Op een statige fiets door Rotterdam zoeven

Dag juf, tot morgen. Zaterdag, Ned.1, 17.43u.

In ons land is regisseur Ben Sombogaart op dit moment de meest getalenteerde en gelauwerde kinderfilmmaker. Met Het zakmes werd zijn naam definitief gevestigd, maar daarvóór oogstten Mijn vader woont in Rio en de televisieserie Kinderen van Waterland al terechte lof en bijval. De laatste serie, waarvan ik mij vooral de bijna stilstaande handeling en de schitterende beelden herinner, krijgt nu bij de AVRO een dertiendelig vervolg met Dag juf, tot morgen.

De formule is dezelfde: op weg van school naar huis maakt een kind iets mee. Die dingen zijn zelden wereldschokkend, maar Sombogaart laat je er zo naar kijken dat je na elke aflevering het gevoel hebt iets bijzonders te hebben gezien. De camera is verhuisd naar Rotterdam en dat is winst, want hoe idyllisch het er in Waterland ook uitzag, een beetje 'Dik Trom aan de Zaansche Schans' was het wel. Rotterdam is stampvol mensen en gedoe, maar ook mooi met water, bruggen en kranen en vader en dochter, die daar op een statige fiets langs zoeven.

Aan het begin van elke aflevering meldt de aangenaam doorrookte stem van Bram Vermeulen: “Het is drie uur. De school gaat uit. De kinderen gaan naar huis, maar ... nog niet.” En moeiteloos wandel je als kijker mee het stadsgewoel in: mee met Teet Willemse die een portemonnee vindt en hem perse terug wil geven, terwijl zijn vader roept 'hou maar lekker zelf die heb je toch eerlijk gevonden' of mee met Surinaamse Mauli Alexander achter een blinde mevrouw aan. Scenarioschrijfster Tamara Bos leverde mooi materiaal vol kleine grappen en met een duidelijke pointe. Op een vriendelijke manier worden de grote mensen te kakken gezet, zoals de wereldvreemde vader die met zijn dochter een cadeautje voor mama's verjaardag zal kopen en alleen maar geïnteresseerd is een boek voor zichzelf. Ten einde raad laat zijn dochter hem omroepen: “Wim is bijna veertig jaar oud en hij heeft een rood petje op. Als u Wim heeft gezien, neemt u hem dan mee naar de klantenservice.”

Slim is de rol van de verteller die de gebeurtenissen van droog commentaar voorziet. Voor de jeugdige acteurs zelf blijft er zo een minimum aan tekst over. En precies op dat punt gaan andere kinderfilms - hoe natuurlijk het er ook uitziet - nogal eens de mist in. Wat Sombogaart op wonderbaarlijke wijze weet te benutten is hoe 'zijn' kinderen lopen, bewegen en vooral kijken. Hij volgt ze met zoveel rust en intensiteit dat je ze kunt zien denken. Voor de toeschouwer betekent dat moeiteloze identificatie: mee in het grote avontuur, waarin Sombogaart en de zijnen het kleinste voorval kunnen omtoveren.