Britten lachen in hun vuistje

Europa drijft weer richting Groot-Brittannië en de Britse regering lacht in haar vuistje.

Een jaar geleden werd Groot-Brittannië internationaal nog afgeschilderd als de dwarsligger in Europa. Was Groot-Brittannië niet het meest schizofrene lid van de Europese Unie? Het land dat wel én niet wilde meedoen, dat steeds een uitzonderingspositie eiste.

Het Sociaal Handvest van de Europese Unie geldt niet voor Groot-Brittannie, net zomin als het Akkoord van Schengen dat het vrije personenverkeer tussen de lidstaten regelt. Groot-Brittannië heeft zich ook nooit tot deelname aan Europese Monetaire Unie verplicht.

Volgens een woordvoerder van het Britse ministerie van buitenlandse zaken waart er “een geest van realisme” door de hele Europese Unie.

Bij verdere integratie zullen de naties vanzelf op praktische bezwaren stuiten. Ook de stem van de kiezers kan niet genegeerd worden. Daarom bekeren steeds meer landen zich tot de Britse behoedzaamheid, zegt hij.

Dat flair en snelheid uit het Europese integratieproces zijn verdwenen, komt de Britse regering goed uit. Volgens John Barnes, lector Overheidszaken aan de London School of Economics, heeft die ontwikkeling het Britse kabinet in staat gesteld om zich nog iets gereserveerder tegenover de Europese Unie op te stellen. Met ferme uitspraken over de Britse belangen die niet aan een “kunstmatige consensus, een nepeenheid” zullen worden opgeofferd, paaiden premier Major en minister van buitenlandse zaken Malcolm Rifkind de anti-Europese rechtervleugel van de Conservatieven, zonder de pro-Europese linkervleugel tegen zich in het harnas te jagen.

Met nauwverholen genoegen heeft de Britse regering het momentum voor verdere Europese integratie zien verslappen. Ook de recente problemen die invoering van een Europese munt bedreigen, spelen de terughoudende Britten in de kaart.

De Britse minister van financiën, Kenneth Clarke, geniet zichtbaar van de sterke positie die Groot-Brittannië inneemt in het monetaire debat.

Groot-Brittannië heeft steeds alle opties opengehouden. Londen zou alleen maar meedoen als het Brits economisch belang daarmee was gediend. Maar de vrees was groot dat een Duits-Frans monetair monsterverbond de Britten weinig keuze zou laten. Maar het is nog maar de vraag of Frankrijk tijdig aan de economische criteria voor de EMU kan voldoen en of Duitsland dan bereid is om de criteria te versoepelen.