Ligt Mitterrand al in zijn graf?

Een van de vervelende dingen van vakantie is dat je bij thuiskomst een berg post en achterstallige lectuur vindt, waar je je doorheen moet worstelen alvorens met je eigenlijke werk te kunnen beginnen. Gelukkig - voor mij tenminste - is mijn taalrubriek daar, waarvan de inhoud bestaande uit sprokkelingen, zichzelf schrijft; ja, door anderen geschreven wordt. Hier een keuze:

“Door de beste en meest gezaghebbende vrienden in het buitenland is keer op keer verzekerd dat onze combinatie van 'goede wil', Haagse deskundigheid, staatkundig geknutsel en gedoseerd geweld niet zouden leiden naar de weg die naar de enige werkelijke oplossing voerde.” Waarom dat meervoud zouden? En: is “Leiden naar de enige werkelijke oplossing” niet eenvoudiger?

“Zijn geheime wens was als solozeiler een keer op zee te blijven. Die wens is hem niet gegund.” Die wens is hem wèl gegund, maar de vervulling ervan niet.

“Gelegen op de Mont Beuvray, een smaragdgroene heuvel in het zachtglooiende landschap bezuiden Château-Chinon, had François Mitterrand zich misschien geen beter perceeltje (voor zijn graf) kunnen aanschaffen.” Ligt Mitterrand daar dan al?

“Het principe van de erfenis is niets anders dan een geformaliseerde versie van het gedrag van ouders die hun kinderen naar voren duwen om de optocht beter te kunnen zien.” Willen die ouders de optocht dan zelf beter kunnen zien? Of is bedoeld: om hen (de kinderen) de optocht beter te kunnen laten zien?

“Frankrijk wordt er regelmatig van verdacht erop uit te zijn de Amerikaanse aanwezigheid op het Europese vasteland te willen verkleinen of doen ophouden.” Als je op iets uit bent, wil je het; willen dus overbodig.

“Al lang voor de opvoering van de Ring was Wagner een omstreden figuur, niet in het minst door zijn flamboyante levensstijl.” Als zijn flamboyante levensstijl niet in het minst (= helemaal niet) heeft bijgedragen tot zijn omstredenheid, waarom die dan vermelden?

“De ironie van de Srebrenicatragedie is dat de door Dutchbat verzochte luchtsteun werd onthouden en later van Den Haag niet mocht krijgen.” Wat is het onderwerp in deze zin? Luchtsteun. Maar dat klopt dan niet met het tweede deel van de zin, want daarin is luchtsteun kennelijk lijdend voorwerp.

“Een van de eerste dingen die ons daar door reeds ter plaatse wonende Nederlanders werd verteld...” Waar slaat die op? Niet op dingen, want dan zou het werden verteld zijn. Het kan ook niet op een (van de eerste dingen) slaan, want het is het ding.

Idem: “Carla Bogaards is een van de weinige literaire talenten die haar werk zelf over het voetlicht kan brengen.”

In de volgende zin heeft de schrijver de klok horen luiden: “Het is één van de boeken dat ik op iedere pagina kan opslaan.. .”, om dan de mist in te gaan: “... en dan meteen weet hoe het verder gaat.”

“In 1850 verschijnt Das Judentum in der Musik, een ongecontroleerde uiting van antisemitisme.” Wie zou die uiting moeten hebben gecontroleerd? Of is bedoeld: uncontrolled (onbeheerst)?

“De bakken worden onderhouden en zijn ook verzekerd tegen vernieling en diefstal. Om aan het laatste te kunnen voldoen worden een aantal bakken in reserve gehouden.” Om aan diefstal te kunnen voldoen? Zo niet, is dan het in reserve houden van bakken een verzekering tegen diefstal?

“...de radiopraatjes van Schermerhorn waren evenmin een lang leven beschoren.” Waren die praatjes beschoren? Of was hun een kort leven beschoren?

“...de ervaring heeft geleerd dat het door de verscheidenheid aan opvattingen en belangen welhaast onmogelijk is een uitweg te zoeken in geclausuleerde en met uitzonderingen belaste regelgeving, die helderheid en begrijpelijkheid voor een breder publiek in de weg zullen staan.” Het lijkt mij wel mogelijk een uitweg te zoeken, maar moeilijker hem te vinden. En: zullen helderheid en begrijpelijkheid die regelgeving in de weg staan? Of zal die regelgeving helderheid en begrijpelijkheid in de weg staan?

“Hij was een man met een warm hart en had het in zich om verzoenend te kunnen optreden.” Als hij dat in zich had, kon hij het; kunnen is dus overbodig.

“Wij hebben hem nog verschillende malen gezien en troost proberen te geven.” Het hem in het eerste deel van die zin is een ander hem dan het (verzwegen) hem in het tweede; respectievelijk vierde en derde naamval.

“Met ingang van 1 januari 1996 wijzigen enkele posttarieven.” Wat wijzigen ze?

“Mozes voelt dat hij tekort heeft geschoten.” Heeft hij geschoten of is hij (te kort) geschoten?

“Meestal overtreffen deze meesterwerkjes zelden het formaat van een speelkaart.” Meestal zelden?

“Het potje moet niet op de kookplaat of in de oven worden gezet, omdat het anders breekt.” Of: omdat het dan breekt?

“Ver van huis, gekleed in een kemeja van batik of in een sarong is de durf groter dan in Den Haag.” Geklede durf?

“Als eerste landen uit het voormalige communistische Oostblok worden de nationale munten van de Tsjechische en Slowaakse republieken vrijwel convertibel.” Zijn munten landen?

“De vrouw wordt moord ten laste gelegd en is vandaag voorgeleid aan de officier van justitie.” Zelfde constructie als: hem wordt moord ten laste gelegd en is voorgeleid.

“'De burgertroep' was haar toch dierbaar en kon ze niet missen.” Zelfde constructie als: hij was mij dierbaar en kon ik niet missen.