de bekendste club uit de tweede stad van Duitsland (na Berlijn en nog voor München) zou zo dadelijk onbedoeld wel eens zijn eigen standbeeld kunnen zien sneuvelen. Misschien heeft hij daar zelf ook wel een vermoeden van, wat zijn besluit om toch HSV-voorzitter te worden extra heroïsch zou maken. Meer dan een petite histoire in het leven van een groot Europees land kan zoiets niet worden, maar de inwoners van zo'n land kunnen ook niet allemaal Kohl of Schmidt heten. Of Beckenbauer, for that matter.