Nieuwe financiële verdeelsleutel splijt gemeenten; 'Werkwijze VNG onbegrijpelijk en ontactisch'

Het voortbestaan van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) wordt bedreigd. Driehonderd gemeenten zijn van plan hun eigen lobby te organiseren.

DEN HAAG, 6 OKT. Een jaar geleden waren het nog haarscheurtjes, nu heeft de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) aanzienlijk grotere schade opgelopen. Driehonderd gemeenten zijn van plan in Den Haag hun eigen lobby te organiseren tegen de plannen van het kabinet voor de herverdeling van het Gemeentefonds. De gemeenten passeren daarmee het eens zo machtige bolwerk in de Haagse lobby en dreigen zelfs weg te lopen. Niet eerder was de weerstand van de VNG-leden zo massaal als nu.

De protestgroep waarin de driehonderd gemeenten opereren, zegde deze week het vertrouwen op in de VNG. In de groep is bijna de helft van alle VNG-leden vertegenwoordigd. “Dit is een hele duidelijke waarschuwing”, zegt de Voorburgse wethouder H. ter Heegde, voorzitter van de groep protesterende gemeenten. “Ik sluit niet uit dat gemeenten straks hun lidmaatschap van de VNG opzeggen.”

Dat dreigement werd de afgelopen jaren al eerder geuit, maar toen ging het om een beduidend geringer aantal. Bovendien waren het de kleinere leden van de VNG. Zij organiseerden zich in het zogeheten Loenens Beraad en eisten dat de VNG hun belangen beter zou behartigen. Voorstellen van de vereniging om een minimumgrens van eerst 40.000 en later 18.000 inwoners te stellen aan de gemeente van de toekomst zetten veel kwaad bloed.

Deze keer gaat het om een puur financiële kwestie en zijn aanzienlijk meer gemeenten gemobiliseerd, van groot tot klein. Het conflict tussen VNG en de gemeenten draait om plannen van het kabinet om de financiële verhoudingswet te wijzigen. De wetswijziging wordt binnenkort in de Tweede Kamer behandeld. Volgens het plan wordt het geld dat de gemeenten van het rijk krijgen, anders verdeeld. Vanaf 1 januari 1997 wordt minder naar het inwonertal gekeken, en meer naar financiële draagkracht, kosten en inkomstencapaciteit van de gemeenten. Ruwweg komt het erop neer dat arme gemeenten geld krijgen ten koste van de meer draagkrachtige buren - meestal van de randgemeenten naar de stad.

De gedachte achter het kabinetsvoorstel is dat de meeste centrumgemeenten in een regio door de sociale opbouw van de bevolking en gebrek aan ruimte voor bedrijfsterreinen relatief weinig geld uit belastingen halen. In het huidige verdeelstelsel van het Gemeentefonds wordt daarmee geen rekening gehouden. Daarom wordt de onroerend-zaakbelasting (OZB), de belangrijkste belasting voor een gemeente, bij de berekening betrokken. Een gemeente die veel belasting int uit onroerend goed heeft minder geld nodig uit het Gemeentefonds, vindt het kabinet.

De verschillen die daardoor ontstaan zijn groot. Sommige gemeenten, zoals Valkenburg in Zuid-Holland, moeten straks bijna de helft van hun inkomsten verliezen. De schade kan bij grotere steden als Apeldoorn, Haarlemmermeer of Hilversum tot in de miljoenen lopen. Volgens de nieuwe verdeelsleutel van het ministerie van binnenlandse zaken krijgen zo'n 380 van de ruim zeshonderd gemeenten straks minder geld. De zogenoemde 'voordeelgemeenten', vooral de grote steden, krijgen er maximaal 24 procent bij.

De kritiek op de VNG komt - niet onverwacht - van de gemeenten die geld moeten inleveren. De gemeenten die bijvoorbeeld veel bedrijfsterreinen hebbeb, worden veel gekort, legt wethouder Ter Heegde in Voorburg uit. “Dat is economisch gezien het paard achter de wagen spannen.” Dat het kabinet dergelijke plannen maakt is met enige wil nog wel te begrijpen, zeggen de gemeenten. Zij vinden vooral dat de VNG zich “klantvriendelijker” zou moeten opstellen. “De VNG heeft onverkort positief gereageerd op het voorstel van het kabinet. Je vraagt je af of de vereniging de achterban nog wel vertegenwoordigt als een meerderheid het niet eens is met het standpunt. De gemeenten die nu in het voordeel zijn hebben de macht binnen het VNG-bestuur.”

De standpunten van de VNG worden voorbereid in de verschillende commissies en worden na maanden van overleg vastgesteld door het bestuur. De uitleg over de positieve beoordeling van het kabinetsvoorstel was uiterst summier, constateren de protesterende gemeenten.

VNG-voorzitter I. Opstelten, burgemeester van Utrecht, liet de gemeenten onlangs weten dat de VNG zich baseert op het advies van de Raad voor de Gemeentefinanciën en een onafhankelijke 'contra-expertise' van het Bureau voor Economische Argumentatie. Volgens Opstelten is de voorgestelde herverdeling, ondanks de grote verschuivingen die zullen optreden, “goed verdedigbaar”.

De gemeenten vinden de werkwijze van de VNG “onbegrijpelijk, ontactisch en onzorgvuldig” en eisen opening van zaken. Maar in een brief aan de gemeente Nootdorp schreef hoofddirecteur K. de Vries in augustus al dat de VNG het “meer passend” acht de discussie te hervatten als het wetsontwerp in de Tweede Kamer ligt.